Ja, de kerk gaat op deze manier steeds meer lijken op Land van Ooit

Paus Benedictus XVI heeft de Groningse bisschop Wim Eijk benoemd tot de nieuwe aartsbisschop van ons land.

De kerk is steeds harder op weg naar een droomwereld.

Met Wim Eijk heeft paus Benedictus XVI een man naar zijn hart tot aartsbisschop van Utrecht benoemd, een bisschop die zijn beeld en gelijkenis is. Dat deed hij onlangs ook met de benoeming van Donald Wuerl tot aartsbisschop van Washington en van Reinhard Marx tot aartsbisschop van München. Zij zijn academisch geschoold, recht in de leer en schromen niet hun collega’s de les te lezen.

Bisschop Eijk deed dat vorig jaar toen hij bij de vorming van de Faculteit Katholieke Theologie te Utrecht een aantal docenten wegens hun opvattingen over homoseksualiteit, feminisme of de eucharistie uitsloot. Daarmee liet hij niet alleen deze bekwame theologen vallen, maar impliciet kapittelde hij ook zijn collega-bisschoppen die eerder aan diezelfde theologen wel een doceerbevoegdheid hadden verleend.

Alle tot nu toe door paus Benedictus XVI benoemde aartsbisschoppen hebben al bestuurlijke ervaring opgedaan als bisschop van een kleiner bisdom. Eijk heeft vanaf 1999 het bisdom Groningen-Leeuwarden als een bekwaam manager geleid. Hij heeft de organisatiestructuur eenvoudiger gemaakt en de lijnen korter, en vooral: hij heeft het financiële beheer op orde gebracht. Dat is ook in het aartsbisdom Utrecht hard nodig, want het is een publiek geheim dat dit bisdom, – zoals enkele andere Nederlandse bisdommen – aan de rand van een faillissement staat.

De nijpende financiële situatie is niet de enige overeenkomst tussen de rooms-katholieke kerk en het Drunense themapark het Land van Ooit. Ook in andere opzichten lijken zij op elkaar. Ook de kerk begint steeds meer een droomwereld uit een ver verleden te worden, een plek waar je even kunt schuilen voor de verwarring van deze tijd. In de jaren zestig van de vorige eeuw, rond het Tweede Vaticaans Concilie, zette de rooms-katholieke kerk de ramen en de deuren wijd open: de kerk moest bij de tijd gebracht worden. Maar van de weeromstuit bleken mensen in hoog tempo de kerk te verlaten. Daarom zijn de ramen en de deuren weer gesloten. De kerk heeft zich naar binnen gekeerd. Zij is er voor de heilige rest. Zij sluit zich af van de boze buitenwereld. Veel katholieke intellectuelen hebben het instituut kerk achter zich gelaten. Zij blijven zoeken naar geloof en zingeving, maar doen dat vooral buiten de muren van het instituut. En wie binnen zijn gebleven, zijn overwegend gezagsgetrouwe en onbekommerde gelovigen.

De keuze voor bisschop Eijk is een keuze voor deze heilige rest, niet voor de zoekers en twijfelaars, niet voor halfkerkelijken, randkerkelijken en onkerkelijken, niet voor ietsisten en nietsisten. De keuze voor bisschop Eijk is een keuze voor de kerk als een veilige vluchtheuvel in een verwarrende wereld. Die kerk wordt geleid door een generatie jonge priesters, die naar de vorige paus wel de JPII-generatie wordt genoemd: trouw aan het gezag, recht in de leer en strak in het pak. Tot in hun kleding drukken zij uit dat zij van een andere wereld zijn. Daarin lijken zij op de lakeien en ridders van het Land van Ooit. Ach, het Land van Ooit: het is mooi er af en toe op bezoek te komen. Maar wie zou er altijd willen wonen?

Peter Nissen is hoogleraar geschiedenis van het christendom aan de Radboud Universiteit Nijmegen.