De stelling van Theo Doreleijers: het geweten is lichamelijk gereguleerd

Jonge daders moeten door deskundigen ambulant behandeld worden. Niet alleen met gezinstherapie maar ook met een strakker schoolsysteem, zegt Theo Doreleijers tegen Folkert Jensma.

Theo Doreleijers is hoogleraar kinder-en jeugdpsychiatrie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en hoogleraar forensische psychiatrie aan de Universiteit Leiden. Foto’s Bram Budel Professor Theo Doreleijers hoogleraar kinderpsychiatrie aan de VU verteld over de problemen met criminele jongeren. Voor opinie en debat blokje. FOTO: BRAM BUDEL Budel, Bram

Het stadsdeel Slotervaart gaat 150 jongeren iedere dag zo ‘intensief begeleiden’ dat ze te moe zijn om nog overlast te bezorgen. Heeft dat zin?

„We weten daarvoor niet genoeg. Ik vermoed dat er jongens bij zitten met ernstige antisociale persoonlijkheidsstoornissen. Jongens die niet anders kunnen en gevaarlijk zijn. Ik heb geen harde cijfers, ik stel dit vanuit de casuïstiek die ik in de loop der jaren heb gezien. Er zijn een heleboel meelopers, vaak uit angst. Daar zitten dan een paar heel gestoorde jongens tussen, die terroriseren zo’n groep. Ik kom ze in die gangs altijd tegen.”

Wat zijn antisociale persoonlijkheidsstoornissen?

„Stoornissen die voor een deel erfelijk bepaald zijn en dieper in het karakter zitten. Die kleuren de persoonlijkheid dag in dag uit en zijn moeilijker te behandelen. Impulsief gedrag, onaangepast, misleiding, roekeloosheid, agressie, geen spijt, onverantwoord handelen. Dat hoort erbij.

„Bij de antisociale persoonlijkheidsstoornis horen de psychopaten. In de jaren tachtig werd ontdekt dat er een groep is die zelfs in een gevangenis nog gewelddadig is. Dat is de allermoeilijkste groep, die is echt gevaarlijk. In elke tbs-kliniek kun je met het merendeel van de patiënten afspraken maken. Maar psychopaten blijven onberekenbaar. Bij deze Slotervaart-jongens zou ik graag weten of we ook daarmee te maken hebben.”

Speelt verslaving een rol?

„Dat valt bij hen mee. Ze blowen wel heel veel. Maar ze drinken lang niet zoveel als blanke jongens. Verslaving zie je nauwelijks. Maar misbruik en afhankelijkheid zien we toenemen. Om te beginnen wordt de cannabis zelf veel sterker. En verder laten ze zich niet meer weerhouden door hun religieuze achtergrond. Tien jaar geleden beschermde die hen nog. Nu blowen ze daar doorheen.”

Nu is een deel van de bevolking genetisch meer gevoelig voor schizofrenie – en die kans wordt verder vergroot door overmatig cannabisgebruik. Schizofrenie komt bij Marokkanen vaker voor. Stapelen die factoren?

„Die kant gaan de gedachten inderdaad uit. Dat is wel de consensus. Maar genetische kwetsbaarheid is niet genoeg, er moeten meer factoren samenkomen. Verhoogde kans op schizofrenie en immigrant-zijn lopen samen, maar weer niet bij álle immigranten. Heel curieus.”

Gaan bevindingen op het terrein van genetica ook op voor hele bevolkingsgroepen?

„We weten al wel wat, bijvoorbeeld over alcoholisme. Dat komt bij sommige volkeren meer voor dan bij andere. Met name in het Verre Oosten komt alcoholisme minder voor dan in het Westen. Vermoedelijk omdat ze niet zoals wij al duizend jaar of langer zijn blootgesteld geweest aan alcohol. Bij ons zijn de genen geleidelijk aan gaan muteren. Vermoedelijk is het een samenspel van verschillende genen: niet zo snel alcoholisme ontwikkelen in combinatie met er niet goed tegen kunnen. De gekste gewoontes zijn overigens genetisch bepaald gebleken. De leeftijd waarop je begint te roken. Of je eraan verslaafd wordt.”

Dan ligt het taboe op de vraag ‘is criminaliteit genetisch bepaald’ voor de hand.

„Criminaliteit is sociaal gedefinieerd. Daar is neurobiologisch bijna niets aan te onderzoeken, zeker niet internationaal. Dat is anders met geweld. De biologische ondergronden daarvan zijn inmiddels wel aangetoond. In Amerika is onder gevangenispopulaties vastgesteld dat bij gewelddadige criminelen de prefontale hersenschors significant kleiner is dan bij niet gewelddadige.

„Bij ons heeft Arne Popma straatjochies met politiecontacten met al dan niet een antisociale gedragsstoornis onderzocht. Hun cortisolhuishouding blijkt verschillend. Cortisol is een hormoon dat bij iedereen ’s morgens begint te ‘sputteren’. Het lichaam moet worden ‘geladen’ om de dag door te kunnen komen. Cortisol bepaalt mede de bloeddruk en hartslag; het maakt je weerbaar bij stress. Als je dat niet zou hebben kun je bijvoorbeeld bij een ernstig ongeluk in een shock raken. Bij normale kinderen zie je ’s ochtends een piek die in de loop van de dag langzaam afneemt. Bij de antisociale kinderen zie je die piek ook, maar die is significant lager. En het afnemen duurt ook langer. Het werkt dus onvoldoende.”

