Spraakwater

De media hebben hun nieuwe Pim ontdekt. Zij heet Rita.

Vooral bij de televisie kunnen ze hun geluk niet op. Hoge kijkcijfers? Rita vragen!

Als het Rita behaagt, kan de Nederlandse tv-kijker dagelijks afstemmen op een of ander interview met de vrouw die de politiek leider van ons land wil worden. Dat zal haar niet lukken, maar het valt niet te ontkennen dat ze er meer kans op heeft dan menig mannelijke collega, of hij nou Rutte heet, Marijnissen, Tichelaar, Rouvoet, Wilders, ja misschien zelfs Bos.

Voor de televisie maakt Rita graag haar schaarse tijd vrij. Liever dan voor de Tweede Kamer.

Vanmorgen hoorde ik haar als vers gekozen „politicus van het jaar” bij de KRO uitleggen dat zij zelden in de Tweede Kamer verschijnt, omdat ze wel wat beters te doen heeft. Tien uur in de Kamer zitten voor zeven minuten spreektijd en drie interrupties, kom zeg, schamperde ze. Ja maar, dat is toch democratie, zei de interviewer verbouwereerd. Ammehoela, dacht Rita, en ze zei: „Ik moet een beweging opbouwen en dat kost tijd.”

Beweging. Hét politieke woord van het jaar. Het klinkt zo lekker dynamisch. Had ze al plannen? Jazeker. „Files, ouderenzorg, onderwijs.” Oplossingen misschien ook? „Die komen in maart!”

Ik sloeg meteen aan het rekenen. In maart de oplossingen, in juni vervroegde verkiezingen – dat betekent dat we, als alles meezit, kort na het zomerreces een Rita-kabinet kunnen hebben, zodat we al tegen oktober nooit meer in files hoeven te staan, onze lastige oudjes heerlijk opgeborgen zijn in luxueuze verpleegoorden en er, op straffe van detentie in een opvoedingskamp, geen (Marokkaanse) leerling meer durft te staken.

Eigenlijk is het helemaal niet zo moeilijk om trots op Nederland te worden.

Ik verheug me er nu al op, al zie ik als een berg op tegen al die Rita-interviews die mijn beeldbuis zullen teisteren. Hoeveel Rita qua ambitie en gedachtengoed ook met Pim gemeen heeft, haar flux de bouche valt daar niet onder.

„Hoe ik het eh…vind…dat ik eh….tot politicus van het eh..het jaar gekozen ben? Ja, dat is natuurlijk eh..fantastisch…om niet te zeggen…eh geweldig…. je zult toch maar gekozen worden als eh…beste…wat kan een mens zich nog meer wensen, daar blijkt toch wel uit welk…eh..geweldig mandaat, hoe zal ik het zeggen…eh vertrouwen het Nederlandse volk in eh… mij heeft.”

Wat Balkenende te veel heeft, heeft Rita te weinig: spraakwater. Het klotst nog onvoldoende, maar misschien is dat tegen maart ook verholpen. Of zou dat juist haar grote kracht zijn? Het kan. Wij zijn geen volk van praters en herkennen ons daarom misschien al te graag in iemand die moeizaam uit haar woorden komt.

Aan de andere kant, als ze straks bij Hillary of Angela op de thee komt, zal ze toch haar partijtje moeten meeblazen. Het mag niet zó zijn dat Hillary na afloop tegen Angela fluistert: „Zou dat ‘eh…’ in Nederland een beleefdheidsformule zijn?”

Toch pleit het voor Nederland dat je ondanks zo’n handicap toch politicus van het jaar kunt worden. Wil je tweede worden, dan volstaat een wekelijkse verfbeurt bij de kapper, plus de opvatting dat Clairy Polak een Noord-Koreaanse communiste is.