‘Voetballer moet eerder naar rechter stappen’

Bart Hunnekens (25) won een prijs voor zijn scriptie over ‘ongerijmdheden in het voetbalcontract’. Hij ontwikkelde een formule om de transfersom van een speler te bepalen.

Advocaat Bart Hunnekens studeerde afgelopen jaar af met een scriptie over arbeidsrechtelijke problemen in het Nederlandse betaald voetbal. Zijn werk werd beloond met de prof. mr. N.J.P. Gilty Veth-scriptieprijs van de vereniging voor Sport en Recht, die is aangesloten bij sportkoepel NOC*NSF.

Wat heeft u onderzocht?

Bart Hunnekens: „Ik heb ontwikkelingen die zich voordoen bij het ontbinden van een voetbalcontract bestudeerd. Daarbij heb ik de bepalingen van wereldvoetbalbond FIFA vergeleken met de Nederlandse wetgeving. Ook heb ik onderzocht hoe de Nederlandse voetbalbond KNVB een transfervergoeding zou moeten vaststellen bij een contractontbinding, en heb ik gekeken naar de voor- en nadelen van een zogeheten eenzijdige optie in een voetbalcontract.”

Wat is er uitgekomen?

„Dat alle voetballers in Nederland het recht moeten hebben hun contract te laten ontbinden. Toen de Griek Georgios Samaras in de winter van 2005 wilde vertrekken bij SC Heerenveen, bepaalde de arbitragecommissie van de KNVB dat dat niet kon, omdat de FIFA-regels voorschreven dat een overgang alleen in de zomer mogelijk was. Dat is strijdig met het Nederlandse arbeidsrecht. Er is ook geen rechtvaardiging voor die FIFA-regel: het voetbal wordt er niet mee gediend. Als een speler uit de Nederlandse competitie met een doorlopend contract naar het buitenland wil vertrekken, doet de KNVB er goed aan om die regel buiten beschouwing te laten.”

Kunt u een bepaling formuleren die het voetbal wél dient?

„De [Europese voetbalbond] UEFA kent al een regel die spelers verbiedt om vóór de winterstop voor twee verschillende, Europese clubs uit te komen. Dat werkt namelijk competitievervalsing in de hand. Deze regel is minder ingrijpend dan een verbod op ontbinding van een contract.”

U heeft ook een mening over de door de KNVB vast te stellen transfersom bij contractontbinding.

„De voetbalbond zou in dat geval rekening moeten houden met vier zaken: de financiële schade voor de club wat betreft opleidingskosten en een eventuele eerder betaalde transfersom, de commerciële waarde van een speler, de restduur van een contract en een factor die rekening houdt met het verschil in salaris. Op basis van de genoemde factoren heb ik een formule ontwikkeld waarmee een transfersom vastgesteld kan worden.”

Met die formule had Ajacied Wesley Sneijder voor 6 miljoen euro naar Real Madrid kunnen vertrekken, en kost Ajax-spits Klaas Jan Huntelaar momenteel 14 miljoen euro.

„Vanwege het ontbreken van regels op dat vlak bepaalt de markt op dit moment de prijs. Daarom betaalde Real Madrid 27 miljoen euro voor Sneijder, en zal Huntelaar (contract tot 2010, red.) in het geval van een voortijdig vertrek waarschijnlijk meer opbrengen dan 14 miljoen.”

U bent tegen eenzijdige opties in voetbalcontracten. Waarom?

„Het komt weleens voor dat clubs in het contract met een speler een eenzijdige optie tot contractverlenging opnemen, zoals ooit het geval was bij Ajacied Hatem Trabelsi. Een dergelijke constructie biedt vaak alleen maar voordelen voor de club, en is arbeidsrechtelijk nauwelijks houdbaar. Een club zou er goed aan doen om aan een eenzijdige optie tot contractverlenging een salarisverhoging te koppelen.”

Wat zijn uw adviezen aan de bedrijfstak betaald voetbal?

„Die zou in samenwerking met FIFA en UEFA tot een systeem moeten komen, waardoor in het geval van contractontbinding transfersommen eenvoudiger bepaald kunnen worden. Verder stel ik voor om eenzijdige opties in voetbalcontracten te reguleren, met in het achterhoofd een gunstigere situatie voor voetballers.”

Wat adviseert u voetballers en hun zaakwaarnemers?

„Die zouden wat sneller met echte juridische standpunten naar de arbitragecommissie van de KNVB moeten stappen. De voetbalbond wordt dan gedwongen om over bepaalde onderwerpen een besluit te nemen, waardoor die zaken meer uniformiteit verkrijgen. Aan de andere kant ben ik ook tot de conclusie gekomen dat met name het verenigingsrecht – spelers en clubs zijn gebonden aan de KNVB, die weer vastzit aan de FIFA – voor problemen zorgt. Immers, wil men niet gebonden zijn aan de FIFA-regels, dan kan men in beginsel ook niet meedoen aan internationale toernooien. Hetzelfde geldt voor de KNVB-regels en nationale competities. Zowel spelers als clubs hebben in feite weinig keus, dat is een probleem.”

Kijk op www.sport-en-recht.nl voor de scriptie