De pianist

Wijnand van Klaveren (32)

Studie: Conservatorium van Amsterdam (1994-2004)Werk: freelance musicus Huis: appartementLaatst gelezen boek: Hamlet (Shakespeare)Bruto maandsalaris: 1.700 euro

Waarom heeft u indertijd voor het conservatorium gekozen?

„Ik speel piano sinds mijn negende en eigenlijk wist ik toen al dat ik van muziek mijn werk wilde maken. Muziek is altijd de belangrijkste kracht in mijn leven geweest. Het geeft me plezier en geluk. De keuze voor het conservatorium was dus heel vanzelfsprekend, ik heb er nooit over getwijfeld.

„Op de opleiding ben ik begonnen met piano maar na twee jaar heb ik dat uitgebreid met orgel. Dat laatste kwam voornamelijk door Bach, dé orgelcomponist bij uitstek. Het is prachtig om zijn orgelmuziek te spelen. Die ervaring had ik nooit willen missen.”

Wat is er zo leuk aan het muzikantenbestaan?

„Als musicus kom ik overal. De ene keer speel ik in een kerk, de volgende keer in het Concertgebouw en de derde keer in een bejaardenhuis. Die afwisseling is prachtig. De muziekwereld is bovendien vol met sociale contacten. Ik ontmoet ontzettend veel interessante mensen en met een deel van hen ga ik dan ook nog eens samen iets muzikaals ondernemen, zoals het spelen van een concert, het bewerken van een compositie of het opnemen van een cd. Op dit moment speel ik met Amsterdam Sinfonietta en schrijft ik een opera in samenwerking met auteur Hafid Bouazza.”

Behalve uitvoerend musicus ben je ook componist en arrangeur. Waarom die combinatie?

„Het is ontzettend spannend om je eigen muzikale verhaal op papier te zetten. Dat geeft een intens bevredigend gevoel. In de tijd dat ik me nog enkel op de uitvoeren toelegde, vroeg ik me altijd af hoe de stukken die ik speelde in elkaar zaten. Bijna als vanzelf ben ik toen ook gaan schrijven, gewoon uit nieuwsgierigheid.

„Ook daarbij speelden de composities van Bach overigens een belangrijke rol, omdat ze zo enorm ingenieus in elkaar zitten. Voor componisten zijn de stukken van Bach daarom uiterst leerzaam.”