Dappere Dieren

Alleen achterlijke boerenkinkels schieten op roofvogels. Want roofvogels zijn niet alleen mooi, ze zijn ook nuttig; ze vangen muizen, en van muizen komen er gauw teveel.

Dat muizen niet van roofvogels houden, goed, dát kan ik begrijpen. Maar mensen hebben niets te vrezen van roofvogels.

Nooit? Nou, een heel enkele keer dan wel, misschien. In 1977 was bij het plaatsje Delava in Illinois (Amerika) een jongetje van tien jaar, ene Marlon Lowe, aan het buitenspelen. Plotseling werd hij gegrepen door een ‘reusachtige gierachtige vogel’. Hij werd de lucht in getild, hij werd een paar meter voortgevlogen; toen kreeg zijn moeder hem in de gaten. Mevrouw Lowe zag haar zoontje bungelen, en ze zag nog een tweede monstervogel in zijn buurt. Ze zette het op een krijsen.

Daarop liet de vogel zijn slachtoffertje los, en samen wiekten die beesten weg. In totaal acht mensen zagen die vogels, die ze later beschreven als ‘condorachtig’. Ze hadden witte ringen om hun kale nekken.

Maar wat waren het? De geleerden zijn het er nooit over eens geworden. Want het wáren geen condors. Die komen daar niet voor en hun poten zijn te zwak om zoveel gewicht op te tillen. Wat het dan waren? Niemand die het weet. Maar dat het gebeurd is, is zeker. Die vogels zijn daarna nog zes keer gezien, en zelfs een keer gefilmd. Het is een groot mysterie… Marlon heeft het overleefd. Zijn haar is er grijs van geworden, dat wel. Want Marlon weet, als enige mens, hoe het voelt om een muis te zijn.

Daan Remmerts de Vries