Dansen op twee bruiloften

Ontgoochelde en bange Zwitsers steunen hem massaal. Het financiële establishment is bezig de draai te maken. Ondernemers lopen met hem weg. Hoe de schatrijke Christoph Blocher Zwitserland verandert.

Miljardair-politicus Christoph Blocher op de ‘Comptoir Suisse’ in Lausanne, waar de trots van het land staat tentoongesteld. Swiss Justice Minister Christoph Blocher, strongman of the Swiss People's Party (SVP), visits 18 September 2007 Switzerland's national fair "Comptoir Suisse" in Lausanne. Blocher's controversial visit occured amidst protest against SVP's election posters showing a black sheep being kicked out of the country by three grinning white sheep under the slogan "For More Security". AFP PHOTO / FABRICE COFFRINI AFP

Wie nog vóór 1 januari de werkkamer van de Zwitserse minister van Justitie in Bern binnenstapt, ziet een enorm schilderij hangen: een houthakker die een bijl boven zijn hoofd zwaait. Het is van Ferdinand Hodler, een van de bekendste Zwitserse negentiende-eeuwse schilders. Het Parijse Musée d’Orsay houdt nu een overzichtstentoonstelling van Hodler. Op een veiling in Zürich bracht een van Hodlers landschappen laatst bijna 7 miljoen euro op.

Christoph Blocher (1940), de minister in kwestie, is woensdag door het parlement na vier jaar uit de regering weggestemd. Hij moet zijn kantoor, tandenknarsend, overlaten aan iemand anders. Maar het schilderij gaat mee. De Houthakker komt ongetwijfeld te hangen in zijn nieuwe werkkamer, op het partijbureau van de SVP: de rechts-populistische Schweizerische Volkspartei, ’s lands grootste politieke partij.

De Hodler staat symbool voor iets. Eén, Blocher is een loyale, traditionele Zwitser die trots is op het culturele erfgoed van zijn land. Dat strookt met het behoudzuchtige, nationalistische (volgens sommigen „xenofobe”) beleid van de SVP, waarmee de partij sinds 1995 van 15 naar 29 procent groeide. En twee, minstens zo belangrijk: dit schilderij is Blochers persoonlijke eigendom. Hij heeft wel meer Hodlers. Blocher is een fervent kunstverzamelaar, die niet op een dubbeltje kijkt. Het tijdschrift Cash schat zijn fortuin op 3 à 4 miljard frank (1,8 à 2,4 miljard euro), die hij – zoon van een arme dominee en gepromoveerd in de rechtswetenschap – heeft vergaard met het chemische concern EMS Chemie. Met het Hodlerschilderij maakt Blocher bezoekers in één oogopslag duidelijk dat hij, de self-made miljardair wiens bedrijf de grootste werkgever is van het kanton Graubünden, niets zal doen dat ’s lands economische belangen schaadt.

Voor een partij die niet alleen een grote greep heeft op de Zwitserse politiek maar die de politieke cultuur ook ingrijpend heeft veranderd, kan het geen kwaad om dat te benadrukken. De SVP is een ultraliberale partij, die zo min mogelijk staat wil en vindt dat de toch al lage belastingen verder omlaag moeten. „De SVP is Thatcheriaans”, zegt Hans Hirter, politicoloog aan de universiteit van Bern, „en uitgesproken pro-globalisering.”

Toch straalt de SVP vaak het omgekeerde uit. Bewust – de achterban bestaat vooral uit mensen met een minder goed gevulde beurs. Er zitten van oudsher veel boeren en kleine zelfstandigen bij de SVP; de partij bestond, onder een andere naam, al in de jaren twintig, vooral rondom Bern. De laatste tien jaar krijgt deze groep gezelschap van ontgoochelde socialisten en liberalen die bang zijn dat het harde kapitalisme van de globalisering hen, hun banen en traditionele levenswijze bedreigt.

Dus fulmineert de SVP tegen de Europese Unie. Tegen de VN. Tegen open grenzen. Tegen misbruik van de asielprocedure. Tegen Fransen, Duitsers en Polen die hier werken en Zwitsers het brood uit de mond stoten. Geen wonder dat de SVP van een afstandje de indruk wekt een protectionistische, conservatieve, bijna wereldschuwe partij te zijn. Een partij, kortom, waarvoor economische overwegingen niet op de eerste plaats komen.

