Het Rijk bepaalt straks waar je rijdt

Rijkswaterstaat gaat de file-informatie drastisch verbeteren. Dat moet leiden tot minder files en is dus goed voor het collectieve verkeer. Maar is het ook goed voor de individuele automobilist?

Er heeft zich een ongeluk met een vrachtwagen voorgedaan. Je komt als automobilist in de file terecht. En dan? Henk van Zuylen, hoogleraar dynamisch verkeers- en vervoersmanagement aan de Technische Universiteit Delft: „Als ik in zo’n file sta, hoor ik op de radio niets. Pas als ik de file na twintig minuten uit ben, hoor ik op de radio dat er een file van tien kilometer staat.”

Ander voorbeeld: Van Zuylen stond deze zomer vast op de aansluiting van de A16 op de A58 bij Breda en hoorde op de radio dat er twee kilometer file was. „Maar wat ze er niet bij zeiden, is dat het verkeer volledig stilstond. De file was ‘maar’ twee kilometer lang, maar ik heb drie uur vast gestaan.”

De verkeersinformatie in Nederland is goed, maar kan nog veel beter. Sneller, zodat automobilisten op tijd weten of ze straks in de file komen te staan. En nauwkeuriger, zodat ze ook weten hoeveel vertraging ze oplopen. Daarom tekende minister Eurlings (Verkeer en Waterstaat, CDA) deze week een samenwerkingsovereenkomst met provincies, stadsregio’s en gemeenten voor de oprichting van een Nationale Databank Wegverkeersgegevens (NDW). Die databank moet vanaf februari 2009 automobilisten en wegbeheerders snelle, exacte en betrouwbare informatie geven over files. De informatie moet dan zijn uitgebreid van ruim 1.000 kilometer snelweg nu naar 5.500 kilometer snelweg én provinciale en lokale wegen.

Betere informatie kan er volgens Rijkswaterstaat toe leiden dat de files verminderen. „We denken dat het aantal voertuigverliesuren met 5 tot 10 procent kan worden teruggedrongen”, zegt projectleider Menno Olman namens Rijkswaterstaat.

Op dit moment wordt de verkeersinformatie verzameld door Verkeerscentrum Nederland (VCNL) in Utrecht. De meeste informatie komt daar binnen via inductielussen in het wegdek. Ongeveer eenderde van alle autosnelwegen is op deze wijze ‘gedekt’. Behalve lussen gebruikt de centrale informatie van politie, camera’s, weginspecteurs en spitsgidsen: automobilisten die files doorbellen.

De verkeersinformatie wordt vervolgens bijna gratis ter beschikking gesteld aan dertien ‘providers’, waarvan ANWB en de Verkeersinformatiedienst (VID) de bekendste zijn. Die maken er radiobulletins, internetdiensten en telefonische filediensten van, die zij weer doorverkopen. Al is het volgens de ANWB geen vetpot: een woordvoerder zegt dat de organisatie op de verkeersinformatiediensten moet toeleggen.

Met de geplande uitbreiding van de file-informatie is Rijkswaterstaat niet alleen meer afhankelijk van de oude meetmethoden. Olman: „Lussen in het wegdek zijn eigenlijk onhandig. Als je ze wilt aanleggen, moet de weg worden opgebroken. En als je voor iets anders de weg openlegt, moet je rekening houden met de lussen die er liggen.” Ook met gegevens van satelliet en van mobiele telefoons kan worden berekend waar files staan en hoe lang ze zijn. Fabrikant van navigatieapparatuur Tomtom gebruikt bijvoorbeeld gsm-gegevens voor zijn eigen file-informatie (zie kader).

Rijkswaterstaat gaat de extra informatie inkopen. Iedereen die denkt betrouwbare data te kunnen leveren, kan zich melden. De aanbesteding werd deze week gepubliceerd. Het project gaat jaarlijks ongeveer 20 tot 25 miljoen euro kosten. Olman: „Het kan ons niet zo veel schelen hoe de informatie wordt verzameld. Als die maar nauwkeurig genoeg is. Dan hebben we het over tijdige informatie over intensiteit, reistijd en congestie in het verkeer.” André Solinger van Verkeerscentrum Nederland: „Al zetten ze vijfhonderd politiemensen langs de weg. Als wij de gegevens maar krijgen.” De nieuwe NDW wil informatie inkopen over uiteindelijk acht- tot tienduizend kilometer weg.

Tomtom zou zich kunnen aanmelden als leverancier van de informatie, maar Rijkswaterstaat verwacht niet dat het bedrijf dat zal doen. Luciën Groenhuijzen van Tomtom vertelde eerder dat het bedrijf wel informatie wil leveren aan de overheid, maar niet wil dat die beschikbaar komt voor concurrenten. Maar er zijn meer partijen in Nederland die werken met mobieletelefoongegevens. Zo heeft KPN een proef gedaan met TNO en ICT-bedrijf Capgemini. Of daar een vervolg op komt, is nog niet bekend, laat een woordvoerder van KPN weten. Overigens is de file-informatie van gsm’s zoals Tomtom die verzamelt voor Rijkswaterstaat nog niet nauwkeurig genoeg, zegt Solinger. Tomtom meet bijvoorbeeld hoe snel het verkeer rijdt, maar niet hoeveel auto’s er op een bepaald moment op een weg zijn.

