De beleidsambtenaar

Hoe ziet uw werkdag eruit?

„Ik heb kantoordagen, waarop ik vergader en e-mails afhandel. En ik ben veel op pad. Ik werk op de afdeling regionale zaken, dus ik heb onder andere gesprekken met provincies en andere overheidsdepartementen. Het is een flexibele baan, ik werk ook af en toe thuis.”

Wat geeft u voldoening in uw werk?

„Als het kabinet zegt: ‘We willen een mooier landschap’, dan moeten wij gaan kijken hoe je dat voor elkaar krijgt. En nog het liefst zonder nieuwe regels te verzinnen. Het geeft me voldoening als er echt goed gepraat is. Soms leid ik gesprekken tussen twee partijen met tegengestelde belangen. Als die dan dichter tot elkaar zijn gekomen, ben ik tevreden.”

Uw studie is op ontwikkelingswerk gericht, wilde u niet in het buitenland werken?

„Toen ik aan mijn studie begon, was ik heel idealistisch. Ik wilde iets goeds doen voor de wereld. Dat wil ik natuurlijk nog steeds, maar op een andere manier. Ik heb in Afrika en Roemenië gezeten en ik kwam erachter dat het ontwikkelingswerk voor mij niet geschikt is. Ik merkte dat de mensen met wie je in die landen werkt zo anders denken dat het mij veel energie kost om samen te werken. Bovendien heb ik een gezin, dus blijf ik voorlopig liever op mijn boerderijtje wonen.”

Hoe verbetert u nu nog de wereld?

„In deze baan ben ik veel bezig met duurzame ontwikkeling op landbouwgebied. Een deel van het werk is ook mensen verleiden om de natuur in te gaan en biologisch voedsel te eten. Dat zijn ook idealen.”