Geef een muis, en ik bemin je

Martha Heesen: Watson of Hoe je een meisje verovert met 23 uitvindingen en 1 muis. Querido, 86 blz. € 12,95

Martha Heesen: Watson of Hoe je een meisje verovert met 23 uitvindingen en 1 muis. Querido, 86 blz. € 12,95

De opa van Veerke heeft last van muizen en dat stoort nogal tijdens het dammen. Uitvinder Carl, het tienjarig vriendje van Veerke, kan alles oplossen en hij bedenkt een manier om van het lawaaiige ongedierte af te komen – overigens zonder dat Veerke daarvan afweet, want zij zou dat maar zielig vinden. Een pan met kokende olie waarin muizen vallen die vanzelf worden gefrituurd. Een zelfbedieningsguillotine voor de knaagdiertjes. En de prijswinnaar, een lange muisvriendelijke buis die Carl vervolgens ook zelf aanlegt vanaf opa’s zolder naar buiten.

Martha Heesen, die vorig jaar een Vlag en wimpel ontving voor haar boek Wolf, heeft een inventief en grappig verhaal geschreven waarbij de tekeningen van Wim Hofman een dragende rol spelen. Op bijna elke bladzijde van Watson of Hoe je een meisje verovert met 23 uitvindingen en 1 muis heeft kinderboekenmaker Hofman muizen en schetsen van Carls vondsten getekend.

De mormels laten zich braaf het huis uit leiden. Probleem is dat ook Watson, een bijzondere zwart-witte muis en lieveling van Veerke, de buis in verdwijnt; hij bevriest als hij in de openlucht is. En dan heeft Carl het gedaan. Zo woest is Veerke dat ze niet langer met Carl wil omgaan, 23 dagen lang. Lekker in haar sop laten gaar koken zou je denken, maar zo zit Carl niet in elkaar. De jonge onderzoeker probeert haar vriendschap terug te winnen op de enige manier die hij kent. Uitvindingen tekenen – de geestige tekeningen van Hofman, die zelf schrijft én illustreert (zoals Van Aap tot Zip, 2006).

De stijl van Heesen in dit boek is vlot. ‘„Vindt een muis het fijn om te worden opgeschept?” vroeg mijn vader. „Weet ik niet,” zei ik. „Hij moet er maar aan wennen, anders is het zonde van mijn uitvinding”.’ Een enkele keer stokt het verhaal, bijvoorbeeld als Carl zijn gevoel voor Veerke probeert te verwoorden. ‘Ze heeft groenblauwe ogen. Als ze je aankijkt dan denk je: net meertjes.’ Ja ja, die niet kunnen jokken zeker, zoals in het liedje van Jaap Fischer.

Met Veerkes opa en zijn vader kan hij nog op niveau praten. Veerke is een mooie, maar overgevoelige dierenvriendin. Elke dag schuift hij een nieuwe tekening onder haar deur. Maar haarborstelautomaat noch spinnenvanger kunnen haar hart ontdooien. Alleen een nieuwe Watson. ‘Hij zei dat ik er Veerke mee zou veroveren. „Dat is precies mijn bedoeling,” antwoordde ik. „Heroveren” zei mijn vader toen, „opnieuw veroveren. Een muis als heroveringstactiek.” Een mooi woord vind ik dat.’

En Carl tekent alvast een muizenparadijs voor de nieuwe Watson, met duikplank en hometrainer. Tegen de muizenstress.