Peuters mogelijk toch niet getoetst

Het is onzeker of de toets om taalachterstanden bij peuters op te sporen er komt. In een Kamerdebat met staatssecretaris Dijksma (Onderwijs, PvdA) bleek gisteren dat er proefprojecten lopen met een zogenoemde risicoanalyse om taalachterstanden te signaleren. Uit die proefprojecten moet blijken of de ‘peutertoets’ uiteindelijk deel gaat uitmaken van die analyse.

Eerder maakte Dijksma zich hard voor de toets en stelde ze dat deze verplicht zou worden. Later zwakte ze haar woorden af: ouders zouden worden „geadviseerd” om hun peuter met een taalachterstand te laten deelnemen aan een voorschoolse taalles.

Bij de risicoanalyse van taalachterstanden wordt vooral gekeken naar de omgeving waarin het kind leeft. Als de ouders van een kind geen Nederlands spreken, loopt dat kind bijvoorbeeld een grotere kans op een taalachterstand.

De analyse wordt waarschijnlijk niet verplicht gesteld. Dat is volgens een woordvoerder van Dijksma niet nodig, omdat via de consultatiebureaus bijna alle ouders worden bereikt.

Momenteel loopt er een proefproject in Oost-Groningen. In Zuid-Limburg en de vier grote steden gaan ze nog van start. Voor deze gebieden is gekozen omdat de taalachterstanden er het grootst zijn, zegt de woordvoerder.

Tweede Kamerlid Ineke Dezentjé Hamming (VVD) zegt „er alles aan te doen” om ervoor te zorgen dat de taaltoets er toch komt, als uit de proefprojecten blijkt dat de toets helemaal geen onderdeel meer zou worden van de risicoanalyse. De verplichte toets was Dijksma’s antwoord op een motie van VVD-partijleider Mark Rutte, die vorig jaar werd gesteund door een meerderheid in de Tweede Kamer.

Deskundigen zijn verdeeld over de toets. Volgens critici is het niet zinnig om driejarigen te toetsen.