Een van de zestig

Het lijkt wel een golfbal, maar het is de ijzige Saturnusmaan Tethys. Tijdens meteorietinslagen is zijn oppervlak rijkelijk voorzien van wat op afstand putjes lijken. In werkelijkheid gaat het om flinke inslagkraters. De grootste daarvan, de Odysseuskrater, heeft een diameter van vierhonderd kilometer. Tethys heeft in zijn baan rond Saturnus gezelschap van twee maantjes, zo klein dat ze gemakkelijk door deze Odysseuskrater heen zouden kunnen rollen. Het maantje Telesto loopt voor Tethys uit, terwijl Calypso achter Tethys aanhobbelt. Beide maantjes hebben een diameter van rond de twintig kilometer, tegen duizend kilometer voor Tethys zelf. De opname is gemaakt met de Cassini-ruimtesonde. Toen deze sonde in 1997 werd gelanceerd kenden we nog maar achttien Saturnusmanen. Titan, in 1655 ontdekt door Christiaan Huygens, was daarvan de grootste en waarschijnlijk bekendste. Dankzij de Cassini, de Hubble-ruimtelescoop, aardse telescopen en een heranalyse van de gegevens van Voyager-2, kennen we er nu zestig, de meeste overigens vele malen kleiner dan Tethys. (MvdH)