Afnemers van file-informatie juichen de plannen van Rijkswaterstaat toe. „Er zijn nu heel veel wegen waarover geen informatie is of waarvan de kwaliteit van de gegevens niet hoog genoeg is”, zegt Patrick Potgraven van de Verkeersinformatiedienst (VID), die onder andere filebulletins op de radio verzorgt. Behalve op provinciale wegen en wegen in de stad, doelt hij ook op snelwegen buiten de Randstad. „De structurele congestie is daar misschien minder groot. Maar als er een ongeluk gebeurt, staat het ook daar vast.”

Niet dat de filebulletins op de radio straks nóg langer zullen worden als er op meer wegen wordt gemeten, zegt Potgraven. „In de ochtendspits staan er meestal zo’n negentig files; we maken nu al een selectie.” De VID wil de extra informatie vooral gebruiken op internet, voor telefonische file-informatie en regionale radiostations.

Hoe kan méér informatie leiden tot 5 tot 10 procent minder files? Zonder kilometerprijs? Zonder extra asfalt? Dat is mogelijk, legt Rijkswaterstaat uit, door het autoverkeer beter over de wegen te verspreiden. Het wegennet wordt beter ‘benut’, zoals dat heet. Dat gebeurt als automobilisten zélf een beter gefundeerde keuze kunnen maken over welke route ze moeten kiezen. En kunnen besluiten dat ze op een bepaald tijdstip beter met de trein, bus of fiets kunnen reizen.

En misschien nog belangrijker: zogeheten wegbeheerders kunnen met die informatie alternatieve routes adviseren of voorschrijven. Zo kunnen gemeenten stoplichten langer op groen of rood zetten. Olman: „Onder aan de afrit van een snelweg staan vaak lange files die je daarmee kunt wegnemen.” Of Rijkswaterstaat kan automobilisten ‘sturen’ met pijlen en kruisen op elektronische borden. Doordat straks óók provinciale en lokale wegen in het systeem zitten, kan een Amsterdammer op weg naar Utrecht op de A2 al worden gewaarschuwd dat als hij naar de Jaarbeurs wil, daar een file staat, en hij het beste een andere route kan nemen.

André Solinger: „Een bekend voorbeeld is de route van Den Haag naar Amsterdam. Nu is het niet zeker of het verstandig is om, als er een file op de A4 staat, de route te verleggen naar de A44. We weten niet precies hoe veel ruimte er nog op de A44 is. Straks kun je dat als verkeersmanager vrij precies regelen.”

Het einddoel is dat de automobilist wordt gestuurd als een flesje in een bierfabriek. Solinger: „Je kunt de aan- en afvoer van auto’s regelen door stromen stil te zetten, buffers te maken, langzamer te laten rijden.” Liever met kruisen, pijlen en stoplichten dan via een apparaatje in de auto zelf. „Het sturen van automobilisten via een apparaatje in de auto zelf is moeilijk te handhaven”, aldus Solinger.

Het sturen van automobilisten over de kortste route doet Tomtom sinds kort ook, maar dan op individueel niveau. Voor 10 euro per maand krijgen bezitters van een nieuw navigatieapparaat te horen hoe lang ze over hun rit doen – files in aanmerking genomen. Als een alternatieve route korter is, leidt Tomtom hen daarheen. Volgens Groenhuijzen van Tomtom kan dit ook tot minder files leiden, door de ‘optimale benutting’ van het wegennet.

Verkeersonderzoeker Hans van Lint van de TU Delft denkt wel dat automobilisten daarop zitten te wachten. Maar voor het terugbrengen van de files gaat de dienst van Tomtom niet helpen, zegt hij. „Naarmate meer mensen zo’n kastje krijgen, wordt het nut voor het individu kleiner. Op een gegeven moment slaat het om en wordt het voor iedereen slechter.”

En terwijl het Tomtom gaat om het vooruit helpen van de individuele Tomtombezitter, heeft Rijkswaterstaat het belang van het geheel in het oog. André Solinger: „Als Tomtom iemand een dorpsstraat in stuurt, is dat om redenen van veiligheid en milieu niet de beste optie.” Zo kan het in theorie voorkomen dat de wegmanagers automobilisten laten omrijden, als de vertraging van alle weggebruikers samen daardoor vermindert. „Het belang van het individu valt niet altijd samen met dat van het collectief.”

Of de files nu verminderen of niet: over twee jaar is de automobilist in elkgeval beter geïnformeerd. „De weggebruiker snakt ernaar”, zegt een woordvoerder van de ANWB. Alleen mist de belangenorganisatie één ding in de nieuwe plannen: parkeerinformatie. Want als de automobilist zorgvuldig naar zijn bestemming is geleid, wil hij daar niet eindeloos rondjes rijden.