Grootverbruiker van vuile energie het Westen ontbeert gezag bij klimaatconferenties

Ondanks alle vrome voornemens is Duitse bruinkool de brandstof van de toekomst, ontdekt Maarten Huygen.

Van een heuveltje op het aan Limburg grenzende deel van de Duitse laagvlakte zie ik uit over een 150 meter diepe, onafzienbare schacht met kilometers lopende banden, wegen en vrachtauto’s. Bruinkoolmijn Garzweiler 1. Her en der verspreid in de modder staan stalen meccano dinosaurussen. Dat zijn de zogenoemde Schaufelradbagger, de trots van exploitant Rheinbraun AG. Met een ronddraaiend schoffelwiel aan de kop schrapen ze het puin en de bruinkool af dat dan over de rug naar de staart wordt getransporteerd. Te zien aan het diepe maanlandschap met richels aan de zijkant hebben ze hun best gedaan. Hele dorpen zijn in de kuil verdwenen en er volgen er meer. Het regent hard, het stormt en het is warm voor de tijd van het jaar. Klimaatverandering? Als het door de mens wordt veroorzaakt, dan gebeurt het in ieder geval hier. Aan de einder zie ik de schoorstenen van de krachtcentrales roken. Bij wijze van symbolisch excuus draaien een paar windmolens in de buurt. Die kunnen niet verbloemen dat bruinkool, een van de vuilste brandstoffen, een renaissance doormaakt. Bruinkool is slechts een stapje hoger dan turf. Zo’n zachte brok zit vol water en as en produceert meer dan twee keer zoveel van het broeikasgas CO2 als aardgas en anderhalf keer zoveel als olie. Als het niet regent, ziet het grijs van het stof in de omgeving van de bruinkoolmijn. Het Wereld Natuur Fonds heeft de bruinkoolovens van de Duitse energiegigant RWE op de lijst van de dertig meest vervuilende krachtcentrales in Europa gezet. Nederland importeert deze bruine elektriciteit maar wast zijn handen in onschuld. Wij stoten niets uit maar verbruiken slechts.

De grauwe rookwolken boven dit duistere industrielandschap zijn een bitter commentaar op het vrome Duitse voorstel op de huidige klimaatconferentie in Bali. De Duitse regering wil de uitstoot van broeikasgassen binnen dertien jaar met 40 procent beperken. Moeten alleen die paar windmolens vechten tegen het broeikasgas?

Tot nu toe heeft Duitsland zijn uitstoot moeiteloos kunnen verminderen. In het peiljaar 1990 vond de hereniging plaats met grootvervuiler Oost-Duitsland. Maar nu de Duitser gemiddeld ongeveer evenveel energie gebruikt als de Nederlander wordt het moeilijker. Ten westen van de bruinkoolmijn in het Duitse Noordrijn Westfalen is een oorlogslandschap van verwoeste en half verlaten dorpen dat nog moeten worden afgegraven. Villa’s zijn met aluminium luiken afgesloten. Het is een zinloos gebaar van de vertrokken bewoners want de huizen zijn al verkocht aan de firma Rheinbraun en worden toch gesloopt. Hier en daar nam de jeugd al een vandalistisch voorschotje. Elders op het terrein worden bossen en grond vermalen tot droge bruine brinta die in hopen langs de weg ligt opgetast.

Je hoeft voor broeikasgassen niet naar de gekapte oerwouden in Bali te gaan. Ze komen net zo goed uit Europa. Hier heeft de economie hogere prioriteit dan in Indonesië, want Europeanen gebruiken meer dan twee keer zoveel energie. Kolen zijn onmisbaar om de honger te stillen, want olie is er nauwelijks in West-Europa en de voorraden aardgas slinken. De Duitse en Nederlandse regeringen maken de energienood groter door op emotionele gronden af te zien van kernenergie dat een deel van de behoefte kan dekken. Energieproducent Shell voorspelt een grote toekomst voor kolen. Het is de enige fossiele brandstof die overal nog ruim voorradig is, ook in Europa. In China gaan dagelijks nieuwe kolencentrales open. Ook in Nederland zijn bouwplannen voor kolencentrales, waarvan de CO2 dan zou moeten worden opgevangen. Vergeleken bij de opslag van kernafval staat die technologie nog in de kinderschoenen.

Als kampioen energiegebruiker heeft het Westen geen enkel moreel gezag over andere landen. De westerling die kritiek heeft op de vernietiging van de regenwouden met alle verlies aan opslag van broeikasgas en de toename van bosbranden lijkt op de berijder van een luxejeep die klaagt over de stank van brommers. Om die reden hebben internationale klimaatconferenties, zoals in Bali, zo weinig effect.

Er branden domweg te veel vuren op de wereld en er komen er meer bij. De beheersing van het vuur onderscheidt de mens juist van het dier, heeft de Amsterdamse socioloog Joop Goudsblom geschreven in zijn klassieker Vuur en beschaving. Het gecontroleerde vuur staat aan de oorsprong van de menselijke beschaving. Maar het industriële gebruik van vuur is uit de hand gelopen. Technische vindingen zijn niet genoeg om de problemen te verhelpen. Volgens Goudsblom is er ook een nieuw sociaal- ecologisch regime nodig. Zo’n regime bestaat uit de regels, gewoonten en sancties die de mensen aan elkaar en aan zichzelf opleggen. Aan een dergelijk regime is tot nu toe tevergeefs gewerkt bij conferenties. We leven nog steeds onder het industriële regime van efficiënte uitputting van hulpbronnen. Bruinkool brengt ons zelfs weer terug in de negentiende eeuw.

Hele beschavingen zijn ten onder gegaan door verkeerd beheer van de hulpbronnen. Vaak verteld is de parabel over Paaseiland waar honderden jaren geleden grote nood ontstond nadat alle bomen waren gekapt. Het moet de inwoners op gegeven moment zijn gaan dagen waar zij mee bezig waren. Ze konden alleen hun regime niet veranderen. De sociale verhoudingen lagen vast en ze wisten niets beters.

Nu heeft de wereld zo’n probleem. Dankzij de interne verdeling van hun rijkdommen putten de westerse overheden de hulpbronnen op een schijnbaar nettere manier uit dan veel andere beschavingen. De direct getroffenen worden schadeloos gesteld. De bewoners die door de Duitse bruinkoolmijn uit hun dorpen zijn verdreven, mogen bij elkaar blijven en iets verderop geheel nieuwe dorpen bouwen. De nieuwe woningen hebben prachtige badkamers en goede isolatie. Op de eenmaal leeggehaalde grond worden nieuwe bossen geplant. Er is zelfs een geheel nieuw meer voor waterrecreatie.

Een mooi voorbeeld voor Balinezen die door houtkap uit hun gebied zijn verdreven. Die kunnen best een nieuw huis gebruiken. Als ze genoeg overhouden aan het hardhout, raken ze ook geïnteresseerd in watersport.