Ook in China dreigt een kredietcrisis

De Chinese detailhandelsomzet is in het jaar tot november met 18,8 procent gestegen. Dat duidt erop dat de Chinese consumenten iedere cent van hun dankzij de groei hoger uitgevallen inkomens besteden. Dat kon wel eens problemen gaan opleveren voor het banksysteem, dat afhankelijk is van veel goedkope consumentendeposito’s ter financiering van illiquide leningen aan staatsbedrijven en projectontwikkelaars. Nu de centrale bank de teugels aantrekt en de Chinese consumenten veel geld uitgeven, kan een kredietcrisis op de loer liggen.

De omzetcijfers zijn opgekrikt door de hogere inflatie, ook van de voedselprijzen, maar overtreffen nog steeds de snelle economische groei van het land. Sommige aspecten, zoals de toename met meer dan 30 procent van de verkoop van auto’s en juwelen, zijn tekenen van uitbundige consumentenbestedingen. De koersstijging van 88 procent van de op de beurs van Shanghai verhandelde aandelen dit jaar heeft ongetwijfeld een ‘welvaartseffect’ teweeggebracht onder degenen die tot de hoogste inkomenscategorieën behoren. Met name het niveau van de Chinese autoverkopen, die met 23 procent zijn gestegen naar 8,8 miljoen exemplaren op jaarbasis, veroorzaakt niet alleen een enorme verkeerschaos en vervuiling, maar duidt er ook op dat het huidige bestedingstempo vermoedelijk niet lang kan worden volgehouden.

Intussen heeft de Chinese centrale bank de eisen die aan de bankreserves worden gesteld opgeschroefd naar 14,5 procent, waardoor meer dan 50 miljard dollar (34,4 miljard euro) aan balanscapaciteit is weggenomen, hetgeen overeenkomt met ongeveer 1,5 procent van de binnenlandse kredieten. De centrale bank heeft de banken nu opdracht gegeven de stijging van hun kredieten in 2008 tot 13 procent te beperken, minder dan de 17 procent van 2007 en veel minder dan de waarschijnlijke nominale stijging van het bruto binnenlands product. Maar zelfs dat kan voor de banken lastig te financieren blijken als de Chinese spaartegoeden opdrogen. Nu de nominale rente op die tegoeden op zo’n 3 procent staat, lager dan de inflatie, lijkt de prikkel voor de consument om zijn geld uit te geven in plaats van te sparen wel heel groot.

Een koersdaling op de Chinese aandelenmarkt, waarschijnlijk gepaard gaand aan beperkingen op de verkrijgbaarheid van kredieten, zou de consumentenuitgaven sterk terugdringen. In dergelijke omstandigheden zou een ‘westerse’ kredietcrisis, waarbij alleen de Chinese bedrijven met de beste contacten nog aan geld kunnen komen, bijna onvermijdelijk lijken. Maar dat zou dan tenminste wel kunnen leiden tot de erkenning door de Chinese banken van de slechte kwaliteit van hun uitstaande leningen.

Martin Hutchinson

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaar uit Londen: www.breakingviews.com.