Weer verrast door arbeiders die blijven

Gemeenten met veel Oost-Europeanen willen steun van het Rijk, bleek tijdens de Polentop. Minister Donner houdt de boot af. „Hij is niet serieus met dit onderwerp bezig.”

Minister Vogelaar (Wonen, Wijken en Integratie, PvdA) en de Rotterdamse wethouder Karakus (bouwen en wonen, PvdA). Foto Dirk-Jan Visser (Foto: Dirk-Jan Visser / Rotterdam: 12-12-2007) De Rotterdamse wethouder Hamit Karakus overhandigt de uitkomst van de 'Polentop' aan minister Vogelaar in het Golden Tulip hotel te Rotterdam. Tijdens de top georganiseerd op initiatief van Karakus overleggen veertig gemeenten over de toenemende problemen met arbeidsmigranten uit Oost-Europa. Hier: links minister Vogelaar en rechts de Rotterdamse wethouder Hamit Karakus Visser, Dirk-Jan

Herinneringen aan de jaren zeventig doemden gisteren op aan de oevers van de Nieuwe Maas. De inschattingsfout van ruim dertig jaar geleden, toen Turkse en Marokkaanse gastarbeiders massaal besloten te blijven en de overheid toekeek, mag niet meer worden gemaakt. Nederland moet zich voorbereiden op een permanent verblijf van Oost-Europese arbeidsmigranten, nu nog overwegend Polen. Op dit moment zijn er naar schatting 100.000 in het land.

Met die boodschap sloot minister Vogelaar (Wijken en Integratie, PvdA) gistermiddag de ‘Polentop’ af in Rotterdam. Daar hadden 53 gemeenten zich gebogen over maatregelen in hun strijd tegen de overlast die, aldus de aanwezigen, zienderogen toeneemt sinds op 1 mei de grenzen verder zijn opengesteld voor werknemers uit EU-landen. Dat heeft vooral Polen aangetrokken. Ze staan weliswaar te boek als werklustig, maar door hun concentratie in bepaalde straten en wijken zorgen ze voor overlast. „Waar ik vooral van geschrokken ben, is dat ze nu ook vrij massaal lijken te blijven”, zei Vogelaar, die de Poolse gemeenschap wil betrekken bij de discussie.

Maar de Polentop was nog niet begonnen of Vogelaars collega-minister Donner (Sociale Zaken, CDA) perkte het speelveld van de gemeenten drastisch in. Een goed initiatief, die Polenconferentie, maar de lokale bestuurders moesten zich niet rijk rekenen. Wat Donner betreft krijgen de gemeenten voorlopig geen financiële en juridische hulp bij pogingen de gesignaleerde overlast, variërend van illegale (over)bewoning en taalachterstanden tot uitbuiting en drankmisbruik, tegen te gaan.

Volgens Donner is volkshuisvesting een taak van de gemeenten zelf. Hij wil de problemen eerst inventariseren voor hij extra maatregelen neemt of geld geeft, liet hij later op de dag de Tweede Kamer weten. Over een half jaar, bij de vervolgbijeenkomst op de Polentop, is hij bereid zijn mening te herzien.

Geconfronteerd met Donners stellingname reageerde wethouder Hamit Karakus van Rotterdam (Bouwen en Wonen, PvdA) geprikkeld. „Hij is niet serieus met dit onderwerp bezig als hij niet met geld over de brug komt”, zei de initiatiefnemer van de bijeenkomst. Volgens Karakus onderschat de minister de problematiek. Rotterdam alleen al telt naar schatting 15.000 Polen, die zijn geconcentreerd in drie deelgemeenten: Charlois, Feijenoord en Delfshaven.

In navolging van een Kamermeerderheid pleiten de gemeenten voor verlenging van de nu nog verplichte tewerkstellingsvergunning voor Bulgaren en Roemenen. Pas in 2012 zouden migranten uit deze landen vrij toegang mogen hebben tot de Nederlandse arbeidsmarkt. Donner wil echter vasthouden aan 1 januari 2009. Uitstel leidt volgens hem tot schade aan de economie omdat vele vacatures onvervuld blijven. Bedrijven zouden dan eerder geneigd zijn hun activiteiten naar het buitenland te verplaatsen.

Een belangrijk wapen in de strijd tegen uitbuiting is, aldus de gemeenten, de herinvoering van een bewijs van goed gedrag in de uitzendbranche. Momenteel regeren „de malafide jongens” bij de tewerkstelling van arbeidskrachten uit Oost-Europa, stelde de Rotterdamse wethouder Dominic Schrijer (Werk, Sociale Zaken en Grotestedenbeleid, PvdA). Hij pleit voor „een grote schoonmaak om het kaf van het koren te scheiden”. Steun voor zijn oproep vond Schrijer gisteren bij drie brancheverenigingen. Gemeenten moeten het goede voorbeeld geven door voortaan nog slechts zaken te doen met gecertificeerde bureaus. Vorig jaar nog verzette de Tweede Kamer zich tegen deregulering. Schrijer: „Nu de sector zelf aandringt op regulering, heeft de Tweede Kamer geen keuze meer.”

Rotterdam grijpt de discussie rondom de Polen ook aan om „de eigen onderkant van de arbeidsmarkt op te schudden”, erkent Schrijer. In de 39 gemeenten in de Rijnmondregio zitten momenteel circa 60.000 mensen werkloos thuis, rapporteerde het Centrum voor Werk en Inkomen vorige maand. Bovendien biedt het Polen-vraagstuk de stad de gelegenheid om de strijd tegen de huisjesmelkers kracht bij te zetten.

Leefbaar Rotterdam, met veertien zetels de grootste oppositiepartij in de raad, waarschuwde vorig jaar al voor de gevolgen van het openstellen van de grenzen voor EU-ingezetenen.

Leefbaar-raadslid Marco Pastors reageerde gisteravond teleurgesteld op „de inhoudsloze reeks van zogenaamde maatregelen”. Certificering in de uitzendbranche is volgens de oud-wethouder een goed idee. „Maar het zijn de werkgevers die besluiten met wie ze in zee gaan, niet de gemeenten.” Volgens Pastors probeert het Rotterdamse stadsbestuur goede sier te maken met ‘symboolpolitiek’. „Men kiest voor de vlucht naar voren zonder zelf harde keuzes te maken.” En minister Donner? „Die verkeert, zoals wel vaker, in het Land van Ooit.”

Lees eerdere artikelen over de Polentop op nrc.nl/binnenland