Willige slachtoffers van westerse huichelarij

De Libanese denker Georges Corm verwijt het Westen met twee maten te weten en religie te gebruiken om verdeeldheid te zaaien. En de Arabische landen laten dat gebeuren.

De werkelijke kloof tussen het islamitische oosten en het Westen is niet het resultaat van religieuze tegenstellingen, en wie de onderlinge spanningen door een dialoog tussen beschavingen en religies wil wegnemen, verspilt zijn tijd. De werkelijke splijtzwammen zijn de invasie en bezetting van Arabisch land (Palestina, Irak), het westerse met-twee-maten-meten en de status van de staat Israël en die van Iran.

Dat is de overtuiging van Georges Corm, Libanees ex-minister van Financiën, hoogleraar politieke wetenschappen in Beiroet en productief schrijver over Midden-Oosterse aangelegenheden. Hij was deze week in Nederland voor de presentatie van Conflicts and Tensions, de eerste uitgave van de Culture and Globalization Series, die wordt gesteund door het Prins Claus Fonds.

In de hele wereld worden oude nationale identiteiten vervangen door nieuwe etnische en religieuze identiteiten, erkent Corm in vraaggesprek in Amsterdam. „Ik ben nog opgegroeid in een seculiere wereld. In de Arabische wereld, met haar islamitische meerderheid, omschreef niemand zijn identiteit toen als islamitisch. In mijn tijd waren de wortels van de westerse wereld het Griekse en Romeinse erfgoed. Ik was verbijsterd toen ik ontdekte dat het Westen zich nu als joods-christelijk omschrijft.”

Corm (67) zelf heeft zijn wortels in Libanon, maar zijn moeder was van Palestijns-Syrische afkomst en zijn vrouw is Syrische. Hij is een maronitische christen. „Toen ik een klein jongetje was, vroeg ik mijn vader wat dat was. Ik ben er nog steeds blij om dat hij het als een kerk definieerde, niet als natie. Er is tegenwoordig zoveel verwarring tussen religie en nationaliteit – sunnieten en shi’ieten bijvoorbeeld; het zijn niet anders dan verschillende manieren om je godsdienst te belijden.”

Verwijzing naar islamitische of christelijke of joodse waarden, zegt Corm, is een makkelijke manier om politieke hervormingen te vermijden of te ontsnappen aan de bepalingen van het internationaal recht. „Het is een trend in de hele wereld om gebruik te maken van godsdienst als politiek werktuig.” Het is volgens hem het strategisch uitgangspunt van Israël en de Verenigde Staten sunnitische en shi’itische staten tegen elkaar op te zetten. „Israël droomt ervan de Arabische regio verder te verdelen langs religieuze lijnen. Dan is de joodse staat geen uitzondering. Iran gebruikt de religie ook. Het zijn de huidige regels van het spel.”

In plaats daarvan zouden oplossingen moeten worden gevonden op basis van het internationaal recht die met dezelfde kracht aan de partijen worden opgelegd.

Is het Israëlisch-Palestijnse vredesproces dat twee weken geleden in Annapolis door de Verenigde Staten werd gelanceerd het begin van zo’n oplossing?

„Nee. Het is hetzelfde als het vredesproces van Madrid. Een vredesproces zonder vrede. De Amerikanen gaat het om het proces, niet om vrede. Er wordt een illusie gecreëerd. Wat op de grond gebeurt, is verschrikkelijk.”

Dit is het met twee maten meten: „in strijd met de standaarden van het internationaal recht wordt een bezet volk gedwongen om kolonisatie te accepteren. Niet de bezetter wordt veroordeeld, maar de bezette mensen. Het is een unieke zaak in de moderne wereld. U beschermt de bezetter, niet degenen die worden bezet. Het is volstrekt in strijd met de Geneefse Conventies. Maar dat lijkt de westerse regeringen niet te storen.”

Volgens Corm bestaat een vacuüm in de Arabische wereld dat inmenging van buitenaf uitlokt. „De Arabische regeringen verdedigen hun eigen zaken niet – behalve vorig jaar Hezbollah in de oorlog tegen Israël. De Arabieren zijn in de tiende eeuw weggelopen uit de geschiedenis. Toen hebben ze de macht overgedragen aan de Perzen en de Turken. Ze missen de historische bagage om een staat te kunnen besturen.”

Meer factoren hebben de Arabische verdeeldheid in de hand gewerkt dat het vacuüm in stand houdt: de opdeling van de Arabische wereld in een Britse en een Franse invloedssfeer na de Eerste Wereldoorlog, bijvoorbeeld, en de Amerikaans-Russische rivaliteit in het Midden-Oosten tijdens de Koude oorlog.

Washingtons steun voor dictaturen en zijn blinde steun voor Israël, het feit dat het internationaal recht hier niet wordt toegepast, hebben het gevoel gecreëerd dat de hele wereld tegen het Oosten is, zegt Corm. Iran heeft zich nu gepresenteerd als opvolger van de Sovjet-Unie als verdediger van de rechten van de Arabische burgers. „De sjah van Iran probeerde al een dominante kracht in het Midden-Oosten te worden, maar zijn islamitische opvolgers zijn succesvoller. Iran en ook Turkije zijn heel sterk. Daartegenover staan 22 Arabische landen, de een nog zwakker dan de ander en niet in staat het onderling eens te worden.”

Vormt Iran inderdaad een gevaar, zoals de Verenigde Staten en Israël zeggen?

„Nee, de kracht van Iran is ontleend aan de impotentie van de Arabische regimes. We kunnen de Iraniërs niet de schuld geven van iets waaraan de Arabieren zelf schuldig zijn. Ik ben naar Iran geweest en ik was verbaasd. Zeker als je het met Saoedi-Arabië vergelijkt. De conservatiefste landen, Saoedi-Arabië en Pakistan, zijn de nauwste bondgenoten van de VS. Ik vind persoonlijk dat de VS hysterisch zijn over Iran en de verrijking van uranium. Terwijl ze zich stil houden over Pakistan dat een atoombom heeft.”

Corm is het ook niet eens met de westerse en Arabische leiders – „alleen Saoedi-Arabië, Jordanië en Egypte, de cliënten van de VS – die in Hezbollah een vooruitgeschoven post van Iran zien. „Hezbollah werd in de jaren tachtig door Iran gecreëerd, maar door zijn gestage Libanisering is de Iraanse invloed teruggelopen. Het is zeker zo dat Iran de organisatie van wapens moet voorzien, via Syrië, dus Hezbollah let er wel op dat ze Teheran niet tegen zich in het harnas jaagt. Maar ik kan niet zien waarom Hezbollahs oorlog tegen Israël van afgelopen zomer eigenlijk een Iraanse oorlog tegen Israël zou zijn geweest, zoals sommige mensen betogen. Wat is zijn belang? Israël een aanwijzing geven van zijn kracht?”

Zijn eigen Libanon gaat van de ene crisis naar de andere. Nu zit het zonder president omdat de door de sunniet Saad Hariri geleide regering – die door het Westen wordt gesteund – en de oppositie van Hezbollah en de belangrijkste christelijke leider, generaal Aoun, het niet eens kunnen worden. „Het Libanese probleem gaat zo diep”, zucht Corm. „Het Westen denkt alleen aan de invloed van Syrië en Iran. Wie niet met Syrië wil ruzie maken is pro-Syrië. Maar het is ook Hariri en zijn sunnitische dictatuur. Niemand kan weerstand bieden aan het geld van Hariri. Hariri wil alleen jaknikkers om zich heen. Maar in internationale kwesties is het onmogelijk de waarheid op tafel te krijgen.”