Creatieve loonstrijd

Ook in de moderne kenniseconomie van de ‘creatieve klasse’ gelden soms stokoude wetmatigheden. Zoals het vakbondsadagium ‘gans het raderwerk staat stil, als uw machtige arm dat wil’, de tekst bij de beroemde politieke spotprent van Albert Hahn over de spoorwegstaking van 1903 in Nederland. Dat blijkt nu in Los Angeles, dé plek waar de theorie van de Amerikaanse filosoof Richard Florida over de creative class werkelijkheid is geworden.

Voor de buitenwereld zijn de sterren het gezicht van Hollywood, waar de studio’s de dienst uitmaken. Achter de grote namen gaan echter duizenden dienstbare ‘letterknechten’ uit de creatieve klasse schuil, die de samenleving volgen en daarover humoristische teksten schrijven. Zonder hen zouden er op de televisie geen talkshows zijn.

Die zijn er op dit moment dan ook niet. De scriptschrijvers zijn op 5 november in staking gegaan voor hoger loon. Dat is minder gek dan het lijkt. Het minimum in hun cao is een jaarsalaris van 20.000 euro. De allerbesten komen uit op 80.000 euro. De inkomenverschillen in deze wereld zijn groot. Talkshowhost David Letterman wordt geschat op 30 miljoen euro, Jay Leno op 20 miljoen per jaar.

Door de staking zijn de meeste van deze hosts nu werkeloos. De omroepen herhalen oude programma’s. Het publiek blijft nog kijken ook. De belegen Letterman had vorige week een hogere kijkdichtheid dan de verse Letterman van voor de staking. Maar al te lang kan dit niet duren. Omdat het publiek meer sympathie heeft voor de schrijvers dan voor de hosts zetten de studio’s nu alle zeilen bij om de stakingen te breken en de imagoschade te beperken. Er zijn namelijk ook politieke belangen in het spel. De meeste Amerikanen ontlenen hun kennis over de maatschappij meer aan shows dan aan nieuwsrubrieken of documentaires. Met het oog op de presidentsverkiezingen van volgend jaar zijn de talkshows cruciaal. Spindoctors van Clinton, Gore en Schwarzenegger zijn daarom op het toneel verschenen.

Maar de staking gaat verder dan de VS. Het arbeidsconflict toont aan dat de ‘creative class’ geen postmodern clubje is maar een beroepsgroep die voor belangen wil vechten.

In Nederland zal het vooralsnog zo’n vaart niet lopen. De inkomensverschillen tussen de redacties van praatprogramma’s en hun gastheren zijn bescheidener. Maar de inkomens van sommige televisiemedewerkers, zeker bij de ooit sociaal-democratische VARA, wekt soms verbazing. Ook bij de publieke omroep geldt de Balkenende-norm niet en die zal niet gaan gelden. Het is dus een kwestie van tijd voordat ook daar de spanningen tussen ‘inktkoelies’ en ‘sterren’ oplopen. De staking in Hollywood kan een interessante voorbode voor Hilversum zijn.