Dieven stelen werken uit museum Sao Paulo

De Braziliaanse politie maakt nog jacht op de criminelen die gisterochtend het Museu de Arte de São Paulo (Masp) van twee topstukken beroofden. Uit het belangrijkste museum van Latijns-Amerika werden even na vijf uur ’s ochtends een schilderij van Pablo Picasso (Portret van Suzanne Bloch, 1904) en een van de Braziliaanse schilder Cândido Portinari (De koffiewerker, 1939) ontvreemd. De waarde wordt geschat op minstens 50 miljoen euro.

De kraak werd zeer professioneel uitgevoerd. Volgens de politie waren de dieven er binnen drie minuten met de buit vandoor.

Experts suggereerden gisteren in de Braziliaanse pers dat de olieverfschilderijen mogelijk zijn ‘gekidnapt’. Vanwege hun bekendheid is het schier onmogelijk dat de werken verkocht worden en daarom zouden de dieven ze mogelijk voor ‘losgeld’ aan het museum terug willen verkopen.

De zoon van Portinari zei tegen de krant O Globo die inschatting te delen. „Alleen een miljonair met een kamer met zeven sloten erop zou het kunnen kopen, zonder het dan tentoon te kunnen stellen. Ik vind die gedachte ondenkbaar in de wereld van vandaag.”

De politie gaat er vooralsnog echter vanuit dat de werken in opdracht van een rijke kunstverzamelaar zijn gestolen.

De dieven kwamen binnen door de voordeur te forceren met hydraulisch gereedschap en een ouderwetse koevoet. Op het moment van de kraak waren drie bewakers aanwezig. De inbrekers wisten vervolgens van een wisseling van de wacht gebruik te maken en via de trap de juiste verdieping te bereiken. Beide werken hingen op dezelfde etage, maar in afzonderlijke zalen. Bij een eerdere kraak in het Masp, eind oktober, namen dieven de lift maar ze werden voortijdig ontdekt en moesten de benen nemen. De politie houdt er daarom rekening mee dat dit dezelfde dieven zijn.

Gisteren meldde een briefje op de deur van het museum de hele dag wegens ‘technische redenen’ gesloten te blijven.