Moeten ze die spanning letterlijk compenseren?

„Ik gebruik liever ‘arousal’ dan spanning. Het heeft twee effecten. Ze gaan naar spanning zoeken omdat ze die nodig hebben. Gewoon om tot je dagelijkse activiteiten te kunnen komen. Maar ja, die jongens hébben dat soort activiteiten vaak helemaal niet. Dat zie je dan op straat – die gasten gaan op zoek.”

Wat betekent dat voor hun gedrag?

„Ze raken bij spannende omstandigheden niet gestresst. Dat verklaart niet hun criminaliteit, maar wel hun openstaan ervoor. Veel kinderen in een winkel met mp3-spelers denken ‘hoe zou ik er één of twee mee kunnen nemen’ maar de meesten worden daarvan weerhouden. Hun hart gaat bonzen bij de gedachte. Dat is onaangenaam en dus zullen die het niet doen. Andere mensen noemen dat geweten. In de neurobiologie zeg je dat het lichamelijk is gereguleerd: déze jongens worden niet weerhouden.”

Die pakken hun kans zónder spanning.

„Dat is vermoedelijk een belangrijk mechanisme. We hebben voor deze leeftijdscategorie nog geen onderzoek naar die prefontale hersenschors kunnen doen. We weten niet of ze daar al mee geboren zijn of dat het in de loop van het leven ontstaat. En waardoor dat dan komt. Of het een genetisch defect is. Of dat er toch iets toxisch gebeurd is, bijvoorbeeld tijdens de zwangerschap, waardoor die hersens schrompelen. Dat willen we heel graag weten. Stomweg omdat we er geen vrede mee hebben om het maar te laten zitten, nu er aanwijzingen zijn in de biologische sfeer.”

Maar biedt cortisol al houvast die toegepast kan worden?

„Als de rechter mij nu vraagt om advies dan doen we een IQ-test. En we praten met het kind, met de ouders, we doen projectietests. En dat is alles. Ik zou heel graag ook die cortisolmetingen doen.

Bij jongens die een PO (Persoonlijkheidsonderzoek) moeten ondergaan wil ik dat vergezeld laten gaan van cortisol-, hartslag, en huidgeleiding metingen. Daarmee wil ik onderzoeken of cortisol beter voorspellend is voor recidive dan de tests die we al doen. Of minstens mee voorspellend.”

Volgens strafrechtgeleerde Buruma heeft u gezegd dat sommige 12-jarigen niet meer te redden zijn en levenslang opgesloten moeten worden.

„Nee, dat is niet zo. Dat komt ook niet uit ons onderzoek. Je moet een aantal metingen over de jaren heen doen om sowieso iets te kunnen voorspellen. En dan kun je misschien iets zeggen over de waarschijnlijkheid dat het verkeerd zal lopen. De literatuur laat zien dat bij 80 procent van de kinderen met een gedragsstoornis in psychiatrische zin dat het geval zal zijn. Maar die moeten dus in de loop van jaren wel aan zes of zeven antisociale criteria blijven voldoen.”

Een ‘recidivebepaling’, net als een bloedbepaling?

„Dat zal altijd een ‘kans op recidive’ bepaling zijn. Vergeet niet dat een heleboel mensen met een verlaagd afgestelde cortisolhuishouding nooit bij justitie komen. Je kunt er ook directeur van Enron mee worden. En er is een groep die gaat bij de mijnenopruimingsdienst. Of ze worden parachutespringer. Die blijken in veel gevallen een verlaagd afgestelde cortisol te hebben. Dat hebben ze ook nodig. Want anders kunnen ze niet doen wat ze doen.”

In mijn mensbeeld staat de vrije wil centraal. Nu komt de neurobioloog langs en maakt van de dader een patiënt. Daar kunnen we toch niet mee uit de voeten?

„Het héle strafrecht is op de vrije wil gebaseerd. Ik ben er niet zo bang voor dat criminelen gepsychiatriseerd worden. De biologische benadering is er al tijden. We weten dat ADHD een heel belangrijke voorspeller is van criminaliteit. Er is niks zo biologisch als ADHD. De cortisolhuishouding is eigenlijk net zoiets. Bij ADHD zijn het synapsen in de hersens en bij cortisol is het de hypofyse die de bijnierschors aanstuurt.

„Zo doen we ook al honderd jaar IQ- tests. Het IQ is voor een belangrijk deel biologisch bepaald. Rechters nemen levensbepalende beslissingen op grond van IQ-tests. Niemand doet daar moeilijk over. Het kan betekenen dat je levenslang in een tbs-inrichting wordt opgesloten met andere zwakke broeders en zusters. De hele geneeskunde barst van biologisch determinisme en dan zou opeens de psyche buiten de geneeskunde vallen? Want wie is vrij en kan doen en laten wat-ie wil?”

