In het oog van de ANC-storm

De Zuid-Afrikaanse media staan onder druk van zowel president Mbeki als van diens rivaal Jacob Zuma. ‘Er wordt actief gewerkt aan ondermijning van de persvrijheid.’

Wie is een grotere bedreiging voor de Zuid-Afrikaanse pers? De huidige president Thabo Mbeki, of de man die hem hoopt op te volgen, Jacob Zuma? Cartoonist Zapiro zou het niet weten. Wat hem betreft moeten de leden van de regeringspartij ANC op de belangrijke conferentie vanaf komende zondag kiezen tussen „een onbetrouwbare, immorele, machtswellusteling zonder principes” (Zuma) en „een wanhopige, wraakzuchtige aids-ontkenner” (Mbeki). „Kies verstandig kameraad, jouw stem is onze toekomst”, waarschuwde Zapiro deze week in een tekening.

Zuma en Mbeki haten de cartoonist allebei. Zuma wil dat Zapiro hem 1,5 miljoen euro schadevergoeding betaalt, vanwege beschadiging van zijn reputatie. „Welke reputatie?” grapt de tekenaar. Sinds de dag dat Zuma in een rechtbank toegaf geen condooms te hebben gebruikt maar een warme douche na seks met een seropositieve vrouw, beeldt Zaprio hem steevast af met een druipende douchekop boven zijn kale kop.

President Mbeki gebruikt niet de rechter maar de staat om van zich af te slaan. Hij zet de staatszender SABC steeds meer naar zijn hand, werkt aan wetgeving die censuur weer mogelijk maakt en droomt hardop van een mediatribunaal, „ter bescherming van het landsbelang”. In zijn wekelijkse internetcolumn scheldt de president steeds harder op „de vervloekte leugens in de krant”. „Paranoïde en humorloos”, vat Jonathan Shapiro, alias Zapiro, de persoonlijkheid van Mbeki samen.

De Zuid-Afrikaanse media bevinden zich in het oog van de storm die de machtsstrijd binnen regeringspartij ANC is geworden. Sinds het einde van de apartheid in 1994 werd er nooit zo openlijk geruzied binnen de partij en buiten op straat. Er staat veel op het spel: wie komende week wordt gekozen tot leider van de partij, kan zich vijf jaar lang de machtigste man van Zuid-Afrika noemen. De nieuwe ANC-leider wint naar ieders verwachting ook de volgende presidentsverkiezingen, in 2009.

De rivaliserende kampen lekken naar hartenlust naar de kranten maar verklaren ze ook de oorlog zodra de berichtgeving ongunstig is. De kritiek blijft niet beperkt tot woorden, waarschuwt Zapiro. „Er wordt actief gewerkt aan ondermijning van de persvrijheid.”

De krant die daar het meeste last van heeft, is de Sunday Times. Tegen hoofdredacteur Mondli Makhanya werd een strafrechtelijk onderzoek ingesteld nadat de krant schreef dat de minister van Volksgezondheid een kleptomaan en alcoholist zou zijn. Manto Tshabalala-Msimang is een vertrouweling van president Mbeki en zijn spreekbuis in de promotie van knoflook en rode bieten als alternatieve geneesmiddelen. De hoofdredacteur van de Sunday Times wordt ervan beschuldigd het medisch dossier van de minister te hebben ontvreemd waaruit zou blijken dat ze voor heeft gekropen op de wachtlijst voor een levertransplantatie.

„Arrestatie hangt nog steeds boven mijn hoofd”, zegt hoofdredacteur Makhany. „Ze willen me bang maken aan de vooravond van het congres: stop met de aanval op Mbeki.” Het kan verkeren. Toen Jacob Zuma terecht moest staan op beschuldiging van verkrachting van de seropositieve vrouw, was de Sunday Times zijn grootste vijand, wegens de vervelende cartoons (van Zapiro) en de berichtgeving over de vrouwenhaat bij de presidentskandidaat. „Nu we Mbeki pesten heeft hij weer vertrouwen in ons. Maar in één ding hebben Mbeki en Zuma veel gemeen: hun haat voor de media.”

De oppositie wil weten of het waar is dat de telefoons van de krant en vooraanstaande regeringscritici werden afgeluisterd. De Sunday Times dreigt bovendien speelbal te worden van investeerders die warme banden hebben met de regering. Vertrouwelingen van Mbeki willen de uitgever van de Sunday Times, Johncom overnemen. Dan hebben ze ook meteen de populairste krant onder zwarte lezers, The Sowetan in handen en de zakenkrant Business Day.

De aanval op de media legt de eerste scheuren bloot in de democratische modelstaat die Zuid-Afrika beloofde te worden toen was afgerekend met apartheid, censuur en dictatuur. De vrijheden van pers en meningsuiting zijn diep verankerd in de grondwet. Maar de ANC-regering worstelt met de verworven vrijheden. De staatszender SABC heeft een raad van bestuur die bestaat uit prominente leden van de regeringspartij. Een kritische documentaire over president Mbeki, mocht niet worden uitgezonden. Jacob Zuma mocht vorig jaar niet worden benoemd tot „nieuwsman van het jaar”. Toen de vicepresident Mlambo-Ncuka op een bijeenkomst in KwaZulu Natal, thuisbasis van Zuma, werd uitgejoeld, zond de SABC het niet uit. De SABC stapte in september uit het genootschap van hoofdredacteuren (SANEF) toen het forum weigerde de berichtgeving over het dronkenschap van de gezondheidsminister te veroordelen.

Maar de concurrenten van de staatsomroep zijn ook niet altijd de objectieve waakhond die ze zeggen te zijn. Ze laten zich misbruiken door politici, klagen ANC-ers. De Sunday Times staat bekend als lappenmand van iedereen die een hekel heeft aan de zittende president. „We leren elke dag”, erkent hoofdredacteur Makhanya. „Er kwamen op een gegeven moment wel erg veel verdachte enveloppen met gelekte informatie binnen. Nu is onze eerste stelregel: waarom schrijven we dit en wiens belang dienen we? Dit is nieuw terrein, nog nooit werd er zo om de macht gevochten in Zuid-Afrika als nu.”