Waarom krijg je kippenvel, ook als het niet koud is?

Als het koud is, krijg je kippenvel. De huid van Sjoerd van Dommelen uit Rotterdam reageert ook op muziek en de haren van Donald van Pool uit Amersfoort gaan overeind staan als iemand over een schoolbord krast. Hoe zit dat?

„Kippenvel is een primitieve reactie die je niet kunt onderdrukken, omdat deze te maken heeft met het overlevingsmechanisme”, zegt dr. Guido van den Thillart, bioloog aan de Universiteit Leiden. „Kippenvel ontstaat wanneer kleine huidspiertjes aan haarzakjes trekken, waardoor de haren overeind gaan staan. Zo reguleert het lichaam warmte.”

Handig in de tijd dat de mens wat hariger was. Het verklaart kippenvel zónder kou nog niet.

„Kippenvel, of het overeind zetten van de haren, is ook een teken van een emotionele reactie”, legt Jaap Koolhaas, hoogleraar gedragsfysiologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, uit. „Wanneer een kat een rivaal tegenkomt, zet hij zijn haren recht: zo toont hij agressie. Hetzelfde geldt voor mensen. Als ze emotioneel reageren op een ervaring, een gevaarlijke of een plezierige, komen hun haren overeind.”

Of en wanneer een emotie tot kippenvel leidt, bepaalt het brein. De hersenen verbinden elke inkomende prikkel met ervaringen uit het verleden. Wanneer die link informatie oplevert die volgens het brein van belang is voor de overleving, reageert het lichaam door de haren overeind te zetten.

Het krassen op een schoolbord zou hier als negatieve prikkel kunnen gelden. „Ook muziek kan leiden tot emoties die de hersenen in verband brengen met overleven”, zegt Jelle Jolles, hoogleraar neuropsychologie aan de Universiteit Maastricht. „Muziek die we in de loop van ons leven hebben leren kennen, kan dergelijke reacties oproepen.”

Waarom, dat weet de wetenschap nog niet precies. „Er zijn geleerden die stellen dat bepaalde ritmes en klankkleuren in ons lichaam voorgeprogrammeerd zijn en daardoor sneller kippenvel oproepen”, zegt Jolles. „Met name voor marsmuziek zou dat zo zijn. Je kan het vergelijken met honden die reageren op het geluid van andere honden, maar niet op het getjilp van vogels. Zo zijn ze niet geprogrammeerd.”

Sofie Vanlommel