Is klagen over het weer iets typisch Nederlands?

Het is weer koude tenenweer. En loopneuzenweer. En schrale lippenweer. In Nederland is altijd wel iets mis met het weer, schrijft Annemiek de Vries uit Den Bosch. Klagen andere aardbewoners net zo graag over het weer als wij?

We leggen de vraag eens voor aan onze correspondenten.

In het uitgestrekte Canada is „ploeteren tegen de winter” een nationale bindingsfactor, rapporteert Frank Kuin. ‘Cold out, eh?’ hoor je van Newfoundland tot British Columbia. Als de auto bij min dertig uit een manshoge sneeuwbank moet worden gegraven, dan willen Canadezen weleens klagen. „Maar ze zijn stiekem ook trots op hun vermogen de ijzige klappen te doorstaan.”

„In Rusland wordt het weer geaccepteerd zoals het komt”, schrijft Michel Krielaars (met berenmuts) vanuit Moskou. Maar Russen zijn koukleumen. „Als ze over straat moeten, zorgen ze dat ze snel weer binnen zijn. Het liefst houden ze een winterslaap tot april.” Van modderige winters houden ze ook niet. Bij winter hoort sneeuw, geen regen.

De luchten boven Nairobi zijn momenteel juist zorgwekkend strak, mailt Koert Lindijer. „Met intens verlangen speuren Kenianen naar donkere, smerige wolken.” Het kleine regenseizoen is mager, de angst voor droogte groeit. Ook de Spanjaarden hebben het vaak over droogte, volgens Steven Adolf in Madrid. Zonder regen gedijt de luchtvervuiling, „vooral nu het koud wordt en de rotzooi als een kaasstolp over de stad blijft hangen.”

In Frankrijk zijn weerpraatjes wat minder gangbaar, weet René Moerland. Verfijnder is het om een gesprek te beginnen met dat exquise restaurant waar je gisteren crème brûlée hebt genoten. Bij protestacties in de regen wordt wel meteorologisch geklaagd: ‘Le Temps Il Est Pourri, Le Gouvernement Aussi!’ (‘We Hebben Rotweer En Een Rotregering’!)

De verregende Britten ten slotte zijn wel wat gewend. Weermannen spreken van ‘a good old chilly morning’ of ‘a good old rainy day’, aldus Floris van Straaten. Berucht is nog altijd Michael Fish die BBC-kijkers op 15 november 1987 voorhield dat ze zich geen zorgen hoefden te maken. Die nacht vielen zo’n twintig doden in de zwaarste storm sinds 1703.

Eppo König