Zakendoen met een dictator

Parijs heeft de Libische leider Gadaffi op grootse wijze ontvangen.

Voor Sarkozy geldt: eerst nauwere betrekkingen, daarna de mensenrechten.

Drie keer ontmoet de Franse president Nicolas Sarkozy deze week de Libische ‘gids’ Moammar Gaddafi tijdens diens omstreden vijfdaagse bezoek aan Parijs. Op de eerste dag, maandag, bleek al dat de Franse president bij deze gelegenheid ook zichzelf tegenkomt. „Ik heb met hem over mensenrechten gesproken”, schoot Sarkozy na zijn eerste gesprek in de verdediging. „Ik heb gezegd hoeveel vooruitgang nog geboekt moet worden. In alle opzichten.”

De verzekering kon de controverse niet meer stoppen. En Gaddafi zorgde gisteravond alweer voor verwarring in een interview op de Franse televisie. Mensenrechten? „President Sarkozy en ik hebben het daar niet over gehad.”

Sarkozy heeft in de zes maanden dat hij regeert een gedaanteverwisseling ondergaan. Op de avond van zijn verkiezing, in mei, beloofde hij dat Frankrijk onder zijn leiding „aan de zijde van de onderdrukten zou staan”. Mensenrechten zouden boven andere belangen gaan, dat was de Franse rol in de wereld.

De Russische president Poetin kreeg te horen dat Tsjetsjenië voor Sarkozy „geen detail in de geschiedenis” was. In de zomer eiste Parijs een hoofdrol op bij de onderhandelingen over de vrijlating van de Bulgaarse verpleegsters en een Palestijnse arts die Gaddafi al acht jaar – tot grote onvrede van Europa – gevangen hield.

Nu, amper zes maanden later, heeft Sarkozy een reputatie als Realpolitiker die het Franse commerciële belang boven de mensenrechten stelt. Zijn critici hadden de afgelopen weken voer in overvloed. In China haalde Sarkozy voor miljarden aan contracten binnen voor Franse bedrijven, maar zei hij niets over Tibet. En hij liet zijn staatssecretaris voor mensenrechten, Rama Yade thuis.

Fel waren de reacties in eigen land en in Europa toen Sarkozy vervolgens als enige Europese leider de Russische president Poetin persoonlijk belde om hem te feliciteren met de overwinning van diens partij bij de parlementsverkiezingen die volgens waarnemers niet eerlijk waren verlopen.

En nu weer tijdens de ontvangst van Gaddafi. Frankrijk zit er mee in de maag het eerste Europese land te zijn dat een uitgebreid welkom bereidt aan de dictator die in 2003 het terrorisme afzwoer en ontmanteling van zijn massavernietigingswapens beloofde.

Gaddafi laat geen opponenten toe, er zijn martelingen in Libische gevangenissen, en nog dit weekeinde billijkte hij in Lissabon terrorisme als „normaal” middel van de zwakkeren in de wereld om zich te verzetten.

Ook tot in de Franse regering broeit ongemak. Staatssecretaris Yade van Mensenrechten liet zich zo fel uit over het bezoek van Gaddafi dat Sarkozy haar op het paleis ontbood en tot stilte maande. Yade ontbrak maandag op het diner met Gaddafi, evenals minister van Buitenlandse Zaken Kouchner, die „afspraken in Brussel” had. „Gelukkig”, zei hij er zelf bij.

Sarkozy zelf legde een verband met de internationale discussie over Iran: „Wat zouden we tegen de Iraanse leiders moeten zeggen als we nu geen hand uitstaken naar de Libische leider, die zich zelf heeft afgewend van het [streven naar een] kernwapen en het terrorisme?”

Sarkozy is niet de eerste Europese leider die weer zaken doet met Gaddafi. Blair, Berlusconi en Chirac gingen sinds 2003 in Libië langs. Gaddafi zelf bezocht in 2004 toenmalig voorzitter Prodi van de Europese Commissie in Brussel. Toch lijkt Sarkozy verder te willen gaan. Hij acht de weg vrij voor nauwe handelsbetrekkingen, zonder voorwaarden op het gebied van mensenrechten. Sterker, het uitgangspunt staat voorop dat juist nauwere betrekkingen zullen leiden tot verbetering van de mensenrechtensituatie.

Dat blijkt ook uit zijn plannen om een Mediterrane Unie op te richten, waartoe ook Libië moet gaan behoren. Terwijl de Europese Unie aan gezamenlijke projecten rond de Middellandse Zee eisen stelt op het gebied van democratie en mensenrechten, gaan de Franse diplomaten in hun voorbereidingen strikt pragmatisch te werk. Wie geïnteresseerd is en meebetaalt, kan meedoen.

Die opstelling leidt tot kritiek in Europa, onder meer van bondskanselier Merkel. Zij verweet Sarkozy een nieuwe geostrategische verdeeldheid in Europa te scheppen, waarbij Duitsland zich weer op het oosten en Frankrijk op het zuiden zou richten in plaats van op een Europese politiek-democratische samenhorigheid.

Sarkozy’s rechterhand Claude Guéant noemde de Mediterrane Unie een belangrijk onderwerp in de gesprekken met Gaddafi. En de Libische leider reageerde enthousiast: „Ik droom al van een gemeenschappelijke munt voor het mediterrane gebied.”