Kersencrumble

Voor een ronde pie-vorm van 24 cm:500 goudrenetten, uitgeboord en geschild1 citroensuiker3 eetlepels witte wijn (of appelsap)350 g kersen op siroop uit pot2-3 mespunten kaneelpoeder13-14 geblancheerde amandelen120 g patentbloemsnufje zout2-3 mespunten gemberpoeder120 g koude roomboter, in blokjes13-14 geblancheerde amandelenvoor de saus:circa 175 g siroop van uitgelekte kersen160 g suiker2 dunne duimbrede repen citroenschil3 kruidnagelen1 eetlepel kirsch

Een crumble is een dankbaar nagerecht omdat het ruim van tevoren kan worden bereid. Handig voor de feestdagen. Een crumble combineert prima met roomijs of crème anglaise. Hier wordt de siroop van de kersen benut voor een dieprode saus bij de crumble.

Bereiding: Verwarm de oven voor op 200 graden. Halveer de appels, snijd ze in plakken van 1 cm dik en leg die in concentrische cirkels dakpansgewijs in de pie-vorm; rasp er de helft van de citroenschil overheen, bestrooi met kaneelpoeder, 1 eetlepel suiker en giet de witte wijn erbij. Doe de kersen in een bolzeef, en vang het sap op in een wijde steelpan. Verdeel de kersen over de appel en bestrooi ze met kaneelpoeder. Vermeng voor het kruimeldeeg bloem, zout, gemberpoeder en 3 eetlepels suiker in een ruime kom en snijd de boter er met een deegkruimer (of 2 messen) doorheen zodat een fijnkruimelig deeg wordt verkregen. Strooi de deegkruimels gelijkmatig over de kersen en steek de amandelen tussen de deegkruimels met de punt naar beneden. Bak de crumble 45 tot 50 minuten in het midden van de oven. Maak in die tijd de saus door de kersensiroop samen met de suiker, citroenschilletjes en kruidnagelen al roerend aan de kook te brengen tot de suiker is opgelost. Draai het vuur laag en laat de siroop in de open pan langzaam indampen gedurende 30 minuten. Giet de saus door een zeef over in een kom, laat haar iets afkoelen en roer er dan de kirsch doorheen.

Florine Boucher

Morgen: Gelakte eendenborst