Opzij, feminist! Lang leve het burgertrutje

In haar boek ‘Leve de burgertrut’ maakt filosoof Fleur Jurgens korte metten met het ‘powerfeminisme’.

Waarom mag een moeder niet kiezen voor haar gezin?

1Nederlandse vrouwen zijn lui en ambitieloos.

Lui is de Nederlandse vrouw allerminst. De tijd die zij besteedt aan onbetaalde arbeid blijkt het afgelopen decennium stabiel of – in het geval van kinderverzorging – zelfs iets toe te nemen. Tegelijkertijd is de economische groei van de afgelopen tien jaar voor het grootste deel te wijten aan de massale toetreding van vrouwen tot de Nederlandse arbeidsmarkt. Volgens de Emancipatiemonitor 2006 is het aantal vrouwen in de werkzame beroepsbevolking van 1995 tot 2005 toegenomen met bijna 700.000 tegenover een groei van 152.000 mannen. Deze groei kwam geheel voor rekening van het aantal in deeltijd werkende vrouwen.

In vergelijking met andere Europese landen neemt Nederland inmiddels een hoge positie in als het gaat om arbeidsparticipatie van vrouwen. Dat is niet ondanks maar juist dankzij het hoge percentage vrouwen dat hier in deeltijd werkt. In een land als Italië stoppen veel jonge moeders met werken, omdat deeltijdwerk daar ondenkbaar is. Dat deeltijdwerkende Nederlandse moeders de economie schade berokkenen, zoals ‘powerfeministes’ beweren, snijdt dus geen hout.

2Hoogopgeleide moeders verkwanselen ‘kenniskapitaal’ door niet fulltime te werken. Driekwart van de hoogopgeleide, Nederlandse vrouwen krijgt een kind. Daarvan blijft 94 procent werken, hoewel in de helft van de gevallen wel minder dan voorheen: gemiddeld drie dagen per week. Die daling van het aantal arbeidsuren is vaak tijdelijk van aard. Zodra hun kinderen wat groter zijn en minder zorg behoeven, gaan de hoogopgeleide moeders ook weer meer werken.

Deze tijdelijke deeltijdwerkers ‘kopen’ tijd voor hun kroost. Zij kiezen voor een verantwoorde opvoeding van hun kinderen, die ze een zorgeloze jeugd willen bezorgen. Dan maar geen nieuwe jurk of breedbeeld-tv.

3De keuze (gedeeltelijk) thuis te blijven voor de kinderen is opgedrongen. Hedendaagse feministes stellen de Nederlandse vrouw graag voor als slachtoffer. Zodra een hoogopgeleide vrouw ervoor kiest zelf voor haar baby te zorgen, dan lijdt zij aan een acute vorm van verstandsverbijstering. ‘Stemmen’ in haar omgeving hebben haar daartoe gedwongen: haar moeder, haar vriendinnen en uiteraard de immer onderdrukkende mannen.

Maar uit onderzoek blijkt keer op keer dat deze vrouwen het liefst in deeltijd wíllen werken, om daarnaast te moederen. Zij zijn tevreden met het ‘anderhalfverdienersmodel’, waarbij de man – in goed overleg – voor het grootste deel van het inkomen zorgt. Zo gek is dit Nederlandse model nog niet. Onlangs bleek uit onderzoek van het Pew Research Center dat slechts 20 procent van de Amerikaanse moeders die fulltime werken, hun situatie als ideaal beschouwen. De overige 80 procent zou liever in deeltijd werken of helemaal stoppen. Om meer tijd voor hun kinderen te hebben.

4Je wordt niet als vrouw geboren, je wordt tot vrouw gemaakt. Dit maakbaarheidsideaal van feministe Simone de Beauvoir uit Le Deuxième Sexe (1949) blijkt achterhaald, zo niet door het gezonde verstand dan wel door de wetenschap. Man en vrouw worden wel degelijk met anders geprogrammeerde breinen geboren: zo blijkt Mars gemiddeld beter in wiskunde, Venus beter in taal.

Biologisch-evolutionaire verschillen tussen man en vrouw maken dat zij elkaar aantrekkelijk vinden en elkaar nodig hebben als ‘winning team’. En op hun beurt hebben mensenbaby’s dat winning team nodig. De baby’s van mensen worden nu eenmaal vele malen kwetsbaarder geboren dan de baby’s van andere diersoorten. Die kwetsbaarheid moet worden opgevangen door de zorg van twee ouders, die samen een financiële, fysieke en emotionele aanvulling op elkaar vormen. De eenheid en samenwerking tussen man en vrouw – thuis in het gezin – garandeert de veiligste omgeving voor kinderen.

5Het typisch Nederlandse moederschapsideaal belemmert vrouwen in hun zelfontplooiing. Bestaat zelfontplooiing altijd uit het najagen van de eigen begeerte? De hoogste vorm van zelfontplooiing komt juist met verantwoordelijkheid en plichten ten opzichte van je medemens. Dat kan elke ouder beamen.

Het moederschapsideaal is juist iets om te koesteren. Zou het toeval zijn dat van de 21 rijkste landen Nederlandse kinderen het gelukkigst zijn? In een vrije en individualistische samenleving neemt het takenpakket van ouders reusachtige proporties aan. Naast verzorgen, moeten zij hun kinderen ook begeleiden, begrenzen, cognitief stimuleren, beschermen tegen criminaliteit, vetzucht, media en commercie. Zij die geen klassieke burgerdeugden als inlevingsvermogen, opofferingsgezindheid, verantwoordelijkheid en geduld kunnen betrachten, falen onherroepelijk. Ouders zijn het morele kompas van hun kinderen geworden. Voor die verantwoordelijke taak is de gemiddelde oppas of crècheleidster, hoe professioneel ook, niet voldoende emotioneel bij een kind betrokken. Beschaving begint thuis in de huiskamer. Daar leren mensen rekening te houden met elkaar. Daar wordt barbaarsheid ingetoomd.

Moeders kunnen het zich omwille van de toekomstige generatie dan ook helemaal niet permitteren om alleen op zondag het vlees te komen snijden. En dat willen zij niet eens. Het is te hopen dat zij ook in de toekomst goed naar hun instinct blijven luisteren.

Fleur Jurgens is freelance journalist en auteur van het boek Leve de Burgertrut (Meulenhoff, 2007).

Beluister een interview met Jurgens op radio 1 via ochtenden.nl – zoekterm: Fleur Jurgens