Gouden tip op kerstborrel in de City: koop ABN

2007 was het jaar waarin een brief tot een revolte leidde. Hedgefonds TCI riep ABN Amro-beleggers op in actie te komen en slaagde in het opbreken van de bank. Hoe werkt ontketend kapitaal?

„Hmm, HHHMMMM, hhhmmmm, hummm, HUMMMM, mmmmm. Call you right back.”

Een minuut of meer hummen aan de telefoon is heel gewoon, weten mensen die regelmatig zaken met hem doen. Dan is-ie tegelijkertijd aan het mailen, of iemand wil hem op kantoor dringend iets vertellen, of hij heeft een andere lijn, of hij is afgeleid door iets op een van z’n nieuws- en beursschermen, of alle vier tegelijk.

De ‘hummer’ is Christopher (roepnaam: Chris) Hohn, de 40-jarige oprichter van het speculatieve beleggingsfonds TCI dat op 20 februari met een kwaaie brief een beleggersrevolte ontketent bij ABN Amro.

Vanaf dat moment laat Hohn niet meer los. Als in april duidelijk wordt dat ABN Amro de inzet is van een biedingsstrijd, houdt hij voortdurend de druk op de ketel ten gunste van de hoogste bieder. Hij bestookt de top van ABN Amro met e-mails om bestuursvoorzitter Rijkman Groenink te ontslaan. Hij dreigt het ministerie van Financiën en De Nederlandsche Bank per brief met een schadeclaim van 10 miljard euro.

De top van ABN Amro zoekt zijn heil in een overname door de Britse bank Barclays, maar de aandeelhouders dwingen een hoger bod af van 38 euro per aandeel. Totaalwaarde: 70 miljard euro. Royal Bank of Scotland, de Spaanse bank Santander en de Belgisch-Nederlandse bank en verzekeraar Fortis breken de bank nu op.

Wie is die Hohn? De man die sinds de oprichting in 2003 van TCI, voluit The Children’s Investment Fund, een reputatie als succesvolle agitator heeft opgebouwd.

Zijn publieke reputatie is gestoeld op anderhalf wapenfeit. In 2005 dwingt hij met steun van beleggingsfondsen en geldbeheerders de Duitse beursexploitant Deutsche Börse om de overname van de Britse beurs te staken. De top van Deutsche Börse ruimt het veld. De Duitse zakenelite siddert. Voor het eerst valt het woord sprinkhanen om beleggers als TCI te typeren.

Hohns halve wapenfeit: oppositie tegen de fusie van de beurzen Euronext en New York Stock Exchange. TCI dwingt Euronext om een motie met andere opties op de agenda voor de aandeelhoudersvergadering te zetten. Als het zover is, zwijgt TCI. De koerswinsten zijn al binnen.

Hohn mijdt de schijnwerpers. Dat draagt bij aan de mythevorming. „Hij is een onopvallende man”, zegt een Nederlandse belegger die hem dit voorjaar sprak. De Brit is geen jasje-dasjeman. „Hij droeg die dag een zwarte coltrui.”

„Wat ik het meest opvallende aan hem vind was dat hij doordrenkt is van een economisch rechtvaardigheidsgevoel”, zegt iemand met kennis van zaken. „Hij vond dat die prachtige activiteiten van ABN Amro een ondermaats rendement opleverden. Dat was hem een doorn in het oog.”

Op 10 januari 2007 staat Hohn oog in oog met Groenink. Het is druilerig winterweer, winderig. Regen hindert de vergezichten tot Zandvoort vanaf de top van ABN Amro’s hoofdkantoor aan de Amsterdamse Zuidas.

Groenink is op zijn hoede. Om meerdere redenen. Twee maanden eerder, op 3 november, heeft hij ontbeten met Martin Hughes, de manager van Toscafund, een hedgefonds dat graag bankaandelen koopt en een klein fortuin verdiende na het herstel van de verzwakte Duitse Commerzbank. Hughes klaagt over de kostenoverschrijdingen bij ABN Amro en zet in op gesprekken tussen Groenink en Royal Bank of Scotland (RBS).

