Envelop met dollars komt niet meer zo vaak

Door de crisis op de Amerikaanse huizenmarkt beleven sommige arme Mexicanen dit jaar een kale Kerst. Mexicanen in de VS sturen dit jaar beduidend minder geld naar huis.

Isabel Hernández (32) had vorig jaar rond deze tijd al zeker 4.000 pesos (250 euro) van haar man Juan opgestuurd gekregen. Juan werkte toen als bouwvakker in het noorden van de VS. Specifieker wil ze niet worden, want hij is er illegaal. „Maar nu is voor hem nergens werk te vinden en heeft hij net 1.000 pesos kunnen opsturen”, vertelt ze voor het kantoortje van geldtelegraaf Western Union in de volkswijk Iztapalapa in Mexico- Stad.

Juan is nu op zoek naar iets in de horeca, of desnoods een baantje als schoonmaker. „Maar ook dat schiet niet op.” Isabel heeft haar huis dit jaar daarom maar opgetuigd met de kerstversiering van 2006. „Jammer, want zonder zijn geld denk ik dat we ook al minder lekker zullen eten dan vorig jaar.”

De crisis op de Amerikaanse hypotheekmarkt, zo is de afgelopen maanden duidelijk geworden, heeft een rechtstreeks effect op de Mexicaanse economie. Veel Mexicanen werken in de VS als bouwvakker, timmerman, tegelzetter, elektricien, loodgieter of metselaar. En nu door de hypotheekcrisis de bouw van Amerikaanse huizen bijna geheel stil ligt, zitten grote groepen Mexicaanse bouwvakkers zonder werk. En kunnen ze dus geen of minder geld naar huis sturen.

Deze herfst signaleerde de Nationale Bank van Mexico, Banxico, dat de groei van het aantal geldzendingen (remesas) dit jaar fors is afgenomen. Stuurden Mexicanen in de VS in 2006 nog ruim 20 procent meer dollars naar huis dan in 2005, de eerste negen maanden van 2007 bedroeg de groei nog maar 1,4 procent. Analisten van Banxico leggen een rechtstreeks verband met de afgenomen werkgelegenheid in de Amerikaanse bouw.

Maar er zijn meer redenen dat er minder geld verstuurd wordt. „Het ligt ook aan de meetmethode”, vertelt econoom Miguel Cervantes van de Vrije Universiteit van Mexico-Stad (UNAM). „Veel geldzendingen werden in voorgaande jaren niet opgemerkt door Banxico, omdat ze per cheque of in contanten gingen. De laatste jaren zijn deze overmaakmethoden bijna geheel vervangen door digitale geldzendingen, waardoor ze nu wel in kaart worden gebracht.”

Hieruit is voor een deel ook de sterke groei van de afgelopen jaren te verklaren. „Maar nu inmiddels 98 procent van het geld digitaal wordt overgemaakt, lijkt de groei er, althans in de statistieken, in een keer uit.”

Toch, zegt Cervantes, moet Mexico zich wel degelijk zorgen maken, want er zijn naast de hypotheekcrisis verscheidene andere ontwikkelingen die duiden op een reële afname van de groei in geldzendingen. „Door de strengere grensbewaking keren steeds minder illegale migranten terug naar huis. Gingen ze eerst nog voor seizoensarbeid op en neer de grens over, nu halen ze liever hun gezin naar de Verenigde Staten. Dan hoeven ze ook geen geld meer over te maken.”

Bovendien, voorspelt hij, zal ook de volgende stap in een eventuele neergang van de Amerikaanse economie allereerst de migranten treffen. „Traditioneel gingen Mexicanen naar de VS om in de landbouw te werken. Nu werken ze steeds vaker ook in de diensten- en productiesector. Als de crisis doorzet, nemen als eerste de consumentenbestedingen af, waarbij juist deze sectoren zullen worden getroffen.”

De geldzendingen hebben onmiskenbaar een positief effect op de economie omdat ze de bestedingen stimuleren, zegt Cervantes. „Ze maken 3 procent van ons bruto binnenlands product uit.” Maar, zegt hij, „we moeten ze niet gaan zien als nationale trots. Integendeel, ze maken ons juist enorm afhankelijk van externe factoren. En het geeft vooral pijnlijk aan dat we zelf geen werkgelegenheid weten te creëren.” Voor Mexico valt die afhankelijkheid overigens nog relatief mee: in de Midden-Amerikaanse buurlanden bedragen remesas soms tot een vijfde van het nationaal inkomen.

Bovendien wordt het verstuurde geld amper besteed aan duurzame investeringen. Een rapport van de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) becijferde in 2005 dat 87 procent van de remesas direct opgaat aan basisbehoeftes als eten en kleding. Het weinige dat overblijft wordt gespaard of geïnvesteerd in onderwijs.

Cervantes: „Hoewel ook steeds meer hoger opgeleiden migreren, gaat het overgrote deel van de remesas nog steeds naar de onderklasse. In meerderheid zijn dit moeders met kinderen die zelf geen werk hebben en wachten op het geld van vader. Als het geld komt, zijn ze gedwongen het bijna direct weer uit te geven. Zij worden nu vooral de dupe van de Amerikaanse crisis.”

Dat is ook de inschatting van Raúl Álvarez, die in Iztapalapa werkt als loketmedewerker bij Banco Azteca. „Het is ongewoon rustig voor de tijd van het jaar.” Álvarez’ bank is onderdeel van Grupo Salinas, het concern van Ricardo B. Salinas. Deze miljardair is ook eigenaar van meubelketen Salinas & Rocha en van Elektra, de Mexicaanse variant van de Mediamarkt. In al zijn winkels heeft Salinas achterin loketten van Banco Azteca gevestigd. Daarbij werkt de bank samen met Western Union en andere geldtelegrafen.

Wie zijn remesas bij de kantoortjes van Banco Azteca oppikt, moet dus behoorlijk wat verleidingen weerstaan voor hij bij de uitgang is. Maar volgens Álvarez lukt dat zijn meeste klanten wel: „Die vrouwen die hier hun remesas afhalen, hebben bijna allemaal kinderen die moeten eten. Die gaan nu echt niet eerst een koelkast of hifiset kopen. Daar zijn die paar duizend pesos ook niet genoeg voor. Willen ze zo’n aankoop doen, dan sluiten ze tegenwoordig eerder een lening af.”

Lees over de kredietcrisis op nrc.nl/kredietcrisis