Kosovo niet nu al op zijn wenken bedienen

De trefzekerste definitie van politiek is simpel: politiek is voldongen feiten scheppen. Welnu, daarmee zijn de Kosovaren goed bezig. Volgende week verstrijkt de ‘deadline’ van de VN. De bemiddelaars van Europa, Amerika en Rusland hebben voor dinsdag 10 december waarschijnlijk geen compromis gevonden. De nieuwe Kosovaarse politieke leider Thaci, ex-commandant van het rebellenleger UÇK, heeft de internationale gemeenschap zo klemgezet.

Servië is behoorlijk ver gegaan om dit te voorkomen. Belgrado was bereid tot meer autonomie voor Kosovo dan het sinds het Ottomaanse Rijk heeft gekend. Maar nu is de toch al geringe neiging tot een compromis ook daar op.

Zodra Thaci voelt dat VS en eventueel EU het fait accompli zullen aanvaarden, zal hij dan ook gaan doen wat hij al zo lang wil: het uitroepen van een onafhankelijke staat. Al sinds Milosevic in 1989 de autonomie van Kosovo terugdraaide, is dat immers hét perspectief van zijn beweging.

Emotionele en rationele argumenten voor zo'n stap zijn er te over. Waarom zou Kosovo als enige in Joegoslavië geen recht hebben op een eigen natie? Kosovo is sinds 1999 bovendien de facto al afgescheiden van Servië. Van een status quo ante kan daarom hoe dan ook geen sprake meer zijn.

Er zijn overigens ook minder negatieve argumenten om het voldongen feit Kosovo nu dan maar te aanvaarden. Erkenning van een nieuwe staat is een geopolitiek signaal. Het brengt Europa op één lijn met de VS, die tien jaar geleden ‘onze’ rommel op de Balkan moesten opruimen. Het maakt maakt energieleverancier Rusland duidelijk dat de EU geen schoothondje is maar een eigen positie inneemt. Het is een vingerwijzing voor Turkije dat Europa geen islamofoob continent is. En het is een hint voor Servië dat de vrijgeleide voor Mladic en Karadzic een prijs heeft.

Maar er zijn ook legio bezwaren tegen. Het verwijt van meten met twee maten bijvoorbeeld. Waarom mogen de Kosovaren wat de Serviërs in de Krajina niet werd gegund? Of de Basken, Hongaren en andere minderheden in ooit dictatoriale naties? Onafhankelijkheid zal dus het pan-Albanese vuur opstoken en Macedonië en Bosnië-Herzegovina destabiliseren.

Op Servië hoeft dan niet meer te worden gerekend. Net zo min als op Rusland, dat zich lange tijd coöperatiever heeft opgesteld dan zijn retoriek suggereert. Samenwerkingsverbanden als OVSE en Raad van Europa, toch al zwak, zijn dan dood en begraven. Intussen zal Europa daarvoor wel moeten betalen. Economisch kan Kosovo immers niet op eigen benen staan, behalve dan als smokkelstaat.

Argumenten van historische, volkenrechtelijke, politieke en economische aard strijden zo om voorrang. Dat alleen al is reden voor een bezonnen houding ten opzichte van Kosovo. Europa moet niet de fout maken zich nu uit politieke armoede achter Pristina te scharen. Ook een etnische deling is geen optie. Op een tweede Cyprus zit niemand te wachten.

Is alles dan verloren? Niet persé. De scheiding van Kosovo en Servië is geen kwestie van een martiale verklaring maar van lange adem. Pas als de regio in sociaal-economisch opzicht én rechtstatelijk voet aan de grond heeft, kan er sprake zijn van een onafhankelijkheid die meer dient dan materieel eigenbelang of holle symboliek. Zodra Servië en Kosovo zich kunnen meten met Europa wordt soevereiniteit namelijk wat ze op haar best is: het waarborgen van specifiek nationale eigenheid in de supranationale gemeenschap die de EU wil zijn. Dat is een kwestie van lange adem. Het kan wel een jaar of tien duren voordat Servië en Kosovo zover zijn.

Die koers heeft wel een prijs. Tot die tijd Europa zal militair en financieel bij Kosovo betrokken moeten blijven. Maar dat is de moeite waard. Nu toegeven aan de voldongen feiten, kost in ieder geval net zoveel en is veel gevaarlijker.