Verdachte bij elke brand aanwezig

Niet voor niets is de van brandstichting verdachte jongen buiten het kleine ’t Zandt aangehouden. De politie was beducht voor grote commotie in het dorp.

Het is tekenend voor de gespannen stemming in ’t Zandt. De 20-jarige verdachte van negentien brandstichtingen en zijn even oude vriendin zijn bewust niet in het dorp zelf aangehouden, maar in hun auto in Groningen. Dit verklaarde de Groningse plaatsvervangend hoofdofficier R. van Leest gisteren na een persconferentie in Groningen.

Een aanhouding in de kleine dorpsgemeenschap (890 inwoners) van de verdachte zou te veel commotie hebben gegeven, aldus Van Leest. De politie zag de verdachte eerder die dinsdag een schuurtje in Eenum (ten zuiden van ’t Zandt) in- en uitlopen. Binnen werd een brandende kaars aangetroffen, en ander brandbaar materiaal.

De politie hield de 20-jarige hoofdverdachte al een week in de gaten. Hij werd 24 uur per dag geobserveerd. Ook zijn telefoon werd afgetapt. De man was als toeschouwer aanwezig bij diverse branden in het Groningse dorp. Onlangs werd hij als getuige van een brand gehoord. Omdat de tijdstippen die hij noemde niet klopten, werd hij interessant. Een fles en een sokje van Bob de Bouwer, die werden aangetroffen op plaatsen waar geprobeerd was brand te stichten, leidden uiteindelijk naar de hoofdverdachte. Hoe precies, wilde de politie niet kwijt. Evenmin wil men iets zeggen over de inhoud van zijn verklaringen. En of hij bekend heeft.

De vriendin was op de hoogte van de brandstichtingen, aldus het OM. „Uit de aard van de afgeluisterde telefoongesprekken blijkt dat ze daarvan geweten heeft”, zei Van Leest. De twee verdachten worden morgen voorgeleid aan de rechter-commissaris.

’t Zandt is klein, dus iedereen in het dorp kent de verdachte. Superaardig, behulpzaam, keurig gekleed, groet iedereen vriendelijk. Maar de 20-jarige man zou ook een man met twee gezichten zijn en een mooiprater. De man gaf na een recente brandstichting commentaar op RTV Noord. „Toen al dacht ik: huichelaar”, vertelt een bewoonster die niet met haar naam in de krant wil. „Ik voelde dat hij er iets mee te maken had. Hij heeft al diverse inbraken gepleegd. Hij brengt folders rond en kent het dorp op zijn duimpje.” Een andere inwoonster is evenmin verrast. „Hij had meer op zijn kerfstok. Hij staat hier bekend als de bonte hond en heeft een behoorlijk strafblad.”

De woning van de verdachte man, die nog bij zijn ouders in huis woont in ’t Zandt, is doorzocht. De politie heeft hierbij materiaal in beslag genomen; wat wil men niet kwijt. De politie bewaakt de woning van de ouders overigens. Politiechef W. Westendorp van de basiseenheid Uithuizen had „een bijzonder ingrijpend gesprek” met hen. De ouders zijn overigens niet bedreigd, beklemtoont hij. Een inwoonster zegt vooral „medelijden” met de ouders te hebben. „Het zal je kind maar zijn. Verschrikkelijk.”

Burgemeester A. Rodenboog van Uithuizen is opgelucht. „Ik hoop dat er nu een einde is gekomen aan een periode van onrust en onveiligheid in het dorp.” De eerste brand in ’t Zandt vond in augustus plaats. In oktober werd een permanente politiepost ingericht. Die blijft mogelijk nog tot de jaarwisseling bezet. Verder werden camera’s en bewegingsmelders in leegstaande panden opgehangen. Ook infraroodapparatuur van Defensie werd ingezet.

Agenten legden ongeveer 300 huisbezoeken af bij inwoners en ondervroegen passanten. Verder vond er een expertmeeting met leden van andere korpsen plaats en werd een gedragsdeskundige ingezet. Uit de analyse van die laatste bleek dat de dader een inwoner van het dorp moest zijn. Dit gezien de locaties – veelal achteraf gelegen, leegstaande schuurtjes – waar brand werd gesticht.

Op opzettelijke brandstichting meerdere keren gepleegd staat een maximale gevangenisstraf van zestien jaar. Van Leest zal vragen om een psychologisch en psychiatrisch onderzoek. „We zijn benieuwd naar zijn motieven.”