Vluchten in varkensmaagjes

Een alarmerend persbericht gisteren op de website van de Wereldvoedselorganisatie FAO. Regeringen moeten direct maatregelen nemen om arme landen te helpen die getroffen worden door de hoge voedselprijzen. Volgens de FAO dreigt momenteel in 37 landen een crisis à la de tortilla-rellen begin dit jaar in Mexico of de pasta-stakingen recentelijk in Italië door conflicten en rampen. Bron van alle ellende: de sterk oplopende prijs van voedsel, veroorzaakt door klimaatverandering (droogte, overstromingen), een torenhoge olieprijs en de groeiende vraag naar biobrandstoffen, waardoor graanakkers plaatsmaken voor zwaar gesubsidieerde palmolie en andere bio-oliën. Ter illustratie: de prijs van graan schoot deze week door de 10 dollar per bushel (ongeveer 27 kilo).

De Verenigde Naties waarschuwden recentelijk ook al voor mogelijke oproer als gevolg van de hoge voedselprijzen, en in China is het regime bevreesd voor opstand op het platteland wegens de rap oplopende voedselprijzen. Vorige maand werd bekend dat de Russen een exportverbod op graan overwegen.

Het voedselprobleem is zo oud als de wereld. Maar anders dan voorheen, heeft de dreigende voedselcrisis nu ook een goudgerande keerzijde.

Grondstoffen als goud, nikkel, zink en ijzer waren al langer populair. Deze commodities worden gezien als ultiem middel om de invloed van inflatie op beleggingsportefeuilles te dempen. Bij goud geldt verder dat de prijs ervan omgekeerd evenredig beweegt aan de koers van de dollar. Sinds de dollar daalt, stijgt de prijs van goud, dit jaar zelfs tot recordhoogte.

Maar sinds enige tijd zijn daar ook de zogeheten soft-commodities bijgekomen, landbouwproducten. Zeker sinds wereldwijd de meer traditionele handelswaar (aandelen, obligaties, complexe financiële producten) onder druk staan als gevolg van de kredietcrisis, vormen producten als graan, bio-ethanol, suiker, katoen, sojabonen en bevroren varkensmaagjes een welkome diversificatie in menig beleggingsportefeuille. Ze zijn concreet (tastbaar) en dankzij een sterk in opkomst zijnde middenklasse in landen als India en China, is de toenemende vraag naar voedsel gegarandeerd.

Beleggers verdienen inmiddels letterlijk miljarden aan de toenemende schaarste.

Het lijkt wrang, maar uiteindelijk kan de interesse van beleggers een positief effect hebben op het voedselprobleem: producenten die nu een goede prijs krijgen voor hun schaarse waar, zullen eerder bereid zijn fors te investeren in een capaciteitsuitbreiding van hun grondstoffen dan bij een lage prijs.

Egbert Kalse