Britten blijven in Afghanistan

Groot-Brittannië zal voor onbepaalde tijd met bijna 8.000 militairen aanwezig zijn in Afghanistan. Dat heeft de Britse premier Gordon Brown, die eerder deze week zijn eerste reis als premier naar Afghanistan maakte, gisteren verklaard in het Lagerhuis. Voor de periode 2009-2012 heeft hij 450 miljoen pond (625 miljoen euro) hulp toegezegd aan Afghanistan, vooral bedoeld voor versterking van de rechtsstaat.

Brown zei gisteren de pogingen van president Karzai te steunen om voormalige Talibaanstrijders in het politieke proces te betrekken: „Als ze bereid zijn om geweld af te zweren, de grondwet te volgen en de mensenrechten te respecteren is er een plaats voor hen in de wettige maatschappij en economie van Afghanistan.” Karzai heeft de Talibaan herhaaldelijk opgeroepen tot een dialoog, maar stelt als voorwaarde dat zij de wapens neerleggen. Talibaanwoordvoerders antwoorden steevast dat een gesprek pas mogelijk is als alle buitenlandse militairen Afghanistan verlaten. Karzais beleid is er nu op gericht om strijders los te weken van het leiderschap.

Dat leiderschap bestaat volgens een anonieme Britse diplomaat uit tien of twaalf personen, die in Pakistan bijeenkomen. Volgens een eveneens anonieme hoge ambtenaar helpt Groot-Brittannië de Afghaanse regering met de identificatie van Talibaanstrijders die bereid zouden zijn om aan de politiek deel te nemen.

In het district Sangin in Helmand zijn gisteren volgens het Afghaanse ministerie van Defensie ruim vijftig Talibaan gedood toen zij een overheidsgebouw aanvielen. Sangin ligt ten zuiden van de stad Musa Qala, die begin deze week werd heroverd op de Talibaan. De Talibaanstrijders vluchtten tijdens die gevechten naar Sangin, en naar de bergen in het noorden, in de richting van Uruzgan.

In Uruzgan zijn vandaag zes burgers omgekomen toen hun auto even buiten Tarin Kowt op een bermbom reed. In het oosten van het land zijn gisteren twee NAVO-militairen omgekomen door een bermbom. (AP)