Goudkleurige en funky Miles Davis

Met Miles Davis: The Complete On The Corner Sessions wordt de erfenis van Miles Davis toegankelijk gemaakt.

Het kost een paar centen, maar dan heb je ook wat.

Miles Davis luisterde in zijn Lamborghini naar tapejes van de componist Stockhausen. Foto Don Hunstein Hunstein, Don

De invloed van componist Karlheinz Stockhausen, onlangs overleden, reikt ver. Ook trompettist Miles Davis was niet ongevoelig voor zijn inbreng. Op het legendarische album On The Corner (1972) paste Davis de lessen van de Duitse gigant toe op meedogenloze, haast ondoordringbare funkritmes. Of: hoe de grooves van Sly Stone en James Brown, de abstractie van Stockhausen en, vooral, de persoonlijkheid van Miles Davis leidden tot een radicale plaat die destijds verfoeid werd, maar achteraf reuze invloedrijk bleek. Heftige, gefixeerde grooves, elektronica en abstractie: ziedaar het canvas voor een hele generatie dance-, elektronica-, postrock- en nu jazzmuzikanten.

De box The Complete On The Corner Sessions ziet er net zo oogverblindend uit als de vorige cd-boxen in de reeks waarmee platenmaatschappij Columbia de erfenis van Miles Davis toegankelijk maakt. Het kost een paar centen, maar dan heb je ook wat: een goudkleurig, metalen omhulsel waarop de funky figuren van de oorspronkelijke On The Corner-hoes in reliëf staan. Met daarin een luxueus soort boekwerk (minder gedetailleerd dan bij de vorige boxen, helaas) en zes cd’s.

De titel The Complete On The Corner Sessions is misleidend, want er staat ook studiomateriaal op van later datum, met andere bezettingen en een alweer opgeschoven muzikale oriëntatie. Maar de sessies voor On The Corner vormen wel de hoofdmoot. Daarvan horen we zowel de ruwe versies als de uiteindelijke, door meesterproducer Teo Macero flink herziene en verknipte plaatversies. De remixcultuur begint, onder andere, hier.

Met zijn albums In A Silent Way en Bitches Brew, beide opgenomen in 1969, zorgde trompettist Miles Davis voor een scheuring in het jazzestablishment. Zijn experimenten met elektrische versterking, rockritmes en vooral een toenemende abstractie joegen velen op de kast. Met On The Corner plaatste Davis zichzelf willens en wetens buiten de jazz.

Davis vond dat zijn muziek te ver was losgedreven van ‘de straat’, van zijn zwarte, Afrikaanse wortels. Hup, op naar het primaat van het ritme en dus naar de funk, al nam hij een eigenaardige omweg. In april 1972 sommeerde hij de jonge Britse cellist Paul Buckmaster, die hij enkele jaren eerder in Londen had ontmoet, om over te vliegen en hem terzijde te staan. In Buckmasters bagage: muziek van de contemporaine componisten Charles Wuorinen en Karlheinz Stockhausen.

Davis was diep onder de indruk van Stockhausens Mixtur en Gruppen, en liet die radicale, van elektronische experimenten bol staande klanken de hele dag op hoog volume door zijn huis klinken. Een zelf aangeschafte cassette van Hymnen draaide overuren in zijn auto. Dat moet me een tafereel zijn geweest: een messcherp geklede zwarte die met zijn Lamborghini door de straten van New York rijdt, de vervormde volksliederen van Hymnen uit het raampje schallend.

Buckmaster noemde On The Corner later „mijn minst favoriete Miles-album” – uiteraard niet in zijn bijdrage aan het boekwerk van deze box, maar in het uitstekend gedocumenteerde boek Miles Beyond van Paul Tingen. Hij vond de ritmes te star en te beperkend. De ritmesectie – twee drummers en een legertje percussionisten – ging op de loop met de door hem uitgeschreven partijen. Maar Miles wist wel beter dan de groove te laten dicteren door een bleke Britse cellist die later zou gaan arrangeren voor onder anderen Elton John.

De suspense van On The Corner zit hem juist in de constante wrijving tussen de verschillende elementen. De slagwerkers leggen een even strak als druk ritmenet aan, waarin elke drumklap (en het zijn er nogal wat) aankomt als een zweepslag. Bovenop dat fundament van zinderende, schiftende polyritmiek doen de overige instrumentalisten hun dingen: korte, gebroken fragmenten, zwiepen die vooral een inkleurende functie hebben, vinnige aanzetten tot solo’s.

De rol van producer en ‘editor’ Teo Macero, zelf een jazzmuzikant en componist die weet van de experimenten in de gecomponeerde muziek van die dagen, is niet te onderschatten. Door de verschillende, ruw opgenomen secties naar eigen inzicht te ‘monteren’, had hij een componerende hand in het resultaat. Vergelijking van de ‘unedited masters’ op de eerste twee cd’s met de uiteindelijke versie op de afsluitende schijf leert dat hij het collectief benadrukte boven de solo’s, die hij rigoureus kortwiekte, wegsneed of naar achteren mixte. Rot op met je virtuositeit en je ego’s moet hij (met Miles) hebben gedacht, onderwerp je maar aan het gemeenschapsgevoel van de groove.

Dat lot trof ook de trompet van Miles Davis zelf, wiens priemende noten als korte stroomstoten in dit weefsel van tamelijk schokkende geluiden figureren. Maar ook als zijn spel in deze periode wel te horen was, klonk het heel anders dan de onderkoelde stijl van vijftien jaar eerder, op sleutelplaten als Kind Of Blue en Sketches Of Spain. Wegens gezondheidsproblemen of uit een zucht naar nieuwe klanken, dat is onduidelijk, was hij een wah-wah gaan gebruiken, een effectpedaal dat de toon naar believen doet kneden. Menig liefhebber van Miles-oude-stijl verketterde hem daarom, maar feit is dat zijn toon er zodoende een nieuwe, haast ontroerende, ‘menselijke’ kwaliteit bij kreeg, ook als de omringende ritmes naar het kookpunt gingen.

De overige stukken op deze zes cd’s, waaronder nogal wat niet uitgebracht materiaal, laten variaties op deze thema’s horen. Al verschoof Davis zijn aandacht alweer naar elders. Indrukwekkend is het traag sluipende He Loved Him Madly uit 1974, dat zich in 32 minuten ontvouwt als een soort rouwbeklag voor de toen net overleden Duke Ellington. Gitaren, orgel (door Miles zelf bespeeld) en trompet hullen zich in een geheimzinnige echo en spreken van een diepe droefheid. Ambient-pionier Brian Eno noemde dit stuk later van grote invloed op zijn eigen muziek. Een heel contrast met de drukke, vol paranoia en andere gekte gepropte grooves van On The Corner, maar ziedaar de enorme reikwijdte die Miles in deze tijd omspande.

De zes cd’s: Miles Davis: The Complete On The Corner Sessions zijn uitgebracht bij Columbia Legacy/Sony