Hebben we meer ziekenhuizen nodig dan gevangenissen?

„Onze behandelmethodes zijn nog lang niet effectief genoeg. Zo realistisch ben ik wel. Ook al zouden we weten dat bepaald gedrag biologisch bepaald is dan nog kunnen we deze mensen niet allemaal in de psychiatrie opnemen. We hebben justitie absoluut nodig voor de beveiliging van de maatschappij tegen gevaarlijke mensen.

„Ik denk wel dat er heel veel kansen blijven liggen op jonge leeftijd. We kunnen die ogenschijnlijk onafwendbare gang richting gevangenis afbuigen.”

Wat doen we nu niet goed?

„Ik was een tijdje geleden bij een rondleiding in één van de jeugdgevangenissen. Dus ik vraag aan de hoofddirecteur van het ministerie hoe het nou toch kan dat de héle wetenschappelijke literatuur over interventies bij criminele jongeren wijst in de richting van gezinstherapie. En dat wij in 15 justitiële jeugdinrichtingen niet één gezinstherapeut in dienst hebben! Het antwoord was ‘meneer, het strafrecht richt zich op het individu. Met het gezin hebben wij niets te maken.’

„Nou, toen kreeg ik zelf een cortisolpiek natuurlijk. En tegelijk vielen me de schellen van de ogen. Als het zó werkt, wordt mij ineens een heleboel duidelijk. Dat vind ik dus een asociale reactie van de maatschappij op deze kinderen. Die worden geïsoleerd bejegend op eigen gedrag. Op de omgeving wordt niet ingegrepen.”

Dus sluiten maar, die jeugdgevangenissen?

„Een stuk of drie heb je wel nodig. Iemand die een leraar door z’n hoofd schiet moet gestraft en opgesloten worden. Dat willen wij als maatschappij. Maar ik vind wel dat straf, stoornis en gevaar uit elkaar gehaald moeten worden. Die moeten apart worden beoordeeld, liefst door verschillende functionarissen. De psychiater en de psycholoog houden zich bezig met de vraag hoe schizofreen of suïcidaal is deze jongen, wat is de biologische component. Welke behandeling moeten we indiceren? Dat zijn, los van het strafrecht, gewoon rechten van ieder kind, ook het ernstig criminele.

„Gevaar vind ik een verhaal apart. Ik zou zeggen, kies een paar inrichtingen uit die goed beveiligd zijn voor de echt gevaarlijke kinderen. En zet de rest in dagbehandeling, eventueel met detentie ’s nachts. Leer ze hun vrijheid terugverdienen. Daar is ervaring mee, dat kan goed gaan. Bij een heel grote groep hoef je niet over ernstig gevaar te spreken.

„Wij psychiaters blijven de gevangenis nodig hebben. Voor de stok achter de deur, de onbehandelbare gevallen, als nooduitlaat. Maar we moeten er ook goed mee samenwerken. De combinatie van nachtdetentie en dagbehandeling is prachtig. Het heeft jaren geduurd voordat we hier zo ver waren.”

Gaan we naar preventief strafrecht toe?

„Ik vind dat je ambulant moet behandelen, maar dan wel door deskundigen. Niet door zo’n arme gezinsvoogd of jeugdreclasseerder, die nooit de kans kreeg zich goed te laten opleiden. Die jongens halen wel heel slechte dingen uit, maar dat leidt niet bij voorbaat tot een heel slechte prognose. Alleen van psychopaten weet ik het. Dat kunnen we gewoon nog niet goed. Genezen is uitgesloten.

„Maar als die (andere, red) jongens, de meerderheid vroeg herkenbaar zouden zijn, dan zouden we weleens resultaten kunnen bereiken door extra te investeren. Niet alleen met gezinstherapie, maar ook met een strakker schoolsysteem. Daar moet dan een stevige assertiviteit- en agressietraining worden gegeven.”

Wat denkt u van het straffen van ouders als de kinderen over de schreef gaan?

„Natuurlijk moet je dat niet doen. Je moet ouders in de gezinstherapie het werk laten doen waar ze niet aan toegekomen zijn. Dat werkt, de cijfers voor Multi Systeem Therapie (MST) zijn veelbelovend. In Noorwegen heeft de regering daar radicaal voor gekozen. Dat was een heldendaad. Die regering zag ook de versnippering. Die hebben op een paar jeugdgevangenissen na alles afgeschaft en zijn landelijk op MST overgegaan, wetenschappelijk begeleid en scherp gecontroleerd. Daar zijn nu 25 MST-teams. En als ergens de recidivecijfers omhoog gaan, vliegt zo’n team er uit. Dat staat in hun contract. Ouders, broers, zussen, opa, oma, voetbalclub, school – bij deze therapie moet iedereen mee doen. De therapeuten hebben vierentwintiguursdiensten. Het is heel intensief. Uiteindelijk is het goedkoper. Je hebt minder gevangenissen nodig. En de prognoses worden beter.”