Burgers van een continent zonder blauwdruk

Leonard Ornstein & Lo Breemer (red): Paleis Europa.Grote denkers over Europa. De Bezige Bij. 159 blz. € 16,90

De klap van het dubbele ‘nee’ tegen de Europese grondwet in Frankrijk en Nederland kwam hard aan. Zo hard dat er geen nieuw referendum mocht komen, want de angst voor een nieuw nee won het van de democratische verplichting. Ondertussen stond het denken niet stil. Zo werd op initiatief van koningin Beatrix een aantal bijeenkomsten in kleine kring belegd rond de vraag ‘hoe nu verder?’ Een zestal denkers sprak zich uit en hun lezenswaardige inleidingen zijn gebundeld, voorafgegaan door een beschouwing van Geert Mak.

De verdeeldheid die de laatste jaren de kop opstak bij het idee van een verder gaande eenwording is ook terug te vinden in deze bundel. Niet toevallig worden de dwingendste vragen opgeworpen door denkers met een Britse achtergrond. Larry Siedentopf ziet ook een ‘gezonde kant’ aan een ‘nationalistische tegenreactie’: ‘Men maakt zich zorgen over de gevestigde identiteit als nationale staatsburger.’ De diplomaat Robert Cooper is ook duidelijk: ‘De Europese Unie is geen staat en zal dat naar mijn mening ook nooit worden.’

Die kritiek neemt niet weg dat er dwingende vragen blijven over de geografische afbakening van de Unie, over de democratische rechtvaardiging van al het Brusselse beleid en vooral over de mogelijkheden van een Europees burgerschap. Die meer emotionele vereenzelviging wordt in de meeste bijdragen met verve bepleit, maar heel veel meer dan wenselijkheid wordt het niet.

Wie zoekt naar een nieuwe rechtvaardiging van het Europese project kan misschien beter nadenken over de behoefte aan veiligheid. Een continent waar mensen zich vrij kunnen bewegen vraagt om een gezamenlijke immigratiepolitiek, maar ook om toenemende samenwerking op het gebied van politie en justitie. Die kant van het Europese project blijft onderbelicht. Ten onrechte, want een Europa dat als bron van onveiligheid wordt gezien roept steeds meer afwerende reacties op.

Tegelijk dwingt de globalisering tot de schaalvergroting die de Europese Unie als enige kan bieden. Dat is de manier waarop Europa een eigen samenlevingsidee, waarbij sociale rechtvaardigheid een belangrijke norm blijft, overeind kan houden in de wanorde van de wereldeconomie. De Franse denker Dominique Moïsi heeft gelijk als hij in Paleis Europa opmerkt: ‘We moeten ons laten leiden door de historisch gezien unieke opkomst van Azië in het kielzog van China en India, en niet zozeer door de angst voor het islamitische fundamentalisme’.

Europa is een continent zonder blauwdruk, stellen de redacteuren samenvattend. Het is meer dan een vrijhandelszone en minder dan een superstaat. Dat gemengde politieke bestel zal de lidstaten als parlementaire democratieën, als rechtsstaten en verzorgingsstaten moeten beschermen. Dat is voorlopig van meer belang dan de ambitie om een vorm van Europees burgerschap voort te brengen.