Schooldiner

De versiering kennen we inmiddels, die hangt er sinds de Sint weer naar Spanje verdween. Dat het besneeuwde treintje rondjes rijdt om de vet neppe kerstboom weten we nu wel. De kerstmuziek die ons al twee weken ’s ochtends begroet, komt onze oren uit. Maar op de avond van het kerstdiner lijkt het oude vertrouwde schoolgebouw toch ieder jaar weer betoverd.

Op de trappen van de centrale hal zullen zeker honderd waxinelichtjes branden in ijverig beplakte Olvaritpotjes. Zoals gewoonlijk zal op de onderste treden het ouderkoor staan. Hun Jingle Bells zal ongetwijfeld nog mooier klinken dan vorige jaren, ze zijn dit keer immers al in oktober met de repetities begonnen. De directeur zal rondlopen in een kerstmanpak en zijn bijbehorende bel flink laten rinkelen. Omdat hij er zonder pak ook al als een kerstman uitziet, is ’ie mét vast niet van echt te onderscheiden.

De kinderen zullen ieder naar hun klas gaan, waar de juffen en meesters hen opwachten in hun meest glanzende kerstkleren. Er zullen gehaktballetjes, appelmoes, zalmrolletjes, nasi, frietjes, kippenpootjes en dertien soorten verrassingstoetjes zijn (een voorspelling op basis van de intekenlijst). Tijdens het eten zullen de juffen en meesters een spannend kerstverhaal voorlezen, waarna het ouderkoor zich om de kinderen schaart voor een zachtjes gezongen Stille Nacht.

Het kerstdiner is een van de hoogtepunten van het basisschooljaar. En dat niet alleen voor de kinderen. Want terwijl die aan tafel zitten, verzamelen hun ouders op het schoolplein en verdrijven de kou met vuurkorven en glühwein. Sinds vorig jaar wonen wij pal tegenover de school; de ideale locatie voor een spontane afterparty. Omdat zoiets razendsnel traditie kan worden, heb ik voor de zekerheid maar een heleboel drank ingeslagen voor vanavond. En van de worstenbroodjes die ik bijdraag aan het kerstdiner van groep 1, maak ik meteen een paar dozijn extra.

Voor 12 broodjes:

250 mix voor witbrood

150 ml melk

1 eetlepel boter

200 g half-om-half gehakt

1 ei, losgeklopt met 2 el melk

30 g paneermeel

nootmuskaat

Maak met de broodmix, melk en boter een deeg volgens de instructies op de verpakking. Maak het gehakt aan met paneermeel, tweederde van het losgeklopte ei, nootmuskaat, zout en peper. Verdeel het gerezen deeg in 12 stukken en maak er balletjes van die je met een deegroller uitrolt tot repen van 12 cm lang. Maak gehakt-worstjes en leg deze in het midden van de deeglapjes. Bevochtig de randen met water en vouw en plak de broodjes zorgvuldig dicht. Leg ze op de naad op een met bakpapier beklede bakplaat. Laat de worstenbroodjes, afgedekt met een theedoek, een half uur narijzen op kamertemperatuur. Bestrijk ze met de rest van het ei en bak ze in 18-20 minuten goudbruin in de oven op 200 graden.

Janneke Vreugdenhil

Wat maak jij voor het kerstdiner van je kinderen? Vertel erover op nrcnext.nl/uitenthuis/koken