Een sfeer als in de Nieuwjaarsnacht

Gisteravond om tien voor half acht floepte het licht weer aan in Zaltbommel. Twee dagen donker en kou door een ongeluk met een legerhelikopter zijn over.

Bijgelicht door de schermpjes van hun mobiele telefoons gaan wandelaars door een stikdonkere voetgangerstunnel in Zaltbommel. Foto Merlin Daleman Nederland, Zaltbommel, 14-12-07 Station van Zaltbommel zat vanavond ook zonder stroom. Het licht wat je ziet is afkomstig van mobiel telefoontjes want zonder dat zou men echt niets zien. © Foto Merlin Daleman Daleman, Merlin

15 dec. Het is tien voor half acht 's avonds als het aardedonkere Zaltbommel het licht weer ziet. De lantaarnpalen flitsen opeens aan, in de winkeletalages worden de feestartikelen plotsklaps zichtbaar. Ontregelde alarmsystemen loeien.

Gisteravond is de stroomstoring in de Tieler- en Bommelerwaard, veroorzaakt door een Apachehelikopter van de Luchtmacht die woensdag boven de Waal hoogspanningskabels stuk sneed, verholpen. Zaltbommel krijgt als eerste gemeente elektriciteit terug, de andere volgen snel.

Wie de woningen in het hart van het Gelderse stadje passeert, ziet fel verlichte huiskamers. De noodverlichting – veelal kaarsjes – brandt nog. Binnen dragen mensen jassen om zich tegen de kou te wapenen. Velen telefoneren. Buiten, vlakbij de beroemde kerktoren zonder spits, maakt de stilte plaats voor rumoer: de eerste stappers melden zich. Op de Markt, waar de kroegen sinds woensdagavond geen teken van leven geven, kloppen ze op een cafédeur. De kastelein verschijnt en stelt hen gerust: „Over een uur ben ik open.”

Zaltbommel op de vroege vrijdagavond – de taferelen doen een beetje denken aan Nieuwjaarsnacht. Op straat grijpen mensen naar hun mobiele telefoon. „Is het licht bij jullie ook al aan?” Auto’s toeteren. Kerstverlichting schittert. Alleen het vuurwerk ontbreekt nog.

Ruim twee dagen zaten grote delen van de Tieler- en Bommelerwaard zonder elektriciteit. Circa 50.000 huishoudens en 7.000 bedrijven zijn getroffen. De schade wordt geschat op miljoenen euro’s. Pas veel later dan verwacht lukt het netbeheerder Continuon gisteren aan het einde van de middag drie kabels over de Waal te spannen: de stroomleverantie kan mondjesmaat op gang komen. Niet te snel, want dan bestaat de kans dat het net in een keer overbelast raakt. Net als donderdag moeten militairen van de genie uitrukken om een drijvend werkeiland te bouwen, zodat de kabels kunnen worden aangebracht.

Bij het vallen van de duisternis was het gisteren dan eindelijk zo ver: de pontons kunnen terug richting kazerne. Een lange legerkaravaan vrachtwagens rijdt de dijk op. Terwijl de zon ondergaat klimmen monteurs van de netbeheerder voor de laatste keer in de tachtig meter hoge mast. Aan de overkant van de Waal houden twee hoge kranen de draden in de lucht. Een noodmaatregel. De mast zelf is te gehavend om er nog kabels aan te bevestigen. Rond etenstijd treedt de testfase in. Elektriciteit is nabij, laat die 150.000 volt maar komen.

Maar aan de overzijde van het water, in Zaltbommel, geloven ze er bij het vallen van de avond niet meer in. Daar is het nog steeds donker. De inwoners maken zich op voor weer een koude, donkere nacht. De meldingen zijn tegenstrijdig. Pas na dit weekeinde is er weer elektriciteit, bericht de radio, met de gemeente als bron. Even later meldt de netbeheerder dat er diezelfde avond weer elektriciteit zal zijn.

De spanning onder de inwoners neemt toe. Met kaarsen proberen ze hun woning te verlichten. Wie een houtkachel bezit, heeft mazzel. Diegene met een noodaggregaat nog meer. In de wijde omtrek van Zaltbommel was er niet een meer te krijgen, zegt Herman van Dijk (31), die in het centrum van Zaltbommel woont, maar zich verwarmt bij het oude stadhuis, een van de opvangplekken. „Veel mensen uit de omgeving hebben het gebied verlaten”, zegt hij. Naar familie, weg uit de kou. Zelf wil hij het nog één nacht aan zien. „Als er dan nog geen elektriciteit is, ga ik morgen naar mijn schoonfamilie.”

Zaltbommel heeft in deze barre dagen drie opvangcentra geopend, die de bezoekers „warmte, koffie en informatie” geven. Willem de Winter en zijn geliefde zijn al snelhun koude woning ontvlucht om warmte te zoeken in het voormalige stadhuis aan de Markt. Kort voordat de stroomstoring is beëindigd vertelt De Winter dat hij „rooie bloempotten” omgekeerd op het gas heeft gezet om de temperatuur wat aangenamer te krijgen. Maar dat hij daarmee is gestopt vanwege de stank.

Verder is De Winter tijdens de storing „wat gaan fietsen”, Met bekenden kaartte hij veel bij verlichting dankzij campinggas.

Over de crash van de legerhelikopter zegt De Winter: „Het was een gigantische misser van de piloot. Als ik hoor hoe die vliegers zich op zo’n oefening laagvliegen voorbereiden, dan mag dit niet gebeuren. Overigens, laat die Apaches boven zee gaan vliegen, niet hier.”

Dan verlaat hij het pand, gaat de duisternis in. Vóór hij thuis is, is de stroomstoring voorbij.