CIA vernietigde videobeeld van harde verhoren

De Amerikaanse inlichtingendienst CIA heeft zeker twee videobanden vernietigd waarop de hardhandige ondervraging van Al-Qaeda-verdachten te zien was. De CIA zegt dit gedaan te hebben om de ondervragers te beschermen tegen juridische risico’s en tegen het gevaar van vergelding door terroristen. Maar de kwestie heeft in Amerika meteen de vraag opgeworpen of de CIA hiermee niet onrechtmatig informatie heeft achtergehouden voor het Congres, de rechterlijke macht en de commissie die een onderzoek instelde naar de aanslagen van 11 september 2001.

Het gaat om opnamen die in 2002 zijn gemaakt van de ondervraging van twee verdachten, onder wie Abu Zubayda, een naaste medewerker van Osama bin Laden. Ze zouden onder meer zijn onderworpen aan de omstreden techniek van ‘waterboarding’ (gesimuleerde verdrinking). In november 2005 zijn de banden vernietigd in opdracht van de directeur geheime operaties van de CIA. De hoogste directeur van de dienst, Michael Hayden, maakte dit gisteren bekend in een brief aan zijn personeel, nadat The New York Times had aangekondigd over de zaak te zullen publiceren. Volgens Hayden is de CIA met zowel de ondervragingen als de vernietiging van het materiaal binnen de wet gebleven.

In 2003 kreeg een rechter nul op rekest van de CIA, nadat ze de dienst opdracht had gegeven om videobanden van verhoren over te dragen die relevant zouden kunnen zijn voor het proces van terreurverdachte Zacarias Moussaoui. Juristen menen dat het achterhouden en later vernietigen van de banden mogelijk ‘belemmering van de rechtsgang’ is geweest .

De door president Bush ingestelde ‘9/11-commissie’ had – ook vergeefs – de CIA formeel verzocht om transcripties en ander bewijsmateriaal van de ondervraging van gevangenen te overhandigen.

De opnames werden volgens directeur Hayden gemaakt om vast te kunnen stellen of de ondervragers zich aan de richtlijnen hielden. Na 2002 zouden geen video-oopnamen meer gemaakt zijn. (AP, Reuters)