Mijn Europa is zeker géén groot misverstand 2

Oud-Europa correspondent Mark Kranenburg stelt dat niet meer, maar minder beleid Europa geliefder zou kunnen maken. Men kan erover twisten of dit klopt, maar het is zeker niet verkeerd om te pleiten voor enige zelfbeperking. Kranenburg lijkt zijn pijlen voornamelijk te richten op de `Brusselse combine` van Europees Parlement en Commissie. Hij verzwakt echter zijn stellingname danig door het aanhalen van voorbeelden van het falen van nationale hoofdsteden, niet van buitensporig Brussels enthousiasme. Er kwam maar een beperkte politiemissie voor Afghanistan omdat de lidstaten hun ambities niet konden waarmaken. Het Lissabon-proces mislukte voor een belangrijk deel door de onwil bij nationale politici om hervormingen door te voeren. Het ongunstige economische tij aan het begin van dit decennium deed de rest. De strijd tegen de illegale migratie mislukte doordat de lidstaten geen bijdragen wilden leveren, ondanks het feit dat zij zich voortdurend uitspreken voor een gezamenlijke Europese aanpak.

Het is jammer dat Kranenburg moeite lijkt te hebben met het uit elkaar halen van de rol van de verschillende actoren op de diverse beleidsterreinen. Hierdoor draagt hij toch bij aan de verkeerde beeldvorming over Europa en aan `blame game` die nationale politici ook zo graag spelen. Al het goede komt uit Den Haag, Londen, et cetera; als het beleid fout is, dan komt het uit Brussel. Maar het zijn meestal de nationale politici die de beslissingen nemen. Zo blijft Europa uiteindelijk, in de woorden van Kranenburg, `één groot misverstand`.