In Beeld

M & M. Iemand heeft het als eerste bedacht. Voor de hand liggend, toch amusant. Hoe verspreidt zich zo’n vondst? Via oude of nieuwe media? Voer voor een student communicatiewetenschappen. Dan kan hij zich ook buigen over de vraag waarom plaatjes van prinsessen zo onweerstaanbaar uitnodigen tot nauwgezette bestudering. De kapsels. De sieraden. De make-up. Wie ziet er het mooiste uit? Zo naast M is M toch wel nouveau riche, niet? Nee hoor, juist omgekeerd: M is tuttig naast M! Dergelijke gedachten. In dit geval verdringt er één alle andere: hadden M & M niet even kunnen bellen? Of is dat nu net wat ze gedaan hebben? Toeval of afspraak – we zullen het nooit weten. Beide M’en vallen onder Het Geheim van hun respectieve paleizen. We oordelen naar wat zij tonen. Vertrouwd geblondeerd haar. Moeten prinsessen uitgroei niet te allen tijde voorkomen? Het haar van M zit op eigenaardige wijze gevangen in haar glimmende kraag die, net als de manchetten, doet denken aan zweepjes en martelkamertjes. En dat in combinatie met het positiemodel van het jasje. Gewaagd. Andere M heeft pech. ‘Pied de coq’, ‘pied de poule, ‘Prince de Galles’ (of Prince of Wales). Moeilijk te zeggen wat hier gedragen wordt, er zijn minieme verschillen. Welke naam ook van toepassing is, de jas van de dapper lachende M maakt een ongewassen indruk, naast de witte ruit van de andere. M maakt M goor. De bijpassende armband van de arme M, ook in twee kleuren, versterkt het effect alleen maar. Grauwig. Dan het tasje. Van reptielenhuid, het is meer een etui. Het is een groot raadsel. Wat moeten koninklijke dames toch altijd met tassen? Beatrix: altijd die ene schouder verkrampt omhoog. Anders glijdt haar tas eraf. Wat heeft ze mee te sjouwen? En waar zijn die hofdames eigenlijk voor? Ze moet zeggen: hou mijn tasje even vast.