Juist de dag vóór het gesprek met Hohn, op 9 januari, heeft Groenink directievoorzitter Sir Fred Goodwin van RBS gesproken. Heeft Tosca, waar Goodwins voorganger een topbaan heeft gekregen, iets met Goodwin bekokstoofd? De Schot ontkent alles.

Groenink weet dat niet alleen Tosca de laatste maanden aandelen koopt. „Jullie zijn in play bij de hedgefondsen”, zegt een Britse vermogensbeheerder in december 2006 tegen een ABN Amro-insider. Het nieuwtje deed in Londen de ronde op een City-kerstborrel. ABN Amro heeft dan haar zogeheten defense committee al geactiveerd: meerdere bestuurders plus cruciale stafmedewerkers die de beurshandel in het aandeel van de bank dagelijks in de gaten houden en het draaiboek klaar hebben voor een ongewenst overnamebod.

ABN Amro houdt al regelmatig contact met meerdere hedgefondsen. Zij hebben de slimste beleggers in de business. „De hedgefondsen betalen hun mensen het beste, en die mensen zíjn ook het beste.”

Hohn komt die tiende januari niet alleen. Zijn metgezel is Davide Serra, een voormalige zakenbankier die een half jaar eerder, met onder meer geld van TCI, zijn eigen hedgefonds is gestart. De naam: Algebris. Kantooradres: Clifford Street nummer 7, in de Londense wijk Mayfair. Hetzelfde adres als TCI.

Zij hebben op dat moment samen een belegging in ABN Amro ter waarde van zo’n 500 miljoen euro. Dat is ruimschoots genoeg voor een uitgebreide ontvangst, inclusief een ontmoeting met Groenink zelf.

Hohn en Serra komen klagen over de kostenoverschrijdingen en zeggen dat het beter moet. Groenink houdt zijn peptalk. Dit jaar zal de bank eindelijk de kosten laten dalen en het rendement zal stijgen: 2007 is het jaar van de waarheid.

Hohns reputatie als hork is hem vooruitgesneld. De ABN Amro-delegatie kent het voorval van een eerdere ontmoeting van Groenink met Hohn, op een beleggersbijeenkomst in het Landmark Hotel, om de hoek van Regent’s Park in Londen. Hohn komt te laat binnen, groet niet, roept een vraag en beent weer weg. Dit keer is de sfeer niet vervelend, zegt iemand met kennis van wat daar over tafel ging. „Hohn lachte, en schudde zelfs handjes.”

Hohn en Serra geven op 10 januari ABN Amro twee kwartalen de tijd om haar prestaties te verbeteren. Bij het afscheid kijkt Hohn door de grote ramen de Zuidas af, richting Schiphol, richting ING’s glazen schoenkantoor. Hij zegt: „Het enige wat ik niet kan tegenhouden is een fusie van jullie met ING.” Hij vreest dat hij niet tussen een ‘nationale oplossing’ voor ABN Amro kan komen, zeker als die politiek gedekt wordt.

Een dag later gebeurt iets wat pas later een merkwaardig toeval zou gaan heten. In een rapport, gedateerd 11 januari, komt een analist van zakenbank Merrill Lynch met een uitgebreide analyse over ABN Amro. Daarin staan enkele voor zo’n rapport ongewone passages, zoals tekst en uitleg over de manier waarop een aandeelhouder in Nederland eigen voorstellen op een aandeelhoudersvergadering op de agenda kan krijgen.

De Merrill Lynch-analist staat hoog aangeschreven bij ABN Amro. Een rapport uit onverdachte hoek. Het wordt een meer dan merkwaardig toeval als Merrill Lynch twee maanden later als zakenbank het consortium bij elkaar brengt dat een tegenbod onderneemt nadat ABN Amro heeft aangekondigd met Barclays samen te gaan.

Het is ruim een maand later, op 20 februari, als ’s avonds laat opeens een kwaaie brief met bijlage arriveert van TCI. Het zijn samen zes kantjes.

