Europa zoekt naar gebaar aan Servië

De Europese Unie is onderling verdeeld over de wijze waarop Servië tegemoet gekomen zou kunnen worden als de afvallige provincie Kosovo zich onafhankelijk verklaart.

Een aantal lidstaten wil Servië snel uitzicht op EU-lidmaatschap bieden, andere landen, waaronder Nederland, zijn daar tegen.

De EU-leiders van de 27 lidstaten, vandaag bijeen voor hun laatste topontmoeting van dit jaar, zoeken naar een evenwicht waarbij ze onderling de eenheid bewaren en voorkomen dat de onafhankelijkheid van Kosovo, naar verwachting begin volgend jaar, tot een nieuwe crisis in de Balkan zal leiden. Naar Servië – en ook Rusland – zou daarom een gebaar moeten worden gemaakt.

Vorige week werd duidelijk dat onderhandelingen in VN-verband over de toekomst van Kosovo waren vastgelopen. Kosovo, formeel nog altijd een provincie van Servië en voor 90 procent bevolkt door Albanezen, wil zich onafhankelijk van Servië verklaren.

Een aantal EU-landen, waaronder Groot-Brittannië, Frankrijk, Italië en Duitsland, lijkt bereid een onafhankelijk Kosovo snel te erkennen. Andere landen hebben daar problemen mee, met name Cyprus, maar ook Spanje, Griekenland en Slowakije.

Italië is bereid Servië ter compensatie onmiddellijk uitzicht op EU-lidmaatschap te bieden. Voor Nederland is dit onaanvaardbaar zolang de Bosnisch-Servische oorlogsmisdadigers Mladic en Karadzic niet aan het Joegoslavië Tribunaal in Den Haag zijn uitgeleverd.

De Deense premier Rasmussen zei vanmorgen: „We willen de westelijke Balkan, inclusief Servië, een helder Europees perspectief bieden.”

Behalve de besprekingen over Kosovo zullen de EU-leiders een ‘denkgroep’ instellen van negen vooraanstaande mannen en vrouwen die zich gaan bezig houden met de toekomst van Europa op de lange termijn (2020-2030).

Dit is een idee van de Franse president Sarkozy. Hij hoopt op deze manier de discussie over de toetreding van Turkije tot de EU te kunnen sturen. Sarkozy is daar een verklaard tegenstander van.

In het mandaat van de ‘denkgroep’ worden de woorden uitbreiding en grenzen van Europa niet genoemd, maar er wordt wel ruimte geboden om hierover te praten. Als mogelijke voorzitter van de groep circuleert de naam van de oud-presidente van Letland, Vaira Vike-Freiberga.

Gisteren ondertekenden de EU-leiders in Lissabon het Hervormingsverdrag. Het verdrag, dat nog moet worden goedgekeurd door de 27 lidstaten, luidt een nieuwe fase in voor de EU, aldus de voorzitter van de Europese Commissie, de Portugees José Manuel Barroso. „Nu de institutionele kwesties zijn opgelost, is Europa klaar om zich met wereldwijde problemen bezig te houden. Globalisering is de gemeenschappelijke noemer van alle uitdagingen.”

De Britse premier Gordon Brown kwam gisteren pas na de plechtige ceremonie aan in Lissabon. Hij wilde niet samen met alle andere regeringsleiders het verdrag ondertekenen, uit vrees voor kritiek van de eurosceptici in Groot-Brittannië. Brown tekende later in zijn eentje het verdrag.