Cold turkey in bestuurskamers

Eigenlijk zijn ook de aandeelhouders schuldig, maar niemand praat erover. Wel over de bestuurders. Die vangen veel, en soms veel te veel. Dan is er weer een exces. De commissarissen zijn niet streng genoeg en houden het dus niet in de hand. En de wetgever? Moet die nieuwe regels stellen of niet? Of een beetje?

Het ging deze week weer eens over de topbeloningen. De commissie-Frijns vindt dat commissarissen bonussen moeten beperken, beloningsstructuren moeten vereenvoudigen en meer transparant moeten zijn. Maar de overheid moet niet ingrijpen, want dat is een bot middel en zorgt voor verslechtering van het vestigingsklimaat. Vindt Frijns. En eigenlijk ook minister Bos. Want hij bestudeert wel een paar mogelijkheden om de excessen te voorkomen, maar zei deze week dat ook hij veel verwacht van zelfregulering.

Van aandeelhouders is weinig te verwachten, daar is ook iedereen het over eens. Terwijl ze in de Code Tabaksblat die rol wel toebedeeld kregen. Juist omdat de macht van aandeelhouders in Nederland versterkt moest worden.

Een aantal hedgefondsen uit het buitenland heeft van de nieuwe mogelijkheden goed gebruikgemaakt bij hun snode plannen om hun rendement te verhogen door bedrijven als ABN Amro of Stork te dwingen zich op te laten breken. Maar de traditionele institutionele aandeelhouders in Nederland laten weinig van zich horen. Ook niet over beloningen.

Dat constateert ook de commissie van Jean Frijns, die zelf tot 2005 directeur was bij pensioenfonds ABP. Nu doen de bedrijfstakpensioenfondsen het goed, want zij leven voor 100 procent de Code Tabaksblat na. Dat betekent dat ze braaf verschijnen op de aandeelhoudersvergaderingen en inzicht geven in hun stemgedrag. De vijf grootste ondernemingspensioenfondsen (60 procent naleving) en levensverzekeraars (naleving 53 procent) laten het veel meer afweten.

Tegen beloningsvoorstellen stemmen doen weinig aandeelhouders. In 2006 maar door 2,75 procent op de aandeelhoudersvergaderingen, in 2007 door 2,94 procent. Ook bij de AEX-fondsen, waar de echte grootverdieners zitten, werd maar door 3,44 procent tegengestemd, blijkt uit onderzoek dat de commissie heeft laten uitvoeren. Met de excessen is dus braaf ingestemd.

Dus maar de commissarissen meer zelfdiscipline opleggen. Een moeilijke opdracht. Die commissarissen waren vaak de bestuurders die in 1997 al door premier Kok van exhibitionistische zelfverrijking werden beschuldigd. De commissarissen van morgen zullen voor een groot deel de bestuurders van vandaag zijn. Het is alsof je de ene junkie vraagt om de andere junkie van een verslaving af te helpen.

Daan van Lent