Minder vlees moet, en u weet best waarom

Wie serieus werk maakt van het broeikasprobleem, eet minder vlees. Drie vleesloze dagen doen evenveel als 3 miljoen minder auto’s, schrijven Kim van der Leeuw en Karen Soeters.

Na ‘An Inconvenient Truth’ wijzen veel Nederlanders de auto en de gloeilamp aan als grote boosdoeners voor de opwarming van de aarde. Het kabinet overwoog zelfs korte tijd een gloeilampverbod. Er is echter nog een belangrijke oorzaak: de vleesconsumptie.

Nederland is het meest veedichte land van Europa. Dat resulteert in 70 miljard kg mest per jaar met de onvermijdbare problemen. Maar daar komt nog iets bij: één koe stoot volgens berekeningen van adviesbureau CLM net zoveel broeikasgassen uit als 4,5 auto’s (70.000 km autorijden per jaar).

Het eten van vlees levert een netto bijdrage aan de CO2-uitstoot van 1.400 kg oftewel 22,4 megaton voor alle Nederlanders. Dat is het equivalent van 140 miljard autokilometers. Om die reden is de vraag gerechtvaardigd waarom het kabinet wél inzet op klimaatbescherming via spaarlampen en energiezuinige apparaten, maar de vleesconsumptie lijkt te negeren. Een biefstukbelasting zou voor het klimaat meer opleveren dan een kilometerheffing.

Nog steeds valt vlees onder het lage BTW-tarief, nog steeds worden de kosten van vleesproductie afgewenteld op de samenleving en nog steeds worden vervuilers in de vleessector gesubsidieerd.

Minister Verburg deed wat lacherig over voorstellen om een vleesvrije dag te stimuleren via een overheidscampagne, ‘donderdag zonderdag’, terwijl Pieter van Geel al in 2005 namens het kabinet heeft bevestigd dat vlees het meest milieuvervuilende onderdeel is van ons voedselpakket. Vleesconsumptie en de daarmee samenhangende milieuvervuiling verdienen serieuze aandacht van een overheid die pretendeert de uitstoot van broeikasgassen terug te willen dringen.

Eén dag per week geen vlees zou toereikend zijn om de klimaatdoelstellingen van particuliere huishoudens (3,2 megaton vermindering per jaar) te realiseren. Eén dag zonder vlees zou tweemaal zoveel broeikasgasuitstoot sparen als het vervangen van alle gloeilampen door spaarlampen.

Twee dagen per week geen vlees, bespaart net zoveel als het overstappen van de hele bevolking op een energiezuinige koelkast en diepvriezer, een zuinige wasmachine, een zuinige vaatwasser, een zuinige wasdroger, dubbel glas in alle huizen, allemaal een hr-ketel en de isolatie van alle Nederlandse voorgevels, samen 6,25 megaton.

Dekken we de tafel drie dagen per week met een vleesloze maaltijd, dan kunnen we een besparing realiseren gelijk aan het van de weg halen van 3 miljoen auto’s. In 4 dagen zitten we aan een equivalent van al het elektriciteitsgebruik van alle huishoudens (13 megaton) en in 6 vleesvrije dagen zouden we het equivalent bereiken van een autovrij Nederland (18 megaton).

En dan laten we de gezondheidsaspecten van het eten van vlees, het gevaar van voor de mens besmettelijke dierziekten en de omstandigheden waaronder dieren moeten leven in de bio-industrie nog buiten beschouwing.

In het klimaatbeleid van milieuminister Cramer wordt als doel gesteld de broeikasgasemissies die worden veroorzaakt door de veehouderij tot de helft te reduceren. Oplossingen worden nu vooral gezocht in symptoombestrijding. Er worden emissiearme stallen ontworpen om methaan af te kunnen vangen. Gevolg: steeds meer koeien permanent binnen. Ook is een vuistgrote pil in ontwikkeling die de methaanboeren en -scheten zou moeten verminderen bij koeien.

Meer voor de hand ligt een oplossing aan de bron. Om het klimaatprobleem echt aan te pakken is een vermindering van de consumptie van dierlijke eiwitten onvermijdelijk. Het klimaatprobleem ligt op ons bord. Wat we daarop serveren kan een echte bijdrage leveren aan de oplossing. Vlees is verspilde energie!

Kim van der Leeuw is onderzoeker aan het Instituut voor Milieuvraagstukken van de Vrije Universiteit Amsterdam.Karen Soeters is directeur van de Nicolaas G. Pierson Foundation, het wetenschappelijk bureau van de Partij voor de Dieren.