Warme en milde Tiende van Mahler

Klassiek Het Gelders Orkest o.l.v. Martin Sieghart m.m.v. Charlotte Margiono, sopraan. Gehoord: 16/12 De Vereeniging Nijmegen. Herh.: 26/12 Musis Sacrum Arnhem. Inl. 026-4437343. Radio 4: 26/12, 13 uur.

De Kerst-Mahlertraditie bij Het Gelders Orkest, in 1999 ingezet door Lawrence Renes, biedt dit jaar de Nederlandse première van de nieuwste voltooiing van de Tiende symfonie van Mahler.

Deze primeur, die op Tweede Kerstdag op Radio 4 is te horen en deze week op de cd wordt gezet, staat in een lange traditie. De Arnhemse Orkestvereniging, opgegaan in Het Gelders Orkest, speelde het eerst Mahler in dit land: de Derde symfonie, op 17 oktober 1903. Pas vijf dagen later dirigeerde Mahler zelf zijn Derde bij het Concertgebouworkest in Amsterdam.

Mahler liet zijn laatste werk in 1911 goeddeels ongeorkestreerd achter en sindsdien zijn er tal van ‘uitvoeringsversies’ en ‘voltooiingen’, sommige ook weer in diverse versies. Na gedeeltelijke voltooiingen waren er complete voltooiingen van Carpenter, Wheeler, Cooke, Mazetti en Barsjai.

De nieuwste, uit 2001, is van het Italiaanse duo Nicola Samale en Giuseppe Mazzucca. Martin Sieghart, de chef van Het Gelders Orkest, dirigeerde ook de wereldpremière van deze versie bij de Wiener Symphoniker. De Israelisch-Amerikaanse dirigent Yoel Gamzou werkt nog aan zijn versie.

Voor wie de Tiende kent in de versie van Deryck Cooke– verreweg de meest gespeelde – komt veel vertrouwd over. De Tiende blijkt dan ook een work in progress met steeds nieuwe toevoegingen en opvattingen – precies zoals Mahler zelf vaak bleef schaven aan zijn muziek.

Maar er zijn ook wezenlijke verschillen, door allerlei toevoegingen en ingrepen, die teruggaan op eerdere symfonieën. Het geheel is vooral in de lange adagio’s warmer en milder van klank, alsof het Adagietto uit de Vijfde als uitgangspunt is gekozen. Het tweede scherzo in het vijfdelige werk klinkt bijna als een remake van de tweede Nachtmusik uit de Zevende.

Maar het opvallendste zijn de frequente toevoegingen van pauken- en tromroffels, die weer lijken ontleend aan de Vierde symfonie: het openen van de hemelpoort aan het slot van het derde deel. Hier worden ze ingezet bij climaxen, die anders zo aangrijpend schrijnend klinken, maar nu worden overstemd door dit pompeuze slagwerk. Het hartverscheurende afscheid van het leven en het langzaam verglijden in de kosmische eeuwigheid is daarmee helaas vrijwel geheel ontkracht.

Charlotte Margiono zingt vooraf op fraaie en indringende wijze zeven liederen van Alma Mahler, die van haar man Gustav na hun huwelijk een componeerverbod kreeg. Het mooie van dit concertprogramma is dat het ook hier een voltooiing betreft: Julian Reynolds orkestreerde op aansprekende wijze de pianobegeleiding voor kamerorkest.