Ook James Watson komt uit Afrika

‘Ironisch’. Dat woord werd het vaakst gebruikt in reacties op het nieuws, begin deze week, dat Nobelprijswinnaar James Watson ‘zwarte genen’ heeft. Watson dankte de Nobelprijs in 1962 aan de ontdekking (met Francis Crick en Maurice Wilkins) van de helixstructuur van DNA. Vorige maand raakte hij in opspraak na uitspraken in de Britse krant The Times over het ‘sombere perspectief van Afrika’. “Ons hele sociale beleid gaat uit van de veronderstelling dat zij even intelligent zijn als wij – maar alle testen wijzen anders uit”, zei hij toen. Nu zou zijn gebleken dat Watson zestien keer meer genen van ‘Afrikaanse origine’ heeft dan de gemiddelde Europeaan. Evenveel als met een zwarte overgrootvader of -moeder.

Dat nieuws kon bekend worden doordat Watson, net zoals bijvoorbeeld DNA-pionier Craig Venter, zijn DNA-code openbaar heeft gemaakt via internet. Daardoor kon Kari Stefansson, directeur van deCODE Genetics in IJsland, Watsons genoom zomaar door de molen halen.

Stefansson zelf wil niet al te veel waarde aan die analyse hechten. Bijvoorbeeld omdat hij de betrouwbaarheid van de door anderen in kaart gebrachte DNA-kaart niet goed kan inschatten. Maar als het klopt, “zou het een glimlach op mijn gezicht toveren”, zei hij in de New York Times.

De Britse kranten brachten het nieuws ook zo al met veel plezier. De perswoordvoerder van Watson beperkte zich intussen tot de opmerking dat Watson zijn “eerdere uitspraken erg betreurde” en dat hij “zich die ook niet kon herinneren”.

Het wijste woord kwam van geneticus George Church, hoogleraar aan de Amerikaanse Harvard Medical School. Hij wees er, ook in de New York Times, op dat categorieën als ras onbelangrijk zullen worden naarmate de individuele kenmerken in het DNA beter begrepen worden. Intussen, zei hij, laat nieuws als dit, betrouwbaar of niet, zien dat de zaken genuanceerder liggen dan ‘veel bekrompen geesten’ denken.