[Vervolg ABN Amro: pagina 14

ABN Amro

Iedereen die dwarsligt krijgt een dreigbrief

[Vervolg van pagina 13] Geadresseerd aan het hoofd investor relations van ABN Amro. TCI blijkt niet de persoonlijke e-mailadressen van Groenink of president-commissaris Arthur Martinez te hebben. Maar wel het adres van persbureau Bloomberg, dat al snel over een kopie beschikt.

De inhoud: het rendement van ABN Amro-aandeelhouders is terrible geweest. TCI heeft naar eigen zeggen meer dan 1 procent van de aandelen, genoeg om vijf eigen voorstellen op de agenda van de aandeelhoudersvergadering te zetten. De hoofdlijn van de voorstellen: ABN Amro moet zichzelf rap verkopen of opbreken.

De brief trilt nog dagen na, zegt een adviseur. Het defense committee is nu permanent in touw. Al doende ontspint zich een ijzeren regelmaat: om 8.30 uur telefonisch overleg met de hoofden van de pers- en de beleggersafdeling, om 11.00 uur telefonisch overleg met de talloze adviseurs. Na 21 maart komt daar om 18.00 uur een telefonisch trans-Atlantisch overleg bij met de speciale driehoofdige commissie uit de raad van commissarissen die een eerlijk overnameproces moet handhaven.

Waarom gaf TCI ABN Amro aanvankelijk zes maanden, maar uiteindelijk maar zes weken? Het antwoord, zo opperen betrokken bankiers, heeft te maken met de machtsstrijd bij de Italiaanse bank Capitalia, waarin ABN Amro een cruciale aandeelhouder is. Hedgefonds Algebris is ook een Capitalia-belegger en vreest een daling van zijn ABN Amro-aandelen als de Nederlandse bank een bod zou doen. Een bod dat nooit zo hoog zou zijn als op een veiling waar Capitalia aan de hoogste bieder wordt verkocht. Bovendien steunt ABN Amro in de machtsstrijd president-commissaris Cesare Geronzi van Capitalia, terwijl Algebris en de Londense hedgefondsen juist directievoorzitter Matteo Arpe prefereren.

De brief van TCI „snijdt als een mes door de boter”, zegt een insider. De brief laat de koers steigeren. De hedgefondsen breken los.

Onder de kopers is RIT Capital, een beleggingsfonds dat geleid wordt door lord Jacob Rothschild. Chris Hohn is er commissaris. Het fonds gaat voor de snelle winst. Op de peildatum van het jaarverslag, 31 maart, heeft RIT voor 45 miljoen euro ABN Amro-aandelen, die een half jaar later alweer blijken te zijn verkocht. „Hohn heeft de hele hedgefondsgemeenschap in Londen gemobiliseerd om aandelen ABN Amro te kopen”, zegt een bron binnen de bank stellig.

Maar buiten de van nature gesloten hedgefondsen weet niemand wat er precies gebeurt. De handel in aandelen ABN Amro schiet omhoog. In New York, Londen en Amsterdam komen onderzoeken op gang naar de handel in de bank, maar die leiden niet tot maatregelen.

Niemand van de betrokken partijen maakt zich veel illusies, maar concrete bewijzen voor samenspanning ontbreken. Het is een klein wereldje, zegt de een. De grote hedgefondsen weten wel van elkaar wat hun belangrijkste aandelenpakketten zijn, zegt een ander. Een derde: hedgefondsen hoeven niet eens afspraken te maken, want met de brief van TCI wist iedereen hoe groot de kansen op een overname waren.

Steeds meer hedgefondsen melden zich in de loop van maart en april bij de ABN Amro-afdeling die contacten met beleggers onderhoudt met de mededeling dat zij als aandeelhouder even willen bijpraten. Tussen de brief van TCI op 20 februari en de acceptatie van het bod van het consortium half oktober wisselen meer dan 4 miljard aandelen van eigenaar. Dat is meer dan tweemaal het complete aandelenkapitaal van ABN Amro.

