Een Wagner voor de twintigste eeuw

Karlheinz Stockhausen, die woensdag overleed, was onder de naoorlogse componisten een van de belangrijkste, maar zeker de meest opvallende, vernieuwende en vooral de controversieelste.

Kasper Jansen

Schandaal in het Holland Festival 1969. In het Amsterdamse Concertgebouw werd een Stockhausen-avond met de uitvoering van zijn Stimmung door een deels jong publiek onmogelijk gemaakt. Na een kwartier werd het subtiele klankstuk voor zangers met prevelende, kirrende en klagende geluiden verstoord door een daverend applaus. Vervolgens werd gediscussieerd. Stockhausen zelf verzocht de tegenstanders de zaal te verlaten en de uitvoering te laten doorgaan, maar tevergeefs.

Karlheinz Stockhausen was een van de belangrijkste, opvallendste en meest vernieuwende naoorlogse componisten. Zijn muzikale denkwereld was uniek, onthecht van actualiteit, vervuld van tijdloosheid en gericht op eeuwigheid. Dat waren waarden die in de tijd van engagement geen betekenis hadden, maar tegenwoordig passen in de hang naar vrije meditatie en ongebonden spiritualiteit.

Moeiteloos kan Stockhausen worden getypeerd als de ‘Wagner van de 20ste eeuw’. Wagner componeerde de vierdelige mythische operacyclus Der Ring des Nibelungen. Stockhausen schiep de zevendelige operacyclus Licht, gebaseerd op de zeven dagen van de week – een tijdseenheid die is ontleend aan het eerste bijbelboek ‘Genesis’. In het alomvattende Licht gaat het uiteindelijk om het gevecht tussen goed en kwaad, tussen God en satan.

[Vervolg Stockhausen: pagina 7]

Het totale universum vibreerde mee

Net als dat van Wagner was Stockhausens ego buitengewoon groot. Zijn drang om zijn muzikale scheppen voor het nageslacht tot in detail te documenteren en publicaties over hem in boekvorm te laten uitgeven, was symptomatisch. Stockhausens spirituele en symbolistische aspiraties in zijn componeren hadden kosmische allure. Wanneer ergens, waar en wanneer ook maar ter wereld, zijn muziek weerklonk – zo zei hij ooit in deze krant – dan vibreerde het totale universum mee, tot in de verste uithoeken.

Tekenend voor Stockhausens controversiële ‘visionaire’ houding waren opmerkingen die hij maakte in 2001, toen hij de aanslagen op New York typeerde als „het grootste kunstwerk dat men zich kan voorstellen”. Dat gebeurde in Hamburg, waar een aantal zelfmoordpiloten had gewoond. Stockhausen bood zijn excuses aan, maar een aantal concerten in Hamburg werden afgelast.

Het muzikaal-historische belang van Stockhausen was dat hij een geheel eigen weg ging. Na een studie bij Frank Martin en Olivier Messiaen en een seriële periode onder invloed van Pierre Boulez en Karel Goeyvaarts, ontwikkelde hij een muziek ontwikkelde elektronica en instrumenten verenigde. Die muziek was bij uitstek geschikt voor zijn verreikende spirituele ideeën. Voor een aantal musici uit de popwereld was hij uit de wereld van de ‘klassieke eigentijdse muziek’ ook een van de invloedrijkste: John Lennon, Frank Zappa en David Bowie.

Karlheinz Stockhausen had een bijzondere band met Nederland. De omroep in Hilversum en het Holland Festival organiseerden met grote regelmaat premières van Stockhausen, niet alleen in het Concertgebouw maar ook op locaties als Carré, de Oude Kerk en het planetarium van Artis. Nog in april van dit jaar was zijn muziek te horen tijdens een ZaterdagMatinee: de Nederlandse première van FREUDE (2005). Het werk voor de Zaanse, nog niet eens afgestudeerde harpistes Esther Kooi en Marianne Smit, was het ‘tweede uur’ van zijn nieuwe megacyclus KLANG, gebaseerd op de uren van de dag.

De relatie tussen Stockhausen en Nederland was wel wisselvallig van aard. In 1990 voelde de componist zich miskend, toen zijn muziek door het Holland Festival niet was geprogrammeerd in ‘Neues vom Tage’, een presentatie van nieuwe Duitse muziek. Voor het overige had Stockhausen, al bleef hij vaak controversieel, ook zeer veel succes in Nederland, dat zich vaak zeer voor hem inspande.

Zo vond in het Holland Festival 1995 in het luchtruim boven de Amsterdamse Westergasfabriek en het westelijke havengebied de wereldpremière plaats van het Helikopter-Streichquartet, uitgevoerd door het Arditti String Quartet in vier helikopters. Tv-cameramannen volgden de musici in de helikopters buiten, herinnerend aan de film Apocalypse Now, waarin helikopters op de muziek van Wagners Walkürenritt op zoek gaan naar een prooi.

Binnen, in het halfduister vervulde Stockhausen als de commandant op aarde achter de regeltafels, voor het achtergebleven publiek de functie van commentator en reisleider. Via zestien monitoren keek en luisterde men naar wat zich daar vierhonderd meter hoog in de lucht onder een stralend blauwe hemel door vier strijkers en vier rotorbladen aan muziek werd geproduceerd. Stockhausens vreugde en enthousiasme waren ontwapenend.

De componist stond bekend om zijn neiging alles te controleren tijdens concerten. Hij zat daar dan als een tweede dirigent halverwege de zaal ‘am Pult’, achter de elektronische regeltafel. Daarbij was hij altijd hetzelfde gekleed: in een halflange jas met de kraag van zijn overhemd over de kraag van zijn jas. Het bijzondere aan zijn muziek was dat het klinkende resultaat altijd dwingend en overtuigend was, besef van tijd en ruimte overstijgend.

Hij was een exceptioneel systematisch denkend man. Tijdens een interview sprak hij met gemak een uur lang onafgebroken over zijn operacyclus Licht. Hij begon met algemene beschouwingen, splitste die uit, werkte deel voor deel af in analyserende toelichtingen, vatte tegen het slot alles nog eens samen en bracht mogelijke tegenwerpingen op, die hij vervolgens met kracht weersprak. Einde interview – àlles was gezegd. Door hemzelf.

Stockhausen werkte graag met musici die de tijd hadden en bereid waren zich geheel aan zijn muziek te wijden, wereldberoemd of niet. Omringd door een schare getrouwe musici en assistenten woonde en werkte hij jarenlang in Kürten bij Keulen, waar hij woensdag overleed. Zijn werkkracht was fenomenaal, hij schreef ruim 280 stukken. Baanbrekend waren Gruppen, Kontakte, Gesang der Jünglinge en Hymnen.

Behalve zijn eigen componeersysteem had de componist ook een eigen interpretatie van de fysica van geluid en elektronica. Wetenschappers weerspraken Stockhausens opvatting dat toonhoogte en toonsterkte in elkaars verlengde lagen. Maar daarover kon men niet met hem discussiëren. Hij was onwrikbaar overtuigd van zijn eigen ideeën. Aan de andere kant zocht hij tijdens inleidingen op zijn muziek tegen de klippen op naar erkenning en bevestiging.

Bekijk het overzicht van al zijn werk en lees oude interviews op www.stockhausen.org