De Zwitserse politieke cultuur kon tot voor kort met één woord worden gekenschetst: consensus. De SVP veranderde dat – Blochers confronterende handelwijze is de belangrijkste reden dat hij zijn ministerspost verloor. Hij maakt taboes bespreekbaar, zoals vriendjespolitiek, corruptie onder ambtenaren of problemen met immigranten. Hij gooit meningsverschillen binnen de regering, die vroeger binnenskamers bleven, op straat. Sommige Zwitsers vinden het geweldig dat hij de stal uitveegt, en nemen zijn botheid voor lief. Anderen gruwen van Blocher. Zij zeggen dat hij de goede reputatie van het land – gastvrij, vriendelijk, enzovoort – te grabbel gooit. Een SVP-verkiezingsposter waarop witte schapen een zwart schaap van de Zwitserse vlag schoppen haalde alle belangrijke internationale media. Ook een uitspraak van de populaire, jonge christen-democratische economieminister Doris Leuthard wordt veelvuldig aangehaald: „Het gevaar bestaat dat we buitenlandse investeerders afschrikken.”

Maar de meeste mensen die zich erin verdiept hebben, zeggen dat dit onzin is. Bij Economiesuisse, de federatie van Zwitserse bedrijven, gruwden ze tot begin jaren negentig van de SVP. Maar hoe groter de partij werd, hoe meer deze lobbyisten merkten dat ze op veel terreinen prima met SVP’ers konden samenwerken. „Op fiscaal gebied of als het gaat over energiebeleid”, zegt Urs Rellstab van Economiesuisse, „merk je nauwelijks verschil tussen SVP’ers en politici van andere centrum-rechtse partijen. Ze willen wat goed is voor de economie.”

Blocher wil de energiemarkt liberaliseren en Swisscom privatiseren. Alleen als buitenlandspolitieke onderwerpen aan de orde zijn, wijkt de SVP af van andere rechtse partijen. SVP’ers zijn tégen nieuwe bilaterale verdragen met de EU. Ze wilden niet bij de Schengenzone horen, laat staan dat burgers uit de tien nieuwe EU-landen zomaar naar Zwitserland konden komen. Officieel dan. Want de zaak ligt gecompliceerder.

Zo doet Blochers eigen bedrijf EMS Chemie – dat wereldwijd 2.100 mensen in dienst heeft en tegenwoordig door zijn dochter Magdalena wordt gerund – goede zaken in de nieuwe EU-landen. Zwitserse bedrijven hebben dankzij een verdrag tussen Bern en Brussel vrij toegang tot deze groeimarkten, net zoals de bedrijven in de EU. In ruil daarvoor betaalt Zwitserland mee aan de wederopbouw van de tien nieuwe lidstaten. Noorwegen, dat evenmin EU-lid is en dezelfde overeenkomst heeft met Brussel, doet dat keurig. Maar de SVP organiseerde vorig jaar een referendum om deze financiële transfer te blokkeren. Toch hadden Blocher en andere partijkopstukken geen bezwaar tegen die transfer (ruim 650 miljoen euro): voor hen was het dat wel waard.

Ook het SVP-referendum tegen vrij verkeer van personen uit de tien nieuwe EU-landen, in 2005, kwam niet uit Blochers koker. De SVP verloor beide referenda, nipt.

Veel lakens bij de SVP worden uitgedeeld door mensen met een economisch belang bij een open Zwitserland. Naast Blocher is Peter Spuhler uit Thurgau de bekendste. Zijn onderneming levert treinstellen en trams aan transportbedrijven overal ter wereld. Jean-François Rime, uit Fribourg, heeft – onder meer – houtzagerijen. Ook keukenfabrikant Peter Föhn uit Schwytz, Hansruedi Wandfluh uit Bern (machineonderdelen) en shampookoning Alexander Baumann uit Thurgau zijn invloedrijk. Spuhler en Rime distantiëren zich openlijk van de partij als het om Europa gaat. De anderen voegen zich naar het partijdictaat maar gaan, verzekeren ingewijden, stilletjes hun eigen gang.

Waarom maakt de partij zo’n spagaat? „Om stemmen te verzamelen”, antwoordt Lukas Golder van Gfs.bern, een denktank die ook opiniepeilingen doet. „Een brede, populaire partij moet diverse doelgroepen plezieren. De SVP doet om electorale redenen soms uitstapjes op terreinen die niet tot de core business van de partij behoren.”

