Voor onzeker Ajax is geen tegenstander meer bang

Ajax heroverde de koppositie in de eredivisie met een zege op Willem II.

De ploeg treft echter steeds vaker tegenstanders die weten dat er wat te halen valt.

De zware weersomstandigheden en de overwinning. Dat zou interim-trainer Adrie Koster, in die volgorde, onthouden van het bezoek van Ajax aan Willem II. De club uit Amsterdam won op een door regen en hagel geteisterd veld met 3-2 en heroverde de koppositie op PSV, dat volgend weekeinde op bezoek komt in de Arena. Ajax heeft dit seizoen buitenshuis nog niet verloren. Van de zeven uitwedstrijden werden er vijf gewonnen, twee duels eindigden gelijk.

Maar Ajax had in de slotfase nog een uitstekende redding van doelman Maarten Stekelenburg op een kopbal van Frank van der Struijk nodig om de zege veilig te stellen, anders was het een derde gelijkspel geworden. En dan zou Willem II na een rommelige wedstrijd toch nog loon naar werken hebben gekregen. „Het was de laatste twintig minuten spelen met de billen dicht geknepen”, erkende Koster na afloop.

En dat had Ajax helemaal aan zichzelf te wijten, nadat het nog voor rust op een gelukkige manier op 3-1 was gekomen. Doelman Maikel Aerts liet in de blessuretijd van de eerste helft een vrije trap van de Belg Jan Vertonghen door handen en benen glippen, waarna Willem II de kans op een succesje tegen Ajax zo goed als zeker kon vergeten. Het ouderwetse Ajax had zo’n klusje in de provincie fluitend geklaard, maar die tijd is voorbij.

Nu leek het team vooral te willen illustreren waarom het dit seizoen niet eens Europees voetbalt. Het liep en speelde achteruit, zette geen druk op de bal, stapelde de foute passes opeen en wist in de laatste 45 minuten niet één uitgespeelde kans te creëren, zelfs niet op de counter. Daarom hoeft niemand nog bang te zijn van Ajax, al beseften de spelers van Willem II dat pas na de aansluitingstreffer (3-2) van Arjan Swinkels, een kwartier voor tijd. Illustratief in de slotfase was dat zowel Urby Emanuelson als de mee afgezakte Klaas Jan Huntelaar in paniek de bal in de tribune schoot.

Want Ajax boezemt niet alleen geen angst meer in, het is ook helemaal niet zeker van zichzelf. NAC had de week ervoor in Amsterdam al geïllustreerd wat kan gebeuren als je Ajax onbevreesd tegemoet treedt (een 3-1 zege), en dat zou Koster geen tweede keer op rij laten gebeuren. Dus paste hij zijn ploeg aan, ook al speelde Ajax slechts tegen de nummer vijftien van de eredivisie. Met Dennis Rommedahl in de plaats van Albert Luque, om de oprukkende linkerverdediger Van der Struijk wat in te tomen. Ook kreeg Kennedy Bakircioglu zijn kans als aanvallende middenvelder. Hij bedankte met een eerste goal binnen de twee minuten. Willem II had op dat moment al twee halve kansjes gemist.

Ook na de 1-0 slaagde Ajax er niet in de wedstrijd te controleren. Niet dat Willem II zo uitstekend voetbalde, maar op enthousiasme zette het Ajax wel onder druk. En net als tegen NAC liet de club uit Amsterdam het gevaar weer van op de vleugels komen. Rechtsback Jens Janse passeerde Emanuelson, voormalig Ajacied Kevin Bobson mocht na een slim overstapje van Frank Demouge al in de zesde minuut de 1-1 aantekenen.

Willem II probeerde aan te dringen, maar de sterk spelende Saïd Boutahar, Rydell Poepon, Mohamed Messoudi en Van der Struijk zagen hun schoten net naast gaan of gekeerd door Stekelenburg. Bij de eerste degelijke tegenstoot van de bezoekers, na een half uur, was het wel raak. Aerts kreeg een schot van Bakircioglu niet onder controle, en Huntelaar liet de kans aan Luis Suarez: 2-1. Na de 3-1 had de wedstrijd gespeeld moeten zijn, maar dat liep dus anders.

„We zijn tevreden met de punten, maar niet met het spel”, zei Koster. „Maar dat is op dit moment misschien minder belangrijk.” Koster beseft ook dat Ajax beter moet gaan spelen. „De realiteit is wellicht dat teams beseffen dat ze iets kunnen halen tegen dit Ajax. Elke ploeg speelt tegen ons alsof ze niets te verliezen hebben.”

Na de winterstop verwacht de interim-coach beterschap. Controlerende middenvelder Edgar Davids zal hersteld zijn van een beenbreuk en ook Leonardo en Thomas Vermaelen keren terug. Koster sluit niet uit dat van de transferperiode gebruik wordt gemaakt om nieuwe krachten naar de Arena te halen. Van één ding is hij overtuigd: „Na de winter moet het beter.”