Zingende moraalridders in de Gazastrook

Hamas feest minder opwindend en een stuk saaier dan Fatah. Op een bruidsfeest ontbreekt de bruid, worden andere instrumenten dan de tabla geweerd en gaan liederen over het Palestijnse leed.

Mahmoud, de negentienjarige bruidegom, danst wat ongemakkelijk met zijn mannelijke gasten in een kring. De muziek op zijn trouwfeest wordt verzorgd door zes zangers van Homad al-Watan (Hoeders van het Vaderland), het politiekoor van de militante moslimbeweging Hamas. Hun stemmen galmen over het pleintje in Gazastad onder begeleiding van een soundmixsysteem dat alleen trommelritmes van de Arabische tabla uitstoot. Andere instrumenten worden niet toelaatbaar geacht. Een tikkeltje eentonig klinken dezelfde rijmteksten telkens weer: „Welkom tot de mooiste dagen van je leven. Ze ruiken naar parfum.” De genodigden zitten in witte plastic kuipstoeltjes, sommigen met een kalasjnikov op schoot. Bekertjes ranja gaan rond.

„Dit is hoe een Hamastrouwerij eruit hoort te zien”, zegt een gast. „Bescheiden, maar het mag best een beetje vrolijk, want het is per slot van rekening een moment van blijdschap.” Van de bruid is geen spoor te bekennen. Vrouwen tonen zich niet op het straatfeest dat aan de daadwerkelijke trouwerij voorafgaat. Dat er muziek klinkt en gedanst wordt, is al vooruitstrevend genoeg. „Tien jaar geleden zou Hamas dit nooit binnen eigen gelederen hebben toegelaten. Haram!”

Het feest is tamelijk saai. Maar ondanks de verveling die van veel gezichten is af te lezen, steekt niemand een sigaret op. „Wij zijn religieuze mensen”, verklaart een genodigde. „De islam verbiedt ons dingen te doen die slecht zijn voor het lichaam.” Niet iedereen in de Gazastrook is daarvan doordrongen. Het tekort aan sigaretten door de Israëlische blokkade is een van de meest gehoorde klachten.

Evenmin wordt er met geweren in de lucht geschoten. Sinds Hamas in de Gazastrook de lakens uitdeelt is het lossen van vreugdeschoten ten strengste verboden. Het is een van de maatregelen waarmee orde en veiligheid zijn teruggebracht naar het woongebied van ruim 1,4 miljoen Palestijnen dat bekendstond om wilde schietpartijen, gewapende overvallen en ontvoeringen.

De muren van de omringende huizen zijn behangen met de portretten van martelaren. De broer van de bruidegom is er een van. Hij was lid van de paramilitaire vleugel van Hamas en werd twee jaar geleden door Israëlische troepen gedood. „We moeten altijd stilstaan bij het offer van onze martelaren”, zegt een gast. Sjeik Ahmed Ismail Yassin, de oprichter en geestelijk leider van Hamas, die door Israël in 2004 werd geliquideerd, kijkt vanaf een reusachtig spandoek lachend toe.

De bruidegom is een politieagent van Hamas. Daarom heeft hij recht op een gratis optreden van de Hoeders van het Vaderland, ook allemaal agenten. Het koor werd in juni in het leven geroepen nadat Hamas de troepen van het concurrerende Fatah verjoeg en de macht in de Gazastrook overnam. Ze spelen voor bruiloften, gevangenissen en begrafenissen van martelaren.

„Ik kreeg de opdracht een band op te richten om de islamitische moraal uit te dragen”, zegt Hosam Abu Abdu (40), de leider van de groep en politieofficier. „Het is niet alleen bedoeld voor vermaak, maar vooral ook om onze verzetstroepen die elke dag en nacht hun leven wagen, te steunen.” Waar zingen ze over? „Dat onze haat voor de vijand onverminderd is”, antwoordt hij onmiddellijk. „En dat islam staat voor vrede en liefde en dat we alleen maar uitzijn op rechtvaardigheid.”

Abu Abdu had getrainde stembanden. Jarenlang had hij vanuit de lokale moskee vijf keer per dag de gelovigen tot het gebed opgeroepen. De andere koorleden, alle vijf twintigers, koos hij uit wegens hun heldere stem bij het reciteren van de koran. Overdag werken ze als agent, ’s avonds treden ze op of komen ze in het hoofdbureau van de politie bijeen om te oefenen.

Ze weten dat Hamas’ tegenstanders de spot met hen drijven. De Hoeders worden huichelachtige moraalridders genoemd. „Mensen zeggen dat wij proberen de samenleving te islamiseren, maar dat is niet waar”, zegt Abu Abdu. „Het merendeel van onze liederen gaat over het lijden van de Palestijnen en het verlies van de Al-Aqsa moskee in Jeruzalem. Onze teksten verwoorden het bloeden van ons hart.”

Vanavond hebben de Hoeders hun camouflagepak verruild voor burgerkleding. „We gaan natuurlijk niet in militair uniform een trouwfeest opvrolijken”, verklaart de bandleider. In zwarte jas, zwarte broek en lichtblauw overhemd staan ze bewegingloos naast elkaar. Danspasjes zijn uit den boze. Ernstig en recht voor zich uitkijkend zingen ze met zware stem over daden van verzetshelden en de liefde voor het vaderland.

Hoe anders gaat het eraan toe bij een straatfeest elders in de stad. De families van bruid en bruidegom zijn onmiskenbaar aanhangers van het seculiere Fatah. Over de straat hangen de bijbehorende gele vlaggetjes. Vanuit grote speakers klinkt ophitsende Arabische muziek. Ook hier dansen alleen mannen met elkaar, maar vanuit de ramen en de balkons van de omliggende huizen kijken honderden vrouwen en meisjes toe en gooien snoep naar beneden. Een dwerg in een rode glitterjas schreeuwt door een microfoon. Hij zweept de dansende mannen op totdat ze uitzinnig staan te springen.

„Walgelijk”, zegt een gast op het feest van Mahmoud wanneer hij de beschrijving van de Fatah-bruiloft hoort. „Dat is nu precies het verderfelijke gedrag waar we schoon genoeg van hebben. Wij gaan een eind maken aan die corrupte bende.”