‘Vervloekt door God’

Geert Mak schreef In Europa over de historie van de 20ste eeuw. De VPRO zendt er een serie over uit. Onze correspondent in Moskou praat met een Moskoviet over o.a. revolutionairen en anarchisten.

„Voordat ik je mee naar huis neem, wil ik je eerst iets laten zien”, zegt de 60-jarige Sergej Michajlovitsj. Hij geeft me een arm en voert me de Jaoezastraat in. Ik heb hem zojuist leren kennen op het bordes van de Stalintoren aan het eind van mijn straat.

We zijn aan de praat geraakt over de verkiezingen. „Ik heb op Poetin gestemd”, bekent hij na enig aandringen. „Het maakt toch allemaal niets uit.” En alsof hij me wil afleiden haalt hij uit de binnenzak van zijn Engelse kasjmier overjas ineens een groen militair paspoort tevoorschijn van een officier van de NKVD, Stalins moordbrigade uit de jaren dertig. „Durf je nu nog wel met me om te gaan?” lacht hij, om er aan toe te voegen dat hijzelf van na de oorlog is.

In de Jaoezastraat lopen we door het hek van het classicistische paleis waarin sinds de revolutie van 1917 stadsziekenhuis nummer 23 is gevestigd. Als we bij een zijvleugel komen, wijst hij op een rijk versierde loggia op de eerste verdieping. Engelenfriezen sieren de gevel, het koepelplafond wordt gesteund door zuilen. „Hier had de Franse maarschalk Murat in 1812 zijn hoofdkwartier”, zegt hij. „Vanaf die loggia keek hij zo op het Kremlin. Maar hiervoor zijn we niet gekomen.”

Hij sjokt nu naar een verhoogd plantsoentje waar een zwerfkei ligt. Als hij de stuifsneeuw ervanaf heeft geslagen wenkt hij me naderbij. „Kijk, dit zijn ze”, zegt hij alsof hij het over zijn kinderen heeft. Op de zwerfkei is een zilveren plaquette bevestigd met de namen van 105 jonge mannen en vrouwen erin gegraveerd. Enkele lees ik hardop: Henrik Henrikovitsj Grant 1904-1922, Israel Tenenbaum 1891-1926, Elvira Bilman 1875-1925, Ignati Abakanovitsj 1900-1925, Jean-Albert Michelovitsj Schmidt 1885-1926, Robert Janovitsj Grasi 1901-1923, Henrik Karlovitsj Berkling 1894-1925, Zachar Trofimovitsj Molodkin 1877-1924, Valentina Aleksejevna Ignatova 1894-1925. Jonge revolutionairen uit binnen- en buitenland die in ongenade zijn gevallen en hier hun graf hebben gevonden.

„Ze zijn door Stalin in de Loebjanka vermoord en daarna in het geheim hier begraven”, zegt Sergej Michajlovitsj. „En pas in 1999 is die plaquette er gekomen.”

Ik merk op dat een deel van de slachtoffers voor 1924 is vermoord, toen Stalin nog niet aan de macht was. „Lenin?” vraagt Sergej Michajlovitsj verbaasd.

„Mensjewieken, socialisten-revolutionairen, anarchisten”, zeg ik. „Wie niet voor hem was werd uit de weg geruimd.”

„Trotski, Stalin, Kamenev, Zinovjev”, vult hij aan. „Massamoordenaars, omwille van een ideaal.” Hij pakt me weer bij mijn arm. „Kom”, zegt hij. „Ik breng je weg van deze droevige plek.”

We lopen de poort van het ziekenhuis uit en komen weer in de Jaoezastraat. „Ik wil je nog iets laten zien: de begrafenisonderneming verderop. Met dat pensioentje van mij kan ik straks niet eens een behoorlijke kist voor mijn oude moedertje kopen. Dat is toch idioot. Maar de kisten zijn mooi. Dat kun je van Rusland niet zeggen, dat is vervloekt door God. Anders zaten we hier niet al eeuwenlang in de ellende.”

Zie: nrc.nl/ineuropa; www.ineuropa.nl; zondag het zevende deel van de serie In Europa (Ned.2, 21.10u.).