Wat had ABN Amro anders kunnen doen na de TCI-brief dan wat de bank heeft gedaan? ABN Amro wilde een beleggersvriendelijk beleid blijven voeren, zegt een adviseur. „Zij speelde geen hard ball tegen TCI.” De hedgefondsstorm voorblijven, was het devies. Eerst met de ING-fusie. Toen dat mislukte met Barclays. Het enige wat tijd zou hebben opgeleverd, was het vertrek van Groenink, zegt een adviseur. Maar dat wilde niemand, de commissarissen niet, Groenink ook niet.

Voorafgaand aan de aandeelhoudersvergadering van 26 april in Den Haag is 30 tot 40 procent van de aandelen in bezit van de hedgefondsen. Daar stemmen beleggers over de voorstellen van TCI. Op de vergadering is TCI vertegenwoordigd door zijn pr-man en door de Nederlandse advocaat Frank Peters van kantoor SpigtHoff. Als Serra van Algebris, die in de notulen als De Serra wordt aangeduid, een vraag stelt, zegt Groenink: „Mijnheer Serra is gelieerd aan TCI, voor diegenen in de zaal die dat niet weten. TCI, dat ook de brief geschreven heeft.” De TCI-advocaat reageert droogjes dat Serra geen vertegenwoordiger is van TCI en dat er een „bijzonder grote” afstand is tussen de twee fondsen.

De koers van ABN Amro staat die dag op 36 euro, 10 euro meer dan de dag dat de TCI-brief arriveerde. Het consortium van Royal Bank of Scotland wil het bod van Barclays gaan overtreffen.

Terwijl de ABN Amro-top de overname door Barclays nog probeert te redden, groeperen de hedgefondsen zich. Wanneer directeur Peter Paul de Vries van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) een dag naar Londen gaat om beleggers te spreken, zijn zij zeer geïnteresseerd. Zij laten zich informeren over de rechtszaak van de VEB over de verkoop à 21 miljard dollar van de Amerikaanse ABN Amro dochter LaSalle. Maar zij zijn ook verbaasd. Hoeveel aandelen heeft de VEB? Bijna niets? Incredible. Hoeveel gaat het De Vries opleveren? Niks? Zij begrijpen er niets van.

TCI houdt vervolgens het proces van de biedingen onder permanente pressie. Iedereen die het hogere bod van het consortium kan frustreren, krijgt – afhankelijk van de fase van het overnameproces – een of meer brieven of e-mails. Weet wat u doet als u het bod van het consortium tegenwerkt, is de strekking. Aan president-commissaris Arthur Martinez van ABN Amro: ontsla Groenink! Aan centralebankpresident Wellink en minister Bos van Financiën: 10 miljard euro schadeclaim als er geen fiat komt voor het consortiumbod.

De brief van TCI aan Financiën en De Nederlandsche Bank is gedateerd 15 augustus. Vijf dagen eerder breekt er paniek uit op de financiële markten, als gevolg van de kredietcrisis. De koers van ABN Amro keldert met 11 procent. Beleggers gooien hun aandelen tegen elke prijs op de markt. Geruchten dat het consortium zijn bod terugtrekt scheppen extra onrust.

Voor TCI staat op dat moment bijna 3 miljard euro op het spel. „Reken maar dat sommige hedgefondsen met het zweet in hun handen zaten omdat zij zoveel kapitaal hadden ingezet op deze ene transactie”, zegt iemand met kennis van hun handelen. Overal gonst die ene vraag: kan het consortium onder het bod uit?

Op maandag 17 september gaat minister Bos van Financiën akkoord met de overname door het consortium.

Op vrijdagmiddag 5 oktober om 15.00 uur verstrijkt de termijn waarop beleggers hun aandelen kunnen aanbieden aan het consortium. Aan de Zuidas dooft heel even – symbolisch – het licht in de immense ABN Amro-dealingroom.

Derde en laatste deel van een reconstructie van de overname van ABN Amro. Eerdere afleveringen zijn te lezen op nrc.nl/abn