ook in première

Voleurs de chevaux. Regie: Micha Wald. Met: Grégoire Colin, Adrien Jolivet, François-René Dupont, Grégoire Leprince-Ringuet. **

De debuutfilm van de Belg Micha Wald, Voleurs de chevaux, speelt zich af begin negentiende eeuw ‘ergens in het Oosten’ en wordt verteld in drie delen. In het eerste staan de broers Jakub en Vladimir centraal en zien we hun meedogenloze opleiding tot Kozak. In het tweede deel volgen we de paardendieven uit de titel en zien we in een flashback waarom de een zo begaan is met zijn broer. Het derde, langste deel laat de diverse pogingen zien van Jakub om zijn gedode broer te wreken. Wald wilde met Voleurs de chevaux een mythische en universele avonturenfilm maken over wraak en diepe gevoelens van broederschap. Het resultaat is echter weinig meeslepend en de emoties blijven vrij basaal: broers beschermen elkaar, voelen liefde en haat en zijn soms jaloers op elkaar. Door Walds afkeer van de close-up blijven we ver van de broers en wordt hun zware leven weinig invoelbaar. Wald slaagt er beter in zijn acteurs in de overweldigende natuur te zetten, met woeste landschappen die langzaam door de camera worden afgetast. (AW)

De verloren schat van de Tempelridders II. Regie: Giacomo Campeotto. Met: Julie Grundtvig Wester, Christian Heldbo Wienberg. In: Ketelhuis, Amsterdam; Lantaren/Venster, Rotterdam. ***

Net als De verloren schat van de Tempelridders van vorig jaar is het vervolg weer een topavontuur voor kinderen van een jaar of negen, tien, elf. Er wordt geknokt, gerend, gevallen en weer opgestaan. Er is opnieuw een groot mysterie dat niet onderdoet voor die in de reeks Indiana Jones- films – waar ook een grappende verwijzing naar wordt gemaakt. Er is geen enkele reden om pretentieus te doen over deze avonturenfilms en het aardige is dat de makers dat ook geen moment doen. Ze halen geen ingewikkelde toeren uit, ze hebben gewoon een degelijk scenario spannend verfilmd, met precies dezelfde cast als in deel I en volgend jaar in deel III. Alleen de regisseur is tussentijds vervangen, maar dat zou niemand opvallen. BB

Run, Fat Boy Run. Regie: David Schwimmer. Met: Simon Pegg, Hank Azaria, Thandie Newton. In: 39 bioscopen. **

Hoofdpersoon Dennis in Run, Fat Boy, Run slaat eerst op de vlucht voor de liefde-in-bruidsjurk. Daarna rent hij de marathon van Londen om die liefde terug te winnen. En in de tussentijd gaat hij op de loop voor – en de film met – zichzelf. Run, Fat Boy, Run is leuk, melig, saai en soms ronduit wansmakelijk en hij zou waarschijnlijk weinig aandacht trekken als David – Friends – Schwimmer er niet zijn regiedebuut mee had gemaakt. De codes zijn duidelijk: kom nooit tussen een man en zijn vieze sokken. DL

Carla’s List.

Regie: Marcel Schüpbach. In: 5 bioscopen. *

Na de overdonderende en buitelende Heimatklänge van vorige week brengt de documentaire-distributeur Cinema Delicatessen Carla’s List uit, een film die je gerust het andere uiterste mag noemen. De Zwitserse filmmaker Marcel Schüpbach volgt de Zwitserse Carla del Ponte, die tot september van dit jaar de hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal was. We krijgen een kritiekloos portret dat als reconstructie wordt gepresenteerd, een vorm van journalistieke normvervaging die niet voor Schüpbach pleit. Zijn visuele middelen zijn uiterst beperkt en hij kan maar niet van de microfoon afblijven om in voice-over van zijn bewondering blijk te geven. Carla del Ponte verdient vast zo’n glansportret, maar de kijker heeft er verder weinig aan. BB