Eendimensionaal portret van een banale Rembrandt

Voorstelling Rembrandts Spiegel van Peter Greenaway,door de Rotterdamse Schouwburg Tournee t/m 21/2 rotterdamseschouwburg.nl *** Rembrandts Spiegel; Theater Castellum, Alphen aan den Rijn DigiDaan

Voorstelling

Rembrandts Spiegel van Peter Greenaway,door de Rotterdamse Schouwburg Tournee t/m 21/2 rotterdamseschouwburg.nl ***

De nachtmerrie komt hard aan: schilder Rembrandt van Rijn wordt aangevallen op de Kloveniersburgwal. Een ruiter draaft om hem heen, een man die niet meer is dan een donkere schim slaat hem tegen de grond. De schilder ontwaakt: is het licht uit zijn ogen geschopt, kan hij nog kleur zien? Geel en rood?

Met Rembrandts Spiegel sluit de Britse regisseur en cineast Peter Greenaway zijn drieluik over Rembrandt af. Eerder maakte hij een installatie met licht, vuur en regen over De Nachtwacht en de film Nightwatching (2007). Met Rembrandts Spiegel verlaat hij het werk en concentreert zich op de persoon van Rembrandt. Het is allesbehalve een verheven portret. Deze Rembrandt is een onthutsende combinatie van schildersgenie en seksueel kampioenschap. Aards, banaal, boordevol aandacht voor het onderlijf. Het domme, anachronistische woord ‘neuken’ knalt keer op keer door de zaal. De dramatische openingsscène maakt duidelijk waarom: Rembrandt is geobsedeerd door dood en vergankelijkheid. Dus zoekt hij seks. De kille Saskia kan hem niet bevredigen. Daarom zoekt hij zijn heil bij de wellustige Geertje om tot slot oudemannentroost te vinden bij de twintig jaar jongere Hendrickje.

Het verhaal van Rembrandts Spiegel is helaas de pijnlijke zwakte van Greenaway en regisseuse Saskia Boddeke. Het is tamelijk eendimensionaal en dramaturgisch schiet het wezenlijk tekort: Greenaway toont ons in schitterende film- en fotobeelden wel de zelfportretten van Rembrandt, maar ik mis de geschilderde vrouwen. Die bezitterige mannenhand bijvoorbeeld op de borst van het Joodse bruidje is onverbloemd erotisch. Bovendien verklaart het liederlijke gedoe bitter weinig van Van Rijns schilderwerken.

Greenaway is de grootmeester van de beeldtaal. Hij kan toneelscènes maken die het clair-obscur van zeventiende-eeuwse schilderijen met gloed en donkerte weergeven. Er gebeurt van alles tegelijk: een voortreffelijke Bart Klever in de hoofdrol is als acteur zowel live te zien als op schermen hoog tegen de achterwand. Speelt hij op de vloer de perverse Rembrandt dan zien we boven in contrast de serene schilder. Mooi is de uitleg aan zoon Titus over verf. Barbara Pauwels als Geertje, Marijke Idema in de rol van de koele Saskia en Maartje Teussink als Hendrickje weet Greenaway te verheffen tot picturale schoonheden uit de Gouden Eeuw.

Water speelt een belangrijke rol. Bart Klever zegt het beeldend: „Vloedstromen gaan heen en weer onder Amsterdam”. In een aangrijpende scène zien we Saskia, drie meter begraven onder de vloer van de Oude Kerk, telkens weer verzwolgen worden door dat stijgende water. Acteurs storten zich, gekostumeerd en al, in het diepe en filmbeelden laten de schoonheid van traag bewegende lichamen in water zien. Sfeervolle, fraai-melodieuze muziek van Vincent van Warmerdam verhoogt de poëzie die Rembrandts Spiegel in de allereerste plaats is. Maar het is helaas geen voorstelling om onverdeeld gelukkig mee te zijn.