Een van die terreinen is landbouw. Boeren zijn nog altijd de kern van het SVP-electoraat: niet alleen kleine boertjes, maar ook agro-tycoons die veel geld inbrengen. Vandaar dat de SVP vrije-marktbeginselen predikt én nog steeds een protectionistisch landbouwbeleid voert. Zwitserse boeren krijgen royaal overheidssubsidie. Op buitenlandse landbouwproducten zitten hoge importheffingen. Dat houdt de prijzen kunstmatig hoog: voor een kilo appels of een landbouwmachine betaal je meer dan in buurlanden. De SVP-achterban profiteert daarvan. Dus adverteerde de SVP voor de verkiezingen in oktober met Alpenweitjes en boeren met klotsende emmers melk. Ingewijden weten dat Blocher de staatssteun voor achtergelegen bergregio’s al wel de nek om heeft gedraaid – te veel overheid, vond hij.

Dé twee onderwerpen waaraan de SVP haar succes dankt, zijn Europa en buitenlanders. Ook daarover is de partij ambivalent. Blochers campagne tegen het EU-lidmaatschap, in 1992 – die hij won –, zette de SVP op de kaart: veel andere partijen waren voor toetreding. Door daarna te hameren op buitenlanders die uit de staatsruif aten, Zwitsers werkloos maakten en uit stelen gingen, werd Blocher ook populair bij arbeiders van links en angstige kleine luiden van rechts.

In de jaren negentig beleefde Zwitserland de eerste echte economische recessie sinds de Tweede Wereldoorlog. Er was werkloosheid, bedrijven trokken naar lagelonenlanden. De globalisering en de komst van vluchtelingen uit Kosovo boezemde mensen angst in. De socialisten, de liberalen en andere gevestigde partijen probeerden die angst met rationeel redeneren weg te nemen. Blochers antwoord was emotioneel: hij bevéstigde die angst. Zo begon zijn opmars pas goed.

Toen hij in 2003 minister van Justitie werd, manifesteerde hij zich vooral met superstrenge asielwetten. Nu wordt hij gezien als de man die de immigratie en criminaliteit een halt toeriep. „Zelf interesseert hem dat niet zo”, denkt Michael Hermann, politicoloog aan de universiteit van Zürich. „Maar hij weet: zo win je verkiezingen.”

Liefst had Blocher deze week een andere ministerspost gewild om zich aan zijn échte missie te wijden: „De conservatief-liberale anti-etatistische revolutie”, zoals Hermann het noemt. Als oppositieleider moet hij een andere manier verzinnen om die te ontketenen.

Behalve minder overheid, minder belastingen en een beperkter sociaal vangnet dan er al is, wil Blocher dat Zwitserland maximaal profiteert van zijn fiscale onafhankelijkheid in Europa. Hij wil met lage tarieven meer holdings van multinationals aantrekken – tot nijd van EU-landen die deze bedrijven nu al naar Zug of Nidwald zien vertrekken. Zwitsers zelfbelang, vooral financieel, staat voor de SVP centraal. De partij windt daar steeds minder doekjes om. Geen wonder dat de SVP in elitaire kringen opgang maakt.

Tot nog toe kreeg de partij ’s lands financiële en economische establishment niet mee. In 1991 zette de bank UBS Blocher nog uit de beheersraad, wegens zijn ideeëngoed. Daniel Vasella van Novartis en Walter Kielholz van Crédit Suisse richtten zelfs een fanclubje voor de liberale partij op – om de SVP te ‘counteren’, de enige grote rechtse partij die leek over te blijven. Maar de liberalen zitten in een vrije val. Ze formuleren geen antwoorden op de uitdagingen van deze tijd. Steeds meer Zwitsers vinden hen te libertijns, te Europees. Zakentycoons lopen niet met hun SVP-sympathieën te koop. Maar de gematigde SVP’ster die woensdag in Blochers plaats tot minister werd gekozen, Eveline Widmer-Strumpf, is als minister van Financiën in kanton Graubünden alom gerespecteerd. SVP-politici zijn op zakencongressen welkom als ieder ander. Op zo’n congres in Lausanne werd laatst de moderator uitgefloten: deze journalist waagde het om te vragen hoe je als „redelijk’’ mens een partij kon steunen die racistische (schapen)posters verspreidde.

Maar het grootste mirakel is wel dit: hoe gewone mensen met bescheiden inkomens – de hoeksteen van het SVP-electoraat – zo massaal op een partij kunnen stemmen die zo tegen hun belangen indruist. „Het gaat economisch goed in Zwitserland”, zegt politicoloog Hermann. „Daardoor voelen mensen de sociale kou nog niet. Als Blocher praat over belastingverlaging en minder staat, denken ze niet dat zij daar misschien ooit last van gaan krijgen.” Voorlopig kan Blocher op twee bruiloften blijven dansen. Hoe ambivalenter de partij op economisch gebied, hoe beter het voor hem is, zegt hij.

Meer informatie over Zwitserse politieke ontwikkelingen: www.swissinfo.ch