‘In feite zijn we weer bijna terug in de Sovjet-Unie’

Heel veel onafhankelijke of kritische media heeft Rusland niet meer. De krant Kommersant is kritisch zolang ‘iemand in het Kremlin er belang bij heeft dat we verschijnen’.

Hoofdredacteur Andrej Vasiljev heeft wallen onder zijn ogen en is ongeschoren. Hij is zenuwachtig. Zijn krant Kommersant heeft enkele dagen voor de verkiezingen een interview afgedrukt met zakenman Oleg Sjvartsman. Die liet zich uit over maffiapraktijken van voormalige KGB-officieren in het zakenleven en de duistere rol van het Kremlin daarbij.

Toen hij zijn uitspraken in de krant teruglas ontplofte Sjvartsman. Zijn politieke carrière was verwoest, zijn contacten in het Kremlin lieten hem vallen. In andere media beschuldigde hij Kommersant van leugens. De krant liet het er niet bij zitten en stapte naar de rechter.

In de tijden van de Sovjet-Unie was zo’n interview nooit geplaatst. „Toen hield je als journalist altijd rekening met de belangen en wensen van de betreffende personen”, zegt de 50-jarige hoofdredacteur in zijn werkkamer op de redactie van zijn krant. „Gelukkig gaat het er nu alleen maar om of wat je schrijft juist is. Als zo’n Sjvartsman ons nu verwijt dat we dat interview nooit twee dagen voor de verkiezingen hadden mogen afdrukken, antwoord ik dat zo’n argument voor ons niet telt.”

Dat laatste wil niet zeggen dat in het Rusland van Poetin alles mogelijk is voor een journalist. „Ik heb geen enkele illusie. Want als het Kremlin het wil bestaan we morgen niet meer. Maar vooralsnog heeft iemand in het Kremlin er duidelijk belang bij heeft dat onze krant blijft verschijnen.”

Vooralsnog vertegenwoordigt Kommersant in Rusland samen met een handvol andere kranten de vrije pers. Het dagblad biedt zijn lezers zakelijke, evenwichtige berichtgeving over alle aspecten van de samenleving. Anders dan in de meeste Russische kranten wordt kritiek op de Russische president niet uit de weg gegaan. Vrijwel dagelijks schrijft verslaggever Andrej Kolesjnikov als een hofnar met veel ironie over Poetins wel en wee. „Vaak wordt mij gevraagd waarom Kolesjnikov nog over de president mag schrijven. Ik zeg dan altijd maar dat Poetin zijn artikelen leuk vindt en dan houden ze hun mond.”

De in 1984 opgerichte krant, die een oplage heeft van 122.000 exemplaren en in alle grote steden te koop is, maakt winst. Vasiljev: „We halen de duurste advertenties binnen. Dankzij die financiële onafhankelijk hoeven we niet om geld te bedelen bij onze eigenaar.”

Die eigenaar is Alisjer Oesmanov, een van de rijkste mannen ter wereld en een kennis van Poetin. „Oesmanov heeft onder meer grote belangen in Gazprom en telecombedrijven. Dagelijks schrijven we daar wel over en lang niet altijd op een gunstige manier. Als er dan kritiek van hun kant komt discussiëren we daarover, in een goede sfeer. Hetzelfde doen we met onze constructieve contacten in het Kremlin, als die iets niet in de krant willen hebben. Maar als mijn redacteuren hun werk goed hebben gedaan publiceren we.”

Over de verkiezingen kan Vasiljev kort zijn. Ze zijn volgens hem oneerlijk verlopen. „Ik begrijp alleen niet waarom Verenigd Rusland zo nodig zo’n hoog stemmenpercentage moest afdwingen. Ze hadden het toch wel gekregen.”

Volgens een van de gangbare scenario’s zou Poetin aan die grote steun een legitieme reden ontlenen om zich tot nationaal leider te laten kronen na zijn aftreden als president in 2008. „Maar waarom in godsnaam?” vraagt Vasiljev zich af. „Niemand heeft tot nu toe uitgelegd wat zo’n leider voor Rusland moet betekenen. Een nieuwe Hitler? Een nieuwe Stalin? Volgens mij weet Poetin het zelf ook niet. Misschien wordt het wel weer als in de Sovjet-Unie. Toen hadden we formeel een president en een premier, maar de echte leider was de secretaris-generaal van de Communistische Partij. En als Poetin zonodig nationaal leider wil zijn dan zal toch eerst de grondwet veranderd moeten worden. Dat kan alleen via een referendum. Het grappige is dat referenda kort voor de verkiezingen door het Kremlin zijn verboden.”

En de liberale partijen? Wat vindt Vasiljev van hun rol in de afgelopen verkiezingen? „Ze hadden geen enkele kans. Dat komt doordat we hier nooit een cultuur van oppositiepartijen hebben gehad, maar ook doordat ze zich niet konden verenigen.

„In de jaren negentig waren er wel sterke oppositiepartijen die de regering aanvielen. Die regering bestond toen uit zo’n tien oligarchen. Als die situatie was blijven bestaan hadden we in tien à twintig jaar tot een democratie kunnen komen. Maar dan hadden die oligarchen wel hun verantwoordelijkheid moeten nemen. En dat hebben ze na hun verkiezingsoverwinning van 1996 niet gedaan. Toen stopten ze met politiek maken en begonnen ze elkaar te beconcurreren.

„En nu is het te laat. De uitvoerende, de rechterlijke en de wetgevende macht zijn in één hand verenigd. Formeel is Rusland een democratie, maar in feite zijn we bijna weer terug in de Sovjet-Unie: we hebben één partij, één machtscentrum en de volledige afhankelijkheid van een meerderheid van de bevolking van een baan bij een staatsinstelling.”