‘Eline’s gedweep herken ik wel’

De actrice Maria Kraakman (32) speelt de titelrol in het toneelstuk ‘Eline Vere’, naar het boek van Couperus. „Eline praat niet graag over onsjes achterham.”

Maria Kraakman als Eline Vere bij het Nationale Toneel, regie Leon van de Sanden. foto Leo van Velzen Den Haag, 15-12-07. Beeld uit de voorstelling "Eline Vere" bij het Nationale Toneel onder regie van Leon van de Sanden, met in de titelrol Maria Kraakman. Foto Leo van Velzen. Velzen, Leo van

Volgens Louis Couperus eindigt het leven van Eline Vere als volgt: ‘„O God!” kreunde zij, „O God! O God! Laat me slapen, laat me slapen, ik smeek u, laat me slapen!’’ Toen schoot haar een gedachte door het brein. Als ze nog enkele druppelen meer dronk dan de dokter uit Brussel haar had voorgeschreven? Zou dat kwaad kunnen? Zij nam het flesje om de drie druppels te tellen. Een… twee… drie… vier… vijf… En zij dronk.’

Eline is een jonge vrouw, een morfiniste, die lijdt aan het leven; het leven in de hogere kringen van Den Haag, rond het fin de siècle. Het Nationale Toneel, ook uit Den Haag, brengt Couperus’ roman op de planken. Met Maria Kraakman (32) in de hoofdrol.

„Dat milieu van haar,” zegt Kraakman, „lijkt mij verschrikkelijk. Eline Vere heeft tijdens haar leven zoveel tijd om na te denken, om zich te vervelen. En dan dat geroddel, die benauwdheid. Iedereen houdt elkaar op de plek. Iedereen néémt een plek in. Maar Eline kan haar plek niet vinden.”

Maria Kraakman zit in de artiestenfoyer van Het Nationale Toneel aan het avondeten. Straks moet ze repeteren. Haar tere verschijning past bij het broze gestel van haar personage. Maar Kraakman heeft wèl haar plek gevonden. Voor haar aandeel in de film Guernsey won zij onlangs een Gouden Kalf.

„Eline had ook actrice moeten worden”, meent Maria Kraakman. „Ze heeft veel fantasie en is heel theatraal. Voortdurend kijkt ze naar zichzelf als naar een personage uit een roman of een drama. Maar in haar tijd stond het vak van actrice gelijk aan prostitutie. Voor haar is die weg afgesloten.”

Misschien zou ze er ook de wilskracht niet voor hebben. Ze lijkt nogal indolent. Of zoals Kraakman zegt: „Eline Vere is geen leuke vrouw. Ze zoekt zo wanhopig naar haar geluk dat het haar steeds ontsnapt. Ze kan zich geen moment ontspannen. Haar gedweep met een operazanger, haar verliefdheid die een obsessie wordt omdat ze niets anders te doen heeft, haar droom van groots en meeslepend leven: dat herken ik allemaal, alleen wint bij mij uiteindelijk steeds het praktisch denken.”

Nee, geestesziek is Couperus’ heldin volgens Kraakman niet. „Ze kan zich niet aanpassen aan de banaliteit van het leven, dát is haar probleem. Gesprekken in de trant van: ik heb achterham besteld bij de slager, daar kan zij niet mee omgaan. Zij houdt alleen van mooie dingen en dat is een beetje onhandig.”

Daarbij komt nog haar besluiteloosheid: „Zelfs haar zelfmoord is geen keuze. Ze denkt: ach, nog maar een druppeltje en nog één. Ineens is ze dood, zoals ze ook ineens aan de morfine was, zonder het echt te willen.”

Morfine, geëxalteerdheid, decadentie; is dat alles niet iets van een andere tijd? „We hebben nu meer ontplooiingsmogelijkheden. Maar de vragen die in Eline Vere gesteld worden, zijn van alle tijden. Het zijn vragen als: wie ben ik, waar hoor ik thuis, wat wil ik, wat voel ik, wat is mijn lot?”

Regisseur Léon van der Sanden plaatst de acteurs in een strak decor. Kraakman: „Dat geeft het publiek ruimte voor de eigen fantasie. Voor ons acteurs is het moeilijk, want elk gebaar valt op, we moeten heel helder spelen.” Ze draagt, in het begin, een kostuum met een queue’tje. „Bijna geharnast, net als de kostuums van de anderen. Zodat je duidelijk het beeld krijgt van mensen die hun gevoel onderdrukken. Alles wordt ingesnoerd.”

Couperus’ werk laat zich goed naar het toneel transponeren. De even gevoelige als objectieve karaktertekeningen, de treffende milieuschilderingen en vooral de levensechte dialogen: dat alles leidde tot een lange reeks bewerkingen. Van Ger Thijs bijvoorbeeld, ook al voor Het Nationale Toneel. Om diens Kleine Zielen en Oude Mensen te overtreffen, zal voor Van der Sanden nog moeilijk worden. In zijn bewerking zijn veel romanpersonages gesneuveld en van Couperus’ breedsprakigheid is maar weinig over: „Het toneelstuk scheert over de toppen van het boek heen. Het is volkomen manisch. Zo proberen we Elines nachtmerrie te tonen.’’

Première ‘Eline Vere; morgen in de Koninklijke Schouwburg te Den Haag. Daar t/m 30 december; tournee t/m 23 maart. Info